In het reglement van de POD MI over de gratis verdeling van levensmiddelen ter beschikking gesteld aan de OCMW’s en erkende partnerorganisaties in het kader van het Fonds voor Europese hulp aan de meest behoeftigen is het volgende bepaald:
“Het OCMW vormt de hoeksteen bij het vaststellen wie meest behoeftig is.
Op gemeentelijk vlak is alleen het OCMW in staat te bepalen welke begunstigden het meest beantwoorden aan de definitie van meest behoeftigen, zoals omschreven in verordening (EU) nr. 223/2014 van het Europees parlement en de Raad betreffende het Fonds voor Europese hulp aan de meest behoeftigen artikel 2 §2.
In vergelijking met vroeger wordt voortaan slechts één algemene categorie van begunstigden weerhouden:
- Alle personen die onder de armoedegrens leven (indicator AROP – zie: http://statbel.fgov.be/nl/binaries/Publication_Silc_NL_04NOV14_tcm325-257352.xls - tabblad armoededrempel).
Op basis van deze categorie moet elk OCMW en elke erkende partnerorganisatie een mechanisme op poten zetten die toelaat te verifiëren of de begunstigden wel degelijk onder deze categorie vallen. Dit mechanisme zal gecontroleerd worden tijdens eventuele controles”.
De in bijlage opgenomen procedure werd door de algemene sociale diens voorgelegd aan POD Maatschappelijke Integratie en positief geadviseerd.
De Raad voor Maatschappelijk Welzijn keurt volgende werkwijze goed om te bepalen welke personen aan de voorwaarden voldoen voor voedselbedeling:
1.1. Monetaire armoede: 1085 euro/maand voor een alleenstaande. Per volwassene (persoon vanaf 15 jaar) in het gezin wordt een factor van 0,5 meegerekend, per kind (tot 14 jaar) een factor van 0,3.
Voorbeeld: een gezin van 2 volwassenen en 2 kinderen: (1 + 0,5 + 2x 0,3) x 1085 euro = 2,1 x 1085 euro = 2279 euro.
Opmerking: het gaat hier om het beschikbare inkomen: bij mensen die in collectieve schuldenregeling zijn, dient gekeken te worden naar het inkomen dat door de schuldbemiddelaar ter beschikking wordt gesteld, de maandelijkse toelage.
1.2. Materiële deprivatie: het ontbreken van minstens 4 van volgende elementen of niet in staat zijn om: huur of courante rekeningen te betalen, woning degelijk te verwarmen, onverwachte uitgaven te doen, om de 2 dagen vlees/vis/proteïnerijke voeding te nuttigen, 1 week/jaar op vakantie te gaan, eigen wagen, wasmachine, kleurentelevisie of telefoon.
1.3. Huishoudens met een lage arbeidsintensiteit: volwassenen (18j – 59j, uitgezonderd studenten) die tijdens het refertejaar gemiddeld minder dan 1/5 van de tijd werk hadden.
2. Specifieke regels voor OCMW Edegem:
2.1. De inkomensgrens zoals vermeld in 1.1. kan vermeerderd worden met het bedrag dat maandelijks aangewend wordt ter aanzuivering van de schuldenlast. Het gaat hier om alle soorten schulden, exclusief hypothecaire schulden.
2.2. Indien de huishuurprijs de helft of meer bedraagt dan het gezamenlijk beschikbaar inkomen, begrensd op een maximum van 700 euro huishuur voor een alleenstaande, vermeerderd met 50 euro per extra inwonende.
2.3. Indien een persoon zich aanmeldt en verklaart over geen gelden of voeding te beschikken, kan van elk product één blik/fles/doos per persoon in het gezin worden meegegeven in het kader van crisissteun. Dit geldt ter overbrugging van de periode dewelke de maatschappelijk assistent nodig heeft om een hulverleningstraject op te stellen (bv. toekenning financiële steun, schuldhulpverlening, e.d.).