De boekhouder (statutair - niveau B1-B3) heeft in augustus 2016 ontslag genomen.
Na een grondige bespreking wordt geopteerd voor de invulling van deze vacante functie in onderbezetting door een administratief medewerker (contractueel - niveau C1-C3).
De aanstellende overheid moet overeenkomstig de rechtspositieregeling van het personeel van het AC volgende zaken vaststellen bij de openverklaring:
1) Art 4 RPR: bepaling van het soort procedure
1° door een aanwervingsprocedure;
2° door een bevorderingsprocedure;
3° door de procedure van interne personeelsmobiliteit;
4° door de procedure van externe personeelsmobiliteit;
5° door een combinatie van de procedures, vermeld in punt 1° en 2°, 1° en 3°, 1° en
4°, 2° en 3°, 2°en 4° of in punt 1°, 2°, 3°en 4°.
2) Art 10/11 RPR WZC/AC: bepaling van de duur van de inschrijvingsperiode
Tussen de bekendmaking van een vacature en de uiterste datum voor de verzending van de kandidaturen, verlopen minstens zeven (WZC+TZ)/veertien (AC) kalenderdagen
14 kalenderdagen
3) Artikel 8/9 RPR RPR WZC/AC: schrapping van diplomavereiste
In uitzonderlijke gevallen kan de aanstellende overheid bij de vacantverklaring van een betrekking van niveau A, B of C beslissen om het diplomavereiste dat als regel geldt voor dat niveau, te schrappen.
NVT
4) Artikel 9 RPR WZC : bepaling van de kanalen waarlangs de vacature bekendgemaakt wordt
De vacatures worden ten minste via één persorgaan of tijdschrift bekendgemaakt. Daarnaast worden de vacatures intern aan het OCMW-personeel bekendgemaakt
De selectie moet gemaakt worden uit:
1° nationaal verschijnende kranten of weekbladen;
2° regionaal verschijnende kranten of weekbladen;
3° gespecialiseerde tijdschriften van beroepsgroepen of beroepsorganisaties;
4° de VDAB;
5° de website van gemeente of OCMW;
6° zelf geproduceerde media (affiches, folders, bericht voor lichtkrant).
5) Artikel 13 § 2 RPR AC: bepalen of laatstejaarsscholieren – en studenten mee kunnen doen.
De aanstellende overheid kan bij de vacantverklaring bepalen dat laatstejaarsscholieren en –studenten toegang krijgen tot de selectieprocedure
NVT
6) Artikel 24/25 §1 RPR WZC/AC: aanleg werfreserve of niet + geldigheidsduur
De aanstellende overheid beslist bij de vacantverklaring van een betrekking of een wervingsreserve wordt aangelegd en bepaalt de geldigheidsduur ervan.
3 jaar
Bespreking op de vergadering
De voorzitter signaleert dat er bij de gemeente ook een procedure voor administratief assistent zal opgestart worden. Ze vraagt de financieel beheerder te onderzoeken of dit samen kan gebeuren.
De financieel beheerder legt uit dat een tewerkstelling op op c-niveau voor deze functie ook gaat. Deze tewerkstelling belemmert zeker niet een toekomstige samenwerking met de financiële dienst van de gemeente.
Dhr. Van Herwegen vraagt of de kandidate nu al voldoet aan de vereisten voor de twee mogelijke functies bij de gemeente.
De financieel beheerder antwoordt dat dit niet exact werd afgecheckt maar ze gaat ervan uit dat dit in principe zou moeten kunnen.
In afwachting van een volledige fusie met de gemeente, gebeurt deze aanstelling buiten kader, (cf. artikel 103 van de OCMW decreet):
§ 1. Het personeel van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn bestaat uit personeelsleden in statutair dienstverband.
§ 2. In afwijking van § 1 kunnen personeelsleden in contractueel verband in dienst worden genomen om :
1° aan uitzonderlijke en tijdelijke personeelsbehoeften te voldoen, voor in de tijd beperkte acties of voor een buitengewone toename van werk;
1 voltijdse contractuele functie van administratief medewerker finaincïele dienst (niveau C1-C3) voor onbepaalde duur wordt openverklaard.
Er zal een aanwervingsexamen worden georganiseerd met aanleg van een werfreserve van 3 jaar.
De preselectie zal gebeuren aan de hand van CV en ervaring.