Terug
Gepubliceerd op 18/02/2022

2015_PL_00068 - Rechtspositieregeling - aanpassing artikelen 7, 289 en 325 - Goedkeuring

Plenaire raad
wo 20/05/2015 - 20:00 Raadszaal OCMW
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Brigitte Vermeulen-Goris; Goedele Vandewalle; Maarten Vergauwen; Julien Delarbre; Polet Bauwens; Hubert Van Herwegen; Micheline De Ridder; Evy Van Heurck; Peter Van Lint; Ivo Bogaerts; Ann De Cleyn; Filip Schramme

Secretaris

Filip Schramme

Voorzitter

Brigitte Vermeulen-Goris

Stemming op het agendapunt

2015_PL_00068 - Rechtspositieregeling - aanpassing artikelen 7, 289 en 325 - Goedkeuring

Aanwezig

Brigitte Vermeulen-Goris, Goedele Vandewalle, Maarten Vergauwen, Julien Delarbre, Polet Bauwens, Hubert Van Herwegen, Micheline De Ridder, Evy Van Heurck, Peter Van Lint, Ivo Bogaerts, Ann De Cleyn, Filip Schramme
Stemmen voor 11
Goedele Vandewalle, Maarten Vergauwen, Julien Delarbre, Polet Bauwens, Hubert Van Herwegen, Micheline De Ridder, Evy Van Heurck, Peter Van Lint, Ivo Bogaerts, Ann De Cleyn, Brigitte Vermeulen-Goris
Stemmen tegen 0
Onthoudingen 0
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2015_PL_00068 - Rechtspositieregeling - aanpassing artikelen 7, 289 en 325 - Goedkeuring 2015_PL_00068 - Rechtspositieregeling - aanpassing artikelen 7, 289 en 325 - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving: bevoegdheid

40281abc4be6d792014be97021af03b7

Aanleiding en context

In de zitting van de OCMW-raad van 1 juli 2014 werden wijzigingen aan diverse artikelen van de rechtspositieregeling voor het personeel verbonden aan het administratief centrum goedgekeurd.

Het wijzigingsbesluit werd, samen met de volledige tekst van de RPR, toegezonden aan de toezichthoudende overheid (ABB-Antwerpen).

Zij stelden vast dat

  1. artikel 7, punt 2 (algemene aanwervingsvoorwaarden voor de functies in de hogere rangen van niv. A, B en C) niet in overeenstemming is met het Besluit van de Vlaamse Regering dd. 12-11-2010.
  2. de schrapping van artikel 289, eerste lid (onbetaald verlof) ingaat tegen het rechtstreeks toepasselijk artikel 211, lid 1 van het Besluit van de Vlaamse Regering over de rechtspositieregeling van het gemeentelijk personeel
  3. artikel 325 over de dienstvrijstelling voor bloedafname niet identiek is aan dat van het gemeentepersoneel

Argumentatie

Artikel 7: aanwervingen in de hogere rangen van niv. A, B en C

Artikel 7 voert voorwaarden in voor de aanwervingen in hogere rangen van niveau A, B, C en D. Bij de voorwaarden werd gesteld dat kandidaten ofwel een aantal jaren relevante ervaring moeten kunnen bewijzen ofwel een aantal uren management- of kennisopleidingen.

Artikel 31, §2, 2° en 3° BVR RPR OCMW voorziet evenwel dat kandidaten voor de functies in de hogere rangen moeten beschikken over een minimaal aantal jaren ervaring. Het BVR voorziet niet dat de beroepservaring kan vervangen worden door een welbepaalde opleiding of vorming. Daarom het voorstel om artikel 7 als volgt aan te passen:


"Naast het beantwoorden aan de voorwaarden in artikel 6 moeten de kandidaten ook:

  1. voldoen aan de diplomavereiste die geldt voor het niveau waarin de functie gesitueerd is en
  2. voor:
  • de decretale graden en graad A5a-A5b: vijf jaren relevante beroepservaring hebben; 
  • graad A4a-A4b, graad B4-B5 en graad C4-C5: ofwel drie jaren relevante beroepservaring hebben en ofwel 60 uur managementsopleiding(en) en/of relevante specifieke kennisopleiding(en) hebben gevolgd;
  • de graad D4-D5: ofwel drie jaren relevante beroepservaring hebben én ofwel 60 uur opleiding(en) hebben binnen een specifiek omschreven vakgebied en houd(st)er zijn van tenminste een rijbewijs B.

De lijst van erkende diploma’s of getuigschriften per niveau wordt door de Vlaamse minister, bevoegd voor de binnenlandse aangelegenheden, vastgesteld. Alleen de erkende diploma’s of getuigschriften op die lijst komen bij aanwerving in aanmerking.

De aanstellende overheid kan aanvullende aanwervingsvoorwaarden vaststellen."

Artikel 289: onbetaald verlof

Het eerste lid van dit artikel werd geschrapt naar aanleiding van de afschaffing van de proeftijd in kader van het eenheidsstatuut. Het toezicht maakt ons erop attent dat de mogelijkheid wel nog moet behouden blijven voor een tijdelijke aanstelling. Daarom wordt het eerste lid terug opgenomen in het artikel dat als volgt zal zijn:

"Als een vast aangesteld statutair personeelslid binnen de diensten van het bestuur een contractuele betrekking opneemt, een tijdelijke aanstelling of een andere functie waaraan een proeftijd verbonden is, dan wordt voor maximaal de duur van de aanstelling of de proeftijd, ambtshalve onbetaald verlof toegestaan. Het onbetaald verlof voor diensten binnen het bestuur bedoeld in dit artikel wordt gelijkgesteld met dienstactiviteit, behalve voor wat de bezoldiging betreft.

Het vast aangestelde statutaire personeelslid dat een mandaat opneemt bij een ander bestuur, kan onbetaald verlof krijgen voor de duur van het mandaat als dit verzoenbaar is met de goede werking van het bestuur. Het is dus geen recht maar kan worden toegestaan als een gunst. Het onbetaalde verlof is verlengbaar bij een verlenging van het mandaat op dezelfde wijze en onder dezelfde voorwaarden als bij de eerste of vorige aanvraag. Het onbetaald verlof voor een mandaat bij een ander bestuur bedoeld in dit artikel wordt niet gelijkgesteld met dienstactiviteit."


Artikel 325: dienstvrijstelling voor bloedafname

Het toezicht geeft aan dat het artikel niet identiek is aan het artikel in de gemeentelijke rechtspositieregeling. Het wordt daarom als volgt aangepast.

 

"Het personeelslid krijgt, maximaal tien keer per jaar, dienstvrijstelling op de dag waarop het bloed, plasma of bloedplaatjes geeft. De dienstvrijstelling geldt voor de tijd die nodig is voor de gift, waarin inbegrepen de tijd die naargelang het geval nodig is voor de verplaatsing naar en van het dichtstbijzijnde afnamecentrum. Het personeelslid kan hiervoor gebruik maken van een dienstfiets."



Op het basisoverlegcomité van 24 maart 2015 werd hierover onderhandeld. De onderhandeling werd afgeloten met een protocol van akkoord.


Regelgeving bevoegdheid

Organogram-formatie-rpr
<p>Artikel 52, 6&deg; OCMW-decreet: de Raad is bevoegd voor het vaststellen van het organogram, de aanduiding in dit organogram van de functies waaraan het lidmaatschap van het managementteam is verbonden, de personeelsformatie en de rechtspositieregeling</p>

Besluit

De plenaire raad beslist:

Artikel 1

De raad voor maatschappelijk welzijn geeft goedkeuring aan de voorgestelde artikelwijzigingen in de rechtspositieregeling van het administratief centrum.