Het college van burgemeester en schepenen wenst aan de gemeenteraad enkele wijzigingen aan de rechtspositieregeling en aan bijlage 3 over de aanwervings- en bevorderingsvoorwaarden voor te leggen.
In artikel 129 worden de algemene bevorderingsvoorwaarden voor het niveau B ( zowel Bx als Bv) verruimd. De anciënniteitsvoorwaarde voor interne mobiliteit worden van 2 jaar naar 1 jaar gebracht. Het college gaat aan de gemeenteraad voorstellen om bijzondere aanwervings- en bevorderingsvoorwaarden vast te stellen voor enkele functies waarvoor er nog geen zijn vastgesteld. Daarenboven zijn een aantal materiële vergissingen in bijlage 3 over de bijzondere aanwervings- en bevorderingsvoorwaarden rechtgezet. In bijlage 3 worden ook de bijzondere samenstelling van examenjury 's per functie geschrapt omdat in de praktijk werd vastgesteld dat deze te strikt zijn gesteld.
Het college van burgemeester en schepenen besliste in zitting van 23 november 2015 tot wijziging van de artikelen in nagenoemde zin. De rechtspositieregeling voor het personeel van het administratief centrum van het OCMW is dezelfde als die voor het gemeentepersoneel. Daarom moeten de wijzigingen eerst voor advies aan de Raad voor Maatschappelijk Welzijn voorgelegd worden.
Het college wenst de volgende wijzigingen aan de rechtspositieregeling door te voeren.
In artikel 129 worden de algemene bevorderingsvoorwaarden voor het niveau B ( zowel Bx als Bv) verruimd. De aangepaste voorwaarden maken het mogelijk dat personeelsleden uit verschillende niveaus reële bevorderingskansen krijgen.
Impact op OCMW
Door het verlagen van het vereiste niveau van de graadanciënniteit kunnen (theoretisch) meer mensen in aanmerking komen. ‘Theoretisch’ want de functies binnen het AC van B1-B3 niveau (zie bijlage, functies waarbij de eerste kolom 0 of 1 vermeldt) vereisen nog een specifiek diploma.
In artikel 137 staat dat kandidaten ten minste een minimale graadanciënniteit van 2 jaar moeten hebben voor interne mobiliteit. De anciënniteitsvoorwaarde wordt verminderd naar 1 jaar in overeenstemming met de anciënniteitsvoorwaarde van 1 jaar zoals vastgesteld in bijlage 3 bij de rechtspositieregeling. Daardoor worden de loopbaan- en doorstromingskansen voor het personeel bevorderd.
Impact op OCMW
Het toezicht wees er de gemeente op dat de vereiste anciënniteit bij de aanwervings- en bevorderingsvoorwaarden overal 1 jaar was en dat dit best werd doorgetrokken naar de interne mobiliteit. De verlaging van 2 naar 1 jaar vereiste anciënniteit zal dus maken dat mensen sneller in aanmerking doet komen dan vroeger. Dit bevordert dus de kansen op interne mobiliteit en dat is positief.
De aanwervings- en bevorderingsvoorwaarden voor het OCMW personeel zullen in die zin aangepast worden.
De aanpassingen aan bijlage 3 bij RPR zijn specifiek voor de gemeente:
-schrapping van bijzondere samenstelling van de examenjury’s per functie: de algemene regeling van artikel 15 van de rechtspositieregeling geldt, namelijk: ten minste 3 leden en ten minste 1/3 is extern ( mits motivering van af te wijken). In de praktijk wordt vastgesteld dat de samenstelling van de jury's te strikt opgesteld is. Daarnaast is het de bedoeling om leidinggevende meer verantwoordelijkheid te geven in het selectiebeleid.
- de algemene richtlijnen in verband met de puntenverdeling werd doorgetrokken naar de specifieke selectieprogramma’s, omdat vastgesteld is dat sommige selectieprogramma's hiervan afwijken.
- De anciënniteitsvoorwaarden (niveau en graadanciënniteit) in bijlage 3 strookten niet geheel met de algemene bevorderingsvoorwaarden die per niveau en per rang werden vastgesteld (artikelen 128 t/m 131 RPR) en zijn nu in overeenstemming gebracht met de algemene bevorderingsvoorwaarden in de rechtspositieregeling
- De huidige bevorderingsvoorwaarden bepalen dat de kandidaten minstens drie jaar graad of niveauanciënniteit moeten hebben in een graad van niveau B en/of C binnen het bestuur voor functies van het niveau B. Dit is in strijd met de bepalingen van de rechtspositieregeling. Voor alle functies van het niveau B werden de bevorderingsvoorwaarden in overeenstemming gebracht met de rechtspositieregeling.
-Voor een aantal functies zijn specifieke aanwervings- en bevorderingsvoorwaarden vastgesteld of aangepast zoals voor werkmeester B4-5, deskundige huisvesting en woonprojecten B1-3, projectmedewerker onderhoud gebouwen B1-3, projectmedewerker IT B1-3, communicatiemedewerker B1-3, grafisch medewerker B1-B3, medewerker lokale economie C1-3, geschoolde arbeider chauffeur D1-3, ploegbaas D4-D5.
Artikel 270 Gemeentedecreet
§ 1. Over de volgende aangelegenheden kunnen de gemeentelijke overheden alleen beslissen als ze vooraf zijn voorgelegd aan het advies van de raad voor maatschappelijk welzijn:
1° het vaststellen of wijzigen van de rechtspositieregeling van het personeel, voorzover de desbetreffende beslissingen een weerslag kunnen hebben op de budgetten en het beheer van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn;
2° het oprichten van nieuwe diensten of instellingen met een sociale doelstelling en de uitbreiding van de bestaande.
De raad voor maatschappelijk welzijn brengt het advies, vermeld in het eerste lid, uit binnen een termijn van dertig dagen na de ontvangst van de ontwerpbeslissing. Bij gebrek aan kennisgeving van het advies aan de gemeente binnen de voorgeschreven termijn kan aan het adviesvereiste worden voorbijgegaan.
De OCMW-raad geeft positief advies aan het college over de aanpassingen van de rechtspositieregeling voor het gemeentepersoneel:
Artikel 129
De specifieke voorwaarden voor een bevordering zijn:
§1. voor een graad van rang Bx, schalen B4-B5 (hogere graad, lijnfunctie):
1° titularis zijn van een graad van niveau B of niveau C of niveau D en tenminste drie jaar
graadanciënniteit hebben in een graad van niveau B of C of D of in alle niveaus samen;
2° als de functie een beschermde titel betreft of een specialisatie die een diploma vereist, voldoen
aan de diplomavereiste die geldt bij aanwerving voor de vacante functie;
3° een gunstig evaluatieresultaat gekregen hebben voor de laatste periodieke evaluatie;
4° slagen voor de selectieprocedure
§2. voor een graad van rang Bv, schalen B1-B3 (basisgraad):
1° titularis zijn van een graad van niveau C of niveau D en ten minste drie jaar graadanciënniteit
hebben in een graad van niveau C of D of in beide niveaus samen
2° als de functie een beschermde titel betreft of een specialisatie die een diploma vereist, voldoen
aan de diplomavereiste die geldt bij aanwerving voor de vacante functie;
3° een gunstig evaluatieresultaat gekregen hebben voor de laatste periodieke evaluatie;
4° slagen voor de selectieprocedure.
Afdeling II. De voorwaarden en de procedures voor interne mobiliteit
Artikel 137
De kandidaten moeten ten minste:
1° een minimale graadanciënniteit van één jaar hebben;
2° een gunstig evaluatieresultaat gekregen hebben voor de laatste evaluatie;
3° voldoen aan de competentievereisten die vastgesteld zijn in de functiebeschrijving;
4° zo nodig, voldoen aan de diplomavereiste voor de functie.
De OCMW raad neemt kennis van de aanpassingen aan bijlage 3 van de rechtspositieregeling voor het gemeentepersoneel.
Deze beslissing wordt bezorgd aan de gemeentesecretaris voor verdere afhandeling.