Het verslag van de openbare vergadering van de plenaire raad wordt aangenomen en goedgekeurd.
Het zal aldus in het register der notulen worden overgenomen.
Voor het jaar 2017 dienen de data bepaald te worden voor de vergaderingen van de verschillende organen. De data voor de gemeenteraden en raadscommissies zijn reeds bepaald.
Om een goede werking te kunnen verzekeren dient er met verschillende andere organen rekening gehouden te worden.
De planning van de vergaderingen voor 2017 wordt goedgekeurd.
Katrien Van Hove legt uit dat dit een besparing vormt omdat de boekhouder (B-niveau) wordt vervangen door iemand op C-niveau. Deze verandering hypothekeert geenszins de eventuele toekomstige samenwerking met de financiële dienst van de gemeente.
De functie van administratief medewerker financiële dienst werd openverklaard buiten kader.
Aangezien dit om een functie buiten kader betreft, moet nog een functiebeschrijving worden opgemaakt.
Er wordt akte genomen van de bijgevoegde functiebeschrijving voor administratief medewerker financiële dienst.
De voorzitter geeft aan dat er een zuivere balans zal gemaakt worden van het wzc met het oog op de toekomst, inclusief afschrijvingen, kost voor ondersteunende diensten, .... Dit zal een heel ander beeld geven. Deze oefening zal ook meegenomen worden in de vorming van het budget 2017.
Ze herinnert ook aan politieke afspraken in het verleden over wat het WZC zelf ten laste moest nemen. Het college heeft zich hier opnieuw over beraden. De afspraak blijft dat afschrijvingen van de gebouwen ten laste van de gemeente zijn. Het WZC moet dit dus niet in het bedrijfseconomisch resultaat opnemen.
Op vraag van dhr. Delarbre antwoordt Katrien Van Hove (financieel beheerder) dat het WZC ook niet de pensioenlast of algemene kosten moet verrekenen. De responsabiliseringsbijdrage blijft ten laste van het OCMW.
Wat de ondersteunende diensten betreft, moet het aantal effectief ingezet VTE voor het WZC aangerekend worden.
De uitvoering van de begroting 2016.
Het is belangrijk dat de OCMW-raad de vinger aan de pols kan houden over de uitvoering van de begroting en kan bijsturen waar nodig.
De financieel beheerder, mevr. Katrien Van Hove, geeft toelichting bij haar nota (zie bijlage): eerst en vooral is het globaal tussentijds resultaat iets positiever dan in 1e kwartaal.
De Raad voor Maatschappelijk Welzijn keurt de begrotingscontrole dd. 30 september 2016 goed.
Beheers- en beleidscyclus - meerjarenplanning 2014-2019 - budget 2016.
De kerntaakhoofden koppelen over de uitvoering van hun beleidsdoelstellingen terug in hun respectievelijke Bijzondere Comités.
De Raad voor Maatschappelijk Welzijn spreekt zich op zijn vergaderingen uit over voorstellen tot beslissing voor de andere beleidsdoelstellingen.
De secretaris koppelt op de vergaderingen van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn terug over de beslissingen binnen de stuurgroep voor de integratie van OCMW en gemeente.
Dhr. Filip Schramme, secretaris, heeft een samenvattend rapport gemaakt (zie bijlage) om de Raad voor Maatschappelijk Welzijn toe te laten te sturen op hoofdlijnen.
Hij becommentarieert het document op de vergadering.
Regelgeving op de Beheers- en Beleidscyclus.
De Raad voor Maatschappelijk Welzijn keurt het rapport over de realisatiegraad van de prioritaire beleidsdoelstelllingen goed.
Op vraag van dhr. Van Lint, wijst mevr. De Cleyn erop dat een crematie meer kost dan een begrafenis door de kosten van het crematorium.
De voorzitter legt uit dat de begrafenis van behoeftige bewoners binnen WZC door de firma De Cock gebeuren. De begrafenis van de andere bewoners gebeurt door de firma De Backer.
Op vraag van dhr. Van Herwegen antwoordt de financieel beheerder dat Het contract met de firma De Cock al langer dan vier jaar loopt. De secretaris zal het nodige doen voor de organisatie van een nieuwe marktbevraging.
De voorzitter verduidelijkt dat de Raad voor Maatschappelijk Welzijn nu beslist over het principe dat het OCMW ook kan tussenkomen in de kosten van een crematie voor het geval de behoeftige hiervoor kiest.
Het principebesluit dd. 24 juni 2004 dat bepaalt in hoeverre het OCMW tussenkomt in de kosten van de begrafenis van behoeftige mensen:
"Begrafenissen voor behoeftige residenten en cliënten sociale dienst
De nabestaanden kunnen volgende extra uitgaven maken, die zij rechtstreeks dienen te betalen aan de firma A. Verbeeck & De Cock:
- bijkomende kosten voor aankoop van grond en grafzerk + kosten voor begrafenis en overbrenging naar land van herkomst, noodzakelijk om begraving op een begraafplaats, specifiek voorzien voor bepaalde religieuze overtuigingen, mogelijk te maken.
- bijkomende doodsbrieven
- bijkomende doodsprentjes
- eventueel voorzien van doodsprentjes van een foto
Deze symbolen overtreffen dat wat als norm gehanteerd wordt inzake “waardig begraven van behoeftige medemensen”. Dergelijke wilsbeschikkingen kunnen enkel worden uitgevoerd wanneer de begrafenis “privaat” georganiseerd en rechtstreeks betaald wordt door de nabestaanden aan hun privaat gekozen begrafenisondernemer."
Er wordt dus rekening gehouden met bepaalde “wensen” van de overledene voor zover we die kunnen te weten komen en voor zover het past binnen het principebesluit inzake de OCMW-begrafenis. Deze interne reglementering laat ondermeer geen crematie toe wanneer hiervoor door de overleden voorafgaandelijk niet de nodige formaliteiten zijn vervuld. Zonder wilsbeschikking is er enkel de keuze tussen een burgerlijke of kerkelijke ceremonie met begraving op het kerkhof van Edegem.
De voorkeuren van mensen veranderen voortdurend, zo ook in verband met de uitvaart. Meer en meer mensen kiezen voor een crematie.
Het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging
De Raad voor Maatschappelijk Welzijn keurt volgende wijziging van het principebesluit over de tussenkomst in de kosten van de begrafenis goed: "De kosten van de crematie en de asbestemming voor een behoeftige worden in de regel ten laste genomen van het OCMW." De precieze kostprijs hiervan wordt vastgelegd in de offerte van de begrafenisondernemer die de overheidsopdracht toegewezen krijgt.
De financieel beheerder legt uit dat twee bijkomende VTE binnen de Lokale Diensteneconomie (poetshulp bij de aanvullende thuiszorg) 8000 à 9000 euro per jaar per VTE kost maar er is ook nog gesco financiering. Daarom kan je voor de 2 bijkomende VTE uitgaan van een globale kost van 10.000 euro.
Binnen de regieregio van KINA p.v. (project ‘Regie Sociale Economie’) zijn er 12 lokale diensteneconomie (=LDE) initiatieven. Sinds 1 april 2015 is het nieuwe LDE decreet van kracht. Eén van de belangrijkste wijzigingen van dit decreet houdt in dat er tegen 2018 binnen één initiatief voor minimum 5 gesubsidieerde VTE doelgroepwerknemers een inschakeling moet zijn. Van de 12 initiatieven in het regiegebied voldoen er 9 niet aan deze voorwaarde. Deze initiatieven zijn genoopt om voor deze schaalgrootte een oplossing te zoeken als ze hun contingenten willen behouden. OCMW Edegem heeft een contingent van 4 VTE LDE, nl. als poetshulp in de aanvullende thuiszorg.
Het BC seniorenzorg dd. 30 augustus 2016 keurde het voorstel van KINA p.v. goed om vzw Hefboom de geïnteresseerde initiatieven te begeleiden bij het uitdenken van een nieuwe structuur en werking, zodat de LDE-initiatieven in de toekomst op een rendabele manier kunnen blijven bestaan én voldoen aan de voorwaarden in het decreet.
Op vrijdag 28 oktober vond de eerste vergadering met iemand van Hefboom vzw bij plaats. De vertegenwoordiger wees erop dat OCMW Boechout per 31 december 2016 zijn LDE stopzet zodat hun contingent van 2 VTE vrij komt.
Boechout had 2 VTE in dienst via een open oproep (zie bijlage). Hun personeel werd geheroriënteerd. 1 medewerker stroomt door naar het normaal economisch circuit op 21/11 en de andere op 1/1/2017. 1 naar de Oppasdienst en 1 naar de Karweidienst van Familiehulp
OCMW Boechout is bereid dit contingent aan ons over te hevelen.
OCMW Edegem heeft een LDE-contingent van 4 VTE. Gezien de minimum schaalgrootte voor bestaande LDE-initiatieven per 1 januari 2018 5 VTE wordt, zijn we erg geïnteresseerd in dit contingent van Boechout.
De Raad voor Maatschappelijk Welzijn keurt de overname van het contingent van 2 VTE van OCMW Boechout per 1 januari 2017 principieel goed.
De Raad voor Maatschappelijk Welzijn machtigt de secretaris om alle maatregelen te nemen die nodig zijn om deze overname te realiseren.
Op de vraag van mevr. Ann De Cleyn of hier geen financiering tegenover staat, antwoordt de secretaris dat dit nog niet duidelijk is. Dat zal pas duidelijk worden na de eerst pilootprojecten
De secretaris zal de VVSG presentatie bijvoegen.
Het zorg- en welzijnslandschap in Vlaanderen staat voor grote uitdagingen. De secretaris, de coördinator thuiszorgdiensten en de directeur van het WZC gaven een toelichting aan de Raad voor Maatschappelijk Welzijn over de conceptnota van Vlaams Minister voor Welzijn over de ouderenzorg van de toekomst. Deze nieuwe visietekst schuift de ‘actief zorgzame buurt’ naar voor als toekomstmodel voor Vlaanderen en Brussel.
|
Buurtgerichte zorg pleit ervoor om met alle zorg- en welzijnsactoren lokaal samen te werken, dicht bij de zorgbehoevenden. Om de kwaliteit van de zorg voor alle lagen van de bevolking te kunnen blijven waarborgen is structurele samenwerking nodig tussen alle overheden, formele en informele zorgverstrekkers, gebruikers, ontwikkelaars en andere partners in de zorgsector. De buurt wordt de draaischijf van zorg en welzijn. De lokale overheid kan daar een belangrijke rol in spelen. De VVSG nam deel aan de informele gesprekgroep met het Kenniscentrum Woonzorg Brussel en de Vlaamse Vereniging van Dienstencentra (VVDC), die de visietekst over buurtgerichte zorg opstelden. De ondertekenaars van deze tekst: - geloven sterk in de visie en het potentieel van buurtgerichte zorg; - engageren zich om, ieder op het eigen terrein en in samenwerking met anderen, daar vorm aan te geven; - ijveren voor een breed maatschappelijk draagvlak om buurtgerichte zorg te realiseren. |
U kunt de volledige tekst lezen en ook ondertekenen via www.woonzorgbrussel.be/oorkonde/.
Het OCMW-managementteam van 30 juni 2016 positioneerde zich als volgt: "Er wordt opgemerkt dat het sterk punt van het OCMW juist de lokale verankering is. We hebben alle troeven om die buurtgerichte zorg mee uit te bouwen via het opnemen van de rol van buurtzorgregisseur. De vraag is of de OCMW’s hier ook de financiering voor zullen krijgen."
De Raad voor Maatschappelijk Welzijn onderschrijft de visietekst over buurgerichte zorg.