Het arbeidsreglement regelt de arbeidsvoorwaarden tussen het gemeentebestuur en het personeel van de onderwijsinstellingen. Gewijzigde afspraken rond aanwezigheid op activiteiten en het volgen van bijscholing, dienen in het arbeidsreglement gestipuleerd te zijn, evenals de nieuwe wetgeving in verband met de preventie van psychosociale risico’s op het werk.
Het decreet van 27 maart 1991 en zijn wijzigingen
Deze regelen de rechtspositie van het personeel van de onderwijsinstellingen en leggen grotendeels de regels vast over tijdelijke aanstelling en vaste benoeming.
Het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1992
Dit legt regels vast over de verdeling van betrekkingen, de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, de reaffectatie, de wedertewerkstelling en de toekenning van een wachtgeld of wachtgeldtoelage.
De wet van 28 februari 2014 betreffende de preventie van psychosociale risico’s op het werk (ter aanvulling van de welzijnswet)
Deze bepaalt de verplichtingen waaraan de werkgever moet voldoen in dit kader. Er staan in de wet tevens voorschriften over de minimale bepalingen die in het arbeidsreglement van de onderneming moeten opgenomen worden.
De wet van 28 maart 2014 tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek en de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk wat de gerechtelijke procedures betreft.
Het koninklijk besluit van 10 april 2014 betreffende de preventie van psychosociale risico’s op het werk.
Ingevolge wetswijzigingen is het vereist de specifieke bepalingen voor Andreas Vesalius Edegem op te nemen in de arbeidsreglementen.
Voortaan is er sprake van “psychosociale risico’s op het werk”. In de wetgeving werd een definitie van dit begrip opgenomen. De wettelijke bepalingen hebben betrekking op de preventie van het geheel van de psychosociale risico’s en zijn niet langer enkel gericht op de preventie van geweld, pesterijen en ongewenst seksueel gedrag op het werk. In het kader van het preventiebeleid van de onderneming dient rekening gehouden te worden met de psychosociale risico’s, zoals dit ook geldt voor alle andere risico’s die de gezondheid en de veiligheid van de werknemers kunnen aantasten.
De rol van de verschillende actoren die betrokken zijn bij de preventie van de psychosociale risico’s, namelijk de werkgever, de hiërarchische lijn, het comité voor preventie en bescherming op het werk, de vertrouwenspersoon, de preventieadviseur psychosociale aspecten, de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer en de preventieadviseur van de interne dienst voor preventie op het werk, alsook de uitwisseling van informatie tussen deze actoren werd verduidelijkt.
Waar mogelijk, verwijst het aangepaste arbeidsreglement naar de wetgeving waaraan het gesubsidieerde officiële basisonderwijs onderhevig is.
De raad keurt de aangepaste versie van het arbeidsreglement goed.