Bij de thema audit van Audit Vlaanderen rond niet terugvorderbare steun luidde één van de aanbevelingen: actualiseer het kader voor niet-terugvorderbare steun (visie, afspraken, criteria en/of richtlijnen). Communiceer het kader en pas het toe voor hulpvragen waarbij niet-terugvorderbare steun ingezet wordt.
De managementreactie daarop luidde:
'De niet-terugvorderbare steun maakt deel uit van de bundel principebesluiten en kan dus inhoudelijk niet los van de rest van dat document aangepast worden dat te allen tijde een samenhangend geheel moet blijven. Gezien het grote belang van deze aanbeveling zal deze in 2022 worden opgenomen.
Het managementteam wijst erop dat er sinds 2014 reeds verschillende pogingen tot updating van de principebesluiten plaatsvonden zonder evenwel een concreet resultaat te bereiken.
De laatste keer ging het concreet over het overnemen van de manier van werken van een OCMW uit een aangrenzende gemeente. Het globaal achterliggend idee hierbij is dat er afgestapt wordt van een geheel van allerhande kleine vormen van bijkomende steun en er gewerkt wordt met één allesomvattende steunnorm om te bepalen of een persoon/gezin al dan niet extra steun nodig heeft bovenop het leefloon of een uitkering om menswaardig te kunnen leven.
Heel wat OCMW’s in Vlaanderen werken met betrekking tot deze materie samen met het Centrum voor budgetadvies- en onderzoek (CEBUD). Met Remi (referentiebudgetten voor een menswaardig inkomen) heeft Cebud een (online) tool ontwikkeld die antwoord geeft op de vraag of en in welke mate burgers die bij het OCMW aankloppen financieel behoeftig zijn. Hiermee kunnen hulpverleners én leden van het Bijzonder Comité Sociale Dienst (BCSD) individuele leefsituaties gelijkwaardig en objectief beoordelen en op basis daarvan gepaste steun verlenen. Dankzij Remi gebeurt de beoordeling van de behoeftigheid steeds vanuit hetzelfde wetenschappelijk kader en wordt er toch rekening gehouden met de eigenheid van elke cliënt (bijv. de intensiteit van de verslaving). Dezelfde cliëntsituatie zal door verschillende hulpverleners daardoor op dezelfde manier worden beoordeeld, volgens Cebud. Ook hier is het nodig om vooraf afspraken te maken over de doelgroep waarvoor Remi zal toegepast worden en over de uitgaven en de inkomsten die het OCMW meeneemt in de berekening.
Bijkomend pluspunt is dat software ontwikkelaar Cevi Logins waarvan de eigen sociale dienst software gebruikt, een integratie heeft voorzien met de Remi tool wat het mogelijk maakt om vanuit de software de tool aan te spreken zodat er maximaal gebruik kan gemaakt worden van de in het dossier aanwezige informatie. De informatie kan ook opgenomen worden in het sociaal verslag. Cevi ontwikkelde ook een methode om het bedrag voor aanvullende financiële hulp te bepalen gebaseerd op de dossierinformatie.
Binnen deze methode kan Remi als basis gebruikt worden of als onderdeel in combinatie met een eigen berekening.
Het managementteam is ervan overtuigd dat de inzet van een objectieve, wetenschappelijk onderbouwde tool een meerwaarde zou zijn en zal dit verder onderzoeken.
Voor het managementteam is het daarnaast belangrijk dat de bestaande praktijk binnen de eigen sociale dienst waarbij maatschappelijk werkers concrete dossiers kunnen bespreken op intervisiemomenten met het team en op coachingmomenten met het diensthoofd zeker behouden blijft. De verbeteringsmarge zit hem dus inderdaad in het aanscherpen van de kwaliteit van het algemeen kader dat de organisatie haar maatschappelijk werkers aanreikt.'
In de exploitatiebegroting 2023 werd ruimte voorzien voor de aanschaf van:
- de remi tool zelf;
- kosten verbonden met de (ingebruikname van de) link met de software van de sociale dienst (New Horizon).
De federale regering wil de OCMW’s aanmoedigen om op basis van het REMI-systeem, zoals ontwikkeld door het Centrum voor budgetadvies en -onderzoek (CEBUD), aanvullende financiële steun te voorzien voor huishoudens die over een ontoereikend inkomen beschikken, of dat nu gaat over een inkomen uit bijstand, uitkering of arbeid. De aanvullende financiële steun veronderstelt het meewerken aan een activeringstraject op maat (al dan niet via het bestaande GPMI).
(Regeerakkoord van 30 september 2020; p.27)
De begunstigde van deze aanvullende financiële steun verbindt zich ertoe een sociaal of professioneel activeringstraject te volgen, behalve
1° indien gezondheids- of billijkheidsredenen dit verhinderen;
2° indien deze zich reeds in een activeringstraject bevindt;
3° indien deze reeds aan het werk is.
OCMW Edegem heeft een aanvraag tot toelage ingediend om de REMI licentie te bekomen (voor een periode van 1 jaar) en om aanvullende financiële steun toe te kennen overeenkomstig de voorwaarden omschreven in het Koninklijk Besluit van 22 januari 2023 houdende een toelage voor het gebruik van de REMI-tool om aanvullende financiële steun te verlenen aan OCMW-begunstigden waarvan de toelageperiode loopt van 1 mei 2023 tot en met 29 februari 2024.
Per KB werd beslist om OCMW Edegem 31.227,93 EUR toe te kennen dat als volgt kan aangewend worden: 1.667,38 EUR (incl BTW) ter financiering van de licentieprijsen 29.560,55 EUR ter financiering van de aanvullende steun die met toepassing van de Remitool wordt toegekend.
Om daadwerkelijk toegang te kunnen krijgen tot REMI, dient elk gesubsidieerd OCMW zich akkoord te verklaren met de bepalingen van het raamcontract tussen Thomas More Kempen (Expertisecentrum Budget en Financieel Welzijn). Dit raamcontract bevat een samenwerkingsovereenkomst, een verwerkersovereenkomst en een beveiligingshandleiding.
Koninklijk Besluit van 22 januari 2023 houdende een toelage voor het gebruik van de REMI-tool om aanvullende financiële steun te verlenen aan OCMW-begunstigden waarvan de toelageperiode loopt van 1 mei 2023 tot en met 29 februari 2024.
Koninklijk besluit van 22 januari 2023 houdende een toelage voor het gebruik van de REMI-tool om aanvullende financiële steun te verlenen aan OCMW-begunstigden: https://www.mi-is.be/sites/default/files/documents/kb_van_22_januari_2023_houdende_een_toelage_voor_het_gebruik_van_de_remi-tool.pdf
De raad verklaart zich akkoord met het raamcontract met Thomas More Kempen (Expertisecentrum Budget en Financieel Welzijn). Dit raamcontract bevat een samenwerkingsovereenkomst, een verwerkersovereenkomst en een beveiligingshandleiding.