Terug
Gepubliceerd op 08/02/2022

2017_GR_00108 - huisvesting - gemeentelijk reglement registratie verwaarloosde woningen en gebouwen - goedkeuring

Gemeenteraad
ma 23/10/2017 - 20:00 raadzaal Gemeentehuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Metsu, burgemeester; Peter Verstraeten, schepen; Jeroen Van Laer, schepen; Birre Timmermans, schepen; Koen Michiels, schepen; Goedele Van der Spiegel, schepen; Ine Bosschaerts, schepen; Koen Snyders, raadslid; Jan Pszeniczko, raadslid; Mia De Schamphelaere, raadslid; Brigitte Vermeulen-Goris, OCMW voorzitter; Bart Breugelmans, raadslid; Elke Tindemans, raadslid; Sien Pillot, raadslid; Cynthia Govers, raadslid; Stefan De Winter, raadslid; Wim Verrelst, raadslid; Marc Van Leemput, raadslid; Shana Convents, raadslid; Erik Schiltz, raadslid; Pascale Van de Vorst-Swolfs, raadslid; Koen Lauriks, raadslid; René Janssens, raadslid; Gerd Tahon, raadslid; Patricia Dierickx, raadslid; Katleen De Prins, secretaris

Afwezig

Klaas Meesters, raadslid

Verontschuldigd

Philippe Muyters, voorzitter

Secretaris

Katleen De Prins, secretaris

Stemming op het agendapunt

2017_GR_00108 - huisvesting - gemeentelijk reglement registratie verwaarloosde woningen en gebouwen - goedkeuring

Aanwezig

Koen Metsu, Peter Verstraeten, Jeroen Van Laer, Birre Timmermans, Koen Michiels, Goedele Van der Spiegel, Ine Bosschaerts, Koen Snyders, Jan Pszeniczko, Mia De Schamphelaere, Brigitte Vermeulen-Goris, Bart Breugelmans, Elke Tindemans, Sien Pillot, Cynthia Govers, Stefan De Winter, Wim Verrelst, Marc Van Leemput, Shana Convents, Erik Schiltz, Pascale Van de Vorst-Swolfs, Koen Lauriks, René Janssens, Gerd Tahon, Patricia Dierickx, Katleen De Prins
Stemmen voor 26
Birre Timmermans, Peter Verstraeten, Goedele Van der Spiegel, Jeroen Van Laer, Koen Metsu, Koen Michiels, Ine Bosschaerts, Bart Breugelmans, Shana Convents, Mia De Schamphelaere, Stefan De Winter, Cynthia Govers, René Janssens, Koen Lauriks, Klaas Meesters, Patricia Dierickx, Sien Pillot, Jan Pszeniczko, Erik Schiltz, Koen Snyders, Gerd Tahon, Elke Tindemans, Pascale Van de Vorst-Swolfs, Wim Verrelst, Marc Van Leemput, Brigitte Vermeulen-Goris
Stemmen tegen 0
Onthoudingen 0
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2017_GR_00108 - huisvesting - gemeentelijk reglement registratie verwaarloosde woningen en gebouwen - goedkeuring 2017_GR_00108 - huisvesting - gemeentelijk reglement registratie verwaarloosde woningen en gebouwen - goedkeuring

Motivering

Argumentatie

Verwaarlozing van woningen en gebouwen op het grondgebied van de gemeente dient  voorkomen en bestreden te worden om de verloedering van de leef- en woonomgeving tegen te gaan. Het is wenselijk dat het op het grondgebied van de gemeente beschikbare patrimonium voor wonen optimaal benut wordt. Het is bovendien nuttig om een geïntegreerd beleid te voeren ter bestrijding van leegstand en verwaarlozing van woningen en gebouwen.

Verwaarlozing gaat over de uitwendige toestand van het gebouw, ongeacht of het dienst doet als woning. Op basis van het technisch verslag wordt het beoordeeld.

Juridische grond

Gelet op artikel 170, §4 van de Grondwet.
Geen last of belasting kan door de agglomeratie, de federatie van gemeenten en de gemeente worden ingevoerd dan door een beslissing van hun raad.

Decreet van 22 december 1995 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1996.
Regelt de gewestelijke hoofdlijnen in kader van het register van verwaarloosde gebouwen en woningen.

Decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur.
Regelt de openbaarheid van bestuur.

Gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikelen 42, §3, 43, §2, 15°, 186, 187 en 253, §1, 3°.
Regelt de bevoegdheden van de gemeenteraad en hoe en wanneer de reglementen en verordeningen van de gemeenteraad bekend gemaakt worden. 

Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Dit decreet is van toepassing op de belastingen die worden gevestigd door de provincies en de gemeenten in het Vlaamse Gewest.

Decreet van 23 december 2016 betreffende diverse fiscale bepalingen en bepalingen omtrent de invordering van niet-fiscale schuldvorderingen, artikel 25.
Regelt de gewestelijke hoofdlijnen in kader van het register van verwaarloosde gebouwen en woningen.

Ministerieel besluit van 03 april 2017 houdende goedkeuring van de subsidie voor IVLW Zuidrand.
Goedkeuring minister verlengingsdossier IVLW Zuidrand.

Aanleiding en context

Op 22 december 2016 besliste het Vlaams Parlement om het beleid rond de bestrijding van verwaarlozing volledig toe te vertrouwen aan de gemeenten. Deze beslissing is bekrachtigd en afgekondigd door de Vlaamse Regering op 23 december 2016 en is in werking getreden op 1 januari 2017. Het Gewest bepaalt alleen nog de hoofdlijnen. De gemeenten hebben verder volledige beleidsvrijheid in het registreren en belasten van verwaarloosde panden.

Gemeenten kunnen een register van verwaarloosde gebouwen en woningen bijhouden. Het opsporen, de inventarisatie en de aanpak van verwaarloosde woningen en gebouwen werd als activiteit opgenomen in het verlengingsdossier van de Interlokale Vereniging Lokaal Woonbeleid Zuidrand (IVLW Zuidrand). Op 28 november 2016 keurde de raad de verdere deelname aan deze intergemeentelijke samenwerking goed. Op 3 april 2017 keurde de minister het verlengingsdossier van IVLW Zuidrand en de bijhorende activiteiten goed.

Een gemeentelijke verordening over de registratie van verwaarloosde woningen en gebouwen dient bepaald te worden.

Regelgeving: bevoegdheid

40281abc4be19cb9014be1c12d9b0221 40281abc4be19cb9014be1c12d9b022d

Regelgeving bevoegdheid

Artikel 42, §3 van het gemeentedecreet
<p><span style="text-decoration: underline;">Artikel 42, &sect;3 van het gemeentedecreet</span><br />De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Onverminderd de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad tot het vaststellen van politieverordeningen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente.</p>
Artikel 43, §2, 15°van het gemeentedecreet
<p><span style="text-decoration: underline;">Artikel 43, &sect;2, 15&deg;van het gemeentedecreet<strong></strong></span><br />De gemeenteraad is bevoegd voor het vaststellen van de gemeentebelastingen en het vaststellen van de machtiging tot het heffen van de retributies en de voorwaarden ervan.</p>

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van dit reglement wordt begrepen onder:
1° Beveiligde zending: één van de hiernavolgende betekeningswijzen:
a) een aangetekend schrijven;
b) een afgifte tegen ontvangstbewijs.

2° Bezwaarinstantie: het college van burgemeester en schepenen;

3° Gebouw: elk bebouwd onroerend goed, dat zowel het hoofdgebouw als de bijgebouwen omvat, met uitzondering van de bebouwde onroerende goederen die vallen onder de toepassing van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten;

4° Gewestelijke inventarislijst van verwaarloosde gebouwen en/of woningen: de inventarislijst, tot 31 december 2016 vermeld in artikel 28, §1, eerste lid, 1° van het Heffingsdecreet;

5° Gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen: de inventaris, sinds 1 januari 2017 vermeld in artikel 26 van het Heffingsdecreet;

6° Gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen: het register vermeld in artikel 3, §1 van dit reglement;

7° Heffingsdecreet: het decreet van 22 december 1995 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1996;

8° Registerbeheerder: de gemeentelijke administratieve eenheid en/of intergemeentelijke administratieve eenheid die door het gemeentebestuur wordt belast met de opmaak, het beheer en de actualisering van het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen;

9° Registratiedatum: de datum waarop een woning of een gebouw met toepassing van artikel 4 van dit reglement in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen is opgenomen;

10° Verwaarlozing: een gebouw, ongeacht of het dienst doet als woning, wordt beschouwd als verwaarloosd, wanneer het ernstige zichtbare en storende gebreken of tekenen van verval vertoont aan buitenmuren, voegwerk, schoorstenen, dakbedekking, dakgebinte, buitenschrijnwerk, kroonlijst of dakgoten.

11° Woning: elk onroerend goed of deel ervan dat hoofdzakelijk bestemd is voor de huisvesting van een gezin of alleenstaande;

12° Zakelijk gerechtigde: de houder van één van de volgende zakelijke rechten:
a) de volle eigendom;
b) het recht van opstal of van erfpacht;
c) het vruchtgebruik.

Artikel 2

Vaststelling van de verwaarlozing
De door het college van burgemeester en schepenen of de door het beslissingsorgaan van de intergemeentelijke administratieve eenheid met de opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden, stellen de verwaarlozing van een woning of een gebouw vast aan de hand van het model van technisch verslag dat als bijlage is toegevoegd aan dit reglement. Er is sprake van verwaarlozing als de indicaties in dit verslag een eindscore opleveren van minimaal 12 punten. Aan het verslag wordt minstens één foto van de woning of het gebouw toegevoegd.

Artikel 3

Gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen
§1. De gemeente houdt een gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen bij.

In dit register worden minimaal de volgende gegevens opgenomen:

1° het adres van de verwaarloosde woning of het verwaarloosde gebouw;
2° de kadastrale gegevens van de verwaarloosde woning of het verwaarloosde gebouw;
3° de identiteit en het adres van alle zakelijk gerechtigden;
4° de toestand van verwaarlozing van de woning of het gebouw, inclusief het technisch verslag;
5° de eventuele ligging binnen de grenzen van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan;
6° de eventuele voorbereiding van een onteigeningsplan waarbinnen het verwaarloosd gebouw zich situeert.

Artikel 4

Registratie van verwaarloosde woningen en gebouwen
§1. De registerbeheerder neemt een woning of een gebouw, waarvan is vastgesteld dat het verwaarloosd is, op in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen, de vijfde werkdag na het verstrijken van de bezwaartermijn vermeld in artikel 6, §1, tweede lid, 4° of, wanneer een ontvankelijk bezwaar is ingediend, de eerste werkdag die volgt op de beslissing waarbij geoordeeld wordt dat het bezwaar ongegrond is.

§2. Een woning die of een gebouw dat opgenomen is in het gemeentelijk register van leegstaande gebouwen of woningen, kan eveneens worden opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

Een woning die opgenomen is in de gewestelijke inventaris van ongeschikte en onbewoonbare woningen, kan eveneens worden opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

Artikel 5

Kennisgeving van de voorgenomen registratie
Alle zakelijk gerechtigden, zoals bekend bij de administratie van het Kadaster, de Registratie en de Domeinen, worden met een beveiligde zending in kennis gesteld van het voornemen om de woning of het gebouw op te nemen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

Deze kennisgeving bevat:
1° het technisch verslag;
2° informatie over de gevolgen van de registratie, inclusief verwijzing naar dit reglement;
3° informatie over de bezwaarprocedure tegen de opname in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen;
4° informatie over de mogelijkheid tot schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

De beveiligde zending wordt gericht aan de woonplaats van de zakelijk gerechtigde(n). Is een woonplaats van een zakelijk gerechtigde niet gekend, dan wordt de beveiligde zending gericht aan zijn verblijfplaats. Is de verblijfplaats van een zakelijk gerechtigde niet gekend, dan vindt de betekening plaats aan het adres van de woning of het gebouw waarop het technisch verslag betrekking heeft.

Artikel 6

Bezwaar tegen de voorgenomen registratie
§1. Tegen het voornemen, om een woning of een gebouw op te nemen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen, vermeld in artikel 5, kan de zakelijk gerechtigde bezwaar indienen bij de bezwaarinstantie.

Op straffe van nietigheid moet het bezwaarschrift:
1° ondertekend en gemotiveerd zijn;
2° met een beveiligde zending worden ingediend;
3° minimaal de volgende gegevens bevatten:
a) de identiteit en het adres van de indiener;
b) de vermelding van het adres van de woning of het gebouw waarop het bezwaarschrift betrekking heeft;

4° worden betekend binnen een termijn van dertig dagen, die ingaat de dag na de betekening van de beveiligde zending vermeld in artikel 5.

§2. Een laattijdig ingediend bezwaar tegen een voorgenomen registratie wordt behandeld als een verzoek tot schrapping als vermeld in artikel 7.

Bij betekening per aangetekend schrijven geldt de datum van verzending als datum van de indiening van het bezwaarschrift.

§3. De vaststelling van de verwaarlozing kan betwist worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed.

§4. Als het bezwaarschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.

§5. De bezwaarinstantie stuurt aan de indiener van een bezwaarschrift een ontvangstbevestiging.

§6. De bezwaarinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke bezwaarschriften. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden.

§7. De bezwaarinstantie doet uitspraak over het bezwaar en betekent zijn beslissing met een beveiligde zending aan de indiener ervan, binnen een termijn van orde van negentig dagen, die ingaat de dag na de betekening van het bezwaarschrift.

§8. Wordt het bezwaar ingewilligd, dan wordt de woning of het gebouw niet opgenomen in het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

Artikel 7

Schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen
§1. De registerbeheerder schrapt een woning of een gebouw uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen wanneer de zakelijk gerechtigde bewijst dat de woning of het gebouw geen indicaties van verwaarlozing meer vertoont die bij quotering in het model van technisch verslag, vermeld in artikel 2, 12 punten of meer zouden opleveren. De zakelijk gerechtigde richt hiertoe een schriftelijk verzoek aan de registerbeheerder.

Op straffe van nietigheid moet dit verzoek:
1° ondertekend en gemotiveerd zijn;
2° met een beveiligde zending worden ingediend;
3° minimaal de volgende gegevens bevatten:
a) de identiteit en het adres van de indiener;
b) de vermelding van het adres van de woning of het gebouw waarop het verzoek betrekking heeft.

Bij betekening per aangetekend schrijven geldt de datum van verzending als datum van de indiening van het verzoek tot schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

§2. De beëindiging van de staat van verwaarlozing kan aangetoond worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed.

§3 Als het verzoek tot schrapping ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.

§4. De registerbeheerder stuurt aan de indiener van het verzoek tot schrapping een ontvangstbevestiging.

§5. De registerbeheerder onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke verzoeken tot schrapping. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden.

§6. De registerbeheerder doet uitspraak over het verzoek tot schrapping en betekent zijn beslissing met een beveiligde zending aan de indiener ervan, binnen een termijn van negentig dagen die ingaat de dag na de betekening van verzoek.

Als de kennisgeving vermeld in het eerste lid niet is gebeurd binnen de voorziene termijn, wordt het verzoek tot schrapping geacht te zijn ingewilligd.

§7. Wordt het verzoek ingewilligd, dan wordt de woning of het gebouw geschrapt uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen. De datum van betekening van het verzoek tot schrapping geldt als datum van schrapping uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

Artikel 8

Beroep tegen weigering tot schrapping
§1. Tegen de beslissing tot weigering van de schrapping van een woning of gebouw uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen kan de zakelijk gerechtigde beroep aantekenen bij de bezwaarinstantie.

Op straffe van nietigheid moet dit beroep:
1° ondertekend en gemotiveerd zijn;
2° met een beveiligde zending worden ingediend;
3° minimaal de volgende gegevens bevatten:
a) de identiteit en het adres van de indiener;
b) de vermelding van het adres van de woning of het gebouw waarop het verzoek betrekking heeft;
c) de weigeringsbeslissing;
4° worden betekend binnen een termijn van 30 dagen die ingaat de dag na de betekening van de weigeringsbeslissing.

§2. De beëindiging van de staat van verwaarlozing kan aangetoond worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, uitgezonderd de eed;

§3 Als het beroepschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.

§4. De bezwaarinstantie stuurt aan de indiener van het beroep een ontvangstbevestiging.

§5. De bezwaarinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke beroepen. Het onderzoek gebeurt op stukken als de feiten vatbaar zijn voor een directe, eenvoudige vaststelling. Als een onderzoek op stukken niet volstaat, wordt een feitenonderzoek uitgevoerd door de met opsporing van verwaarloosde woningen en gebouwen belaste personeelsleden.

§6. De bezwaarinstantie doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing met een beveiligde zending aan de indiener ervan, binnen een termijn van negentig dagen die ingaat de dag na de betekening van beroepschrift.

Als de kennisgeving vermeld in het eerste lid niet is gebeurd binnen de voorziene termijn, wordt het beroep geacht te zijn ingewilligd.

§7. Wordt het beroep ingewilligd, dan wordt de woning of het gebouw geschrapt uit het gemeentelijk register van verwaarloosde woningen en gebouwen.

Artikel 9

Slotbepalingen
§1 Dit reglement treedt in werking vanaf de goedkeuring door de gemeenteraad.

§2 De gemeenteraad belast het college van burgemeester en schepenen met de uitvoering van dit besluit.