De notulen van de vorige gemeenteraadszitting dienen goedgekeurd te worden.
De raad keurt de notulen van de openbare en besloten zitting van 18 mei 2015 goed.
Bij een intergemeentelijke samenwerking moet elk van de deelnemende gemeenteraden jaarlijks het jaarverslag en het resultaat van de interlokale vereniging goedkeuren.
Artikel 42 van het gemeentedecreet
De raad regelt alles wat van gemeentelijk belang is.
Decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, gewijzigd bij decreet van 18 januari 2013
Dit decreet regelt de intergemeenteljike samenwerkingsverbanden.
Artikel 6 §7 van de statuten van sportregio midden provincie ILV
De rekening van de “Sportregio Midden-Provincie ILV” wordt jaarlijks ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraden van de participerende gemeenten.
De raad keurt het jaarverslag 2014 en de jaarrekening 2014 van de interlokale vereniging Sportregio Midden Provincie goed.
De gemeenteraad dient jaarlijks de rekeningen over de werking van de eva-vzw sport- en recreatiecentra Edegem goed te keuren.
De raad keurt het exploitatieresultaat van het dienstjaar 2014 van de vzw sport- en recreatiecentra Edegem goed op volgende totalen:
Ontvangsten 2014: 296 077,36 EUR
Uitgaven 2014: 296 077,36 EUR
Saldo 2014: 0,00 EUR
De raad keurt de balans van het dienstjaar 2014 van de vzw sport- en recreatiecentra Edegem goed op het totaal van 245 710,08 EUR. Het resultaat van de verlies- en winstrekening bedraagt 0,00 EUR.
De gemeentelijke VZW’s moesten verplicht in overeenstemming gebracht worden met de bepalingen van het Gemeentedecreet. Hiervoor dienen hun statuten aangepast te worden aan de gewenste vorm van verzelfstandiging.
De oorspronkelijke ontwerpstatuten van de EVA-VZW Kind en Gezin Edegem werden na goedkeuring op de gemeenteraad van 16 december 2013 bezorgd aan de toezichthoudende overheid, het Agentschap voor Binnenlands Bestuur (ABB). In april 2014 laat ABB ons weten dat zij de ontwerpstatuten niet goedkeurt en dat enkele aanpassingen noodzakelijk zijn. Het omstandig motiveringsverslag waarom het gemeentebestuur kiest voor de vorm van een EVA-VZW wordt niet in vraag gesteld.
Basis van de niet-goedkeuring is een technisch misverstand over de verrekening van het aandeel van de gemeente als lid van de bestuursorganen. Hiertoe werden drie artikelen deels aangepast namelijk artikelen 7§1, 18 en 23§2 en de aanpassing werd goedgekeurd door de gemeenteraad van 23 juni 2014 en op 1 oktober 2014 door ABB
De Algemene Vergadering van de VZW Kind en Gezin Edegem van 26 maart 2015 vraagt aanpassingen van de statuten. De aanpassingen worden tussen aanhalingstekens vermeld.
Artikel 4 wordt aangevuld met:
“De interne werking van de vereniging wordt vastgelegd in een huishoudelijk reglement.”
Artikel 7 wordt aangepast.
Artikel 9 wordt aangevuld met “De leden voorgedragen door categorie A worden in de algemene vergadering bij voordracht aangesteld.”
Artikel 13 wordt aangepast.
(…)“Indien een lid behorend tot de categorie A verhinderd is om aanwezig te zijn op de algemene vergadering, kan het een ander lid van de categorie A schriftelijk mandateren om in zijn/haar naam deel te nemen aan de beraadslagingen en de stemmingen.”(…)
Artikel 16 wordt aangepast.
Artikel 18 wordt aangevuld.
Artikel 19 wordt aangevuld.
De eerste zin wordt aangevuld met (…) minstens een vertegenwoordiging van de gemeente Edegem “en van categorie B”. Een wijziging kan alleen worden aangenomen met een meerderheid van twee derde van de stemmen van de aanwezige “stemgerechtigde “of “stemgerechtigde” vertegenwoordigde leden.
Artikel 20 wordt aangevuld met:
een vertegenwoordiging van de gemeente Edegem “en van categorie B”, wil de vergadering geldig kunnen beslissen.
(…) met dien verstande dat minstens de gemeente “en categorie B” vertegenwoordigd moet zijn.
Artikel 23
§2 wordt aangepast.
§3 “OCMW voorzitter” wordt geschrapt in paragraaf 3.
Artikel 26 wordt aangepast.
Artikel 28 wordt aangevuld.
Artikel 29 wordt aangepast.
Artikel 31 wordt aangevuld.
(…) “en nadien bezorgd aan alle leden van de gemeenteraad en die van de EVA-vzw.”
Artikel 33 wordt aangepast
De paragraaf over de mogelijkheid van een klankbordgroep wordt geschrapt.
Artikel 36 wordt aangepast.
(…) De jaarrekeningen worden ten minste vijf weken vóór de algemene vergadering, die ten laatste in “juni” (i.p.v. maart) plaats vindt, ter kennis gebracht aan de leden, (…)
Artikel 37 wordt aangepast.
De boekhouding wordt minimaal “tweemaal” per jaar (en niet trimestrieel) aan de raad van bestuur voorgelegd.
Artikel 39 wordt aangepast.
In geval van ontbinding wordt het netto-actief van de vereniging overgedragen “aan een werk waarvan het sociaal doel het best overeenkomt met het doel van de vereniging. De algemene vergadering beslist over de toewijzing van de goederen met twee derde meerderheid.”
Raadsbesluit van 16 december 2013
De omvorming van de bestaande VZW Kind en Gezin Edegem naar een privaatrechtelijk extern verzelfstandigd agentschap in VZW-vorm, de EVA-VZW, wordt goedgekeurd samen met de bijhorende ontwerpstatuten.
Raadsbesluit van 23 juni 2014
De aangepaste ontwerpstatuten van de EVA-VZW Kind en Gezin Edegem worden goedgekeurd.
Ministerieel Besluit van 1 oktober 2014
Het raadsbesluit van 23 juni 2014 met de goedgekeurde ontwerpstatuten van de EVA-VZW Kind en Gezin Edegem wordt goedgekeurd.
De raad keurt de aanpassingen van de statuten van de EVA-VZW Kind en Gezin Edegem goed.
De gemeentelijke VZW’s moesten verplicht in overeenstemming gebracht worden met de bepalingen van het Gemeentedecreet. Hiervoor dienen hun statuten aangepast te worden aan de gewenste vorm van verzelfstandiging.
De oorspronkelijke ontwerpstatuten van de EVA-VZW Tentoonstellingshuis Hellemans werden na goedkeuring op de gemeenteraad van 16 december 2013 bezorgd aan de toezichthoudende overheid, het Agentschap voor Binnenlands Bestuur (ABB). In april 2014 laat ABB ons weten dat zij de ontwerpstatuten niet goedkeurt en dat enkele aanpassingen noodzakelijk zijn. Het omstandig motiveringsverslag waarom het gemeentebestuur kiest voor de vorm van een EVA-VZW wordt niet in vraag gesteld.
Basis van de niet-goedkeuring is een technisch misverstand over de verrekening van het aandeel van de gemeente als lid van de bestuursorganen. Hiertoe werden drie artikelen deels aangepast namelijk artikelen 7§1, 18 en 23§2 en de aanpassing werd goedgekeurd door de gemeenteraad van 23 juni 2014 en op 1 oktober 2014 door ABB.
De Algemene Vergadering van de VZW Tentoonstellingshuis Hellemans van 9 december 2014 vraagt nog een aanpassing in artikel 23§2 waar er vijf leden uit de niet-politiek gemandateerden in plaats van drie wordt gevraagd. Dit vergt een herberekening van het maximaal aantal leden van de gemeenteraad in de raad van bestuur.
Artikel 23 §2 wordt dan:
§2. De gemeente draagt de meerderheid van de leden van de raad van bestuur voor waarbij voor elke fractie in de gemeenteraad een vertegenwoordiging is gewaarborgd, waaronder al zeker de schepen van cultuur, en waarbij ten hoogste twee derden van de leden van hetzelfde geslacht is. In de praktijk is dit maximum 8, gelet op de verhouding algemene vergadering (14) en de raad van bestuur (maximum 13) en gelet op het feit dat de algemene vergadering “vijf leden” uit de niet-politiek gemandateerden aanduidt voor de raad van bestuur. Hierbij zit minimaal de secretaris en een penningmeester. Het aantal leden van de raad van bestuur moet steeds lager zijn dan het aantal leden van de algemene vergadering.
In artikel 36 wordt maart vervangen door juni:
Artikel 36 wordt dan :
(…) De jaarrekeningen worden ten minste vijf weken vóór de algemene vergadering, die ten laatste in juni plaats vindt, ter kennis gebracht aan de leden, (…)
Raadsbesluit van 16 december 2013
De omvorming van de bestaande VZW Tentoonstellingshuis Hellemans naar een privaatrechtelijk extern verzelfstandigd agentschap in VZW-vorm, de EVA-VZW, wordt goedgekeurd samen met de bijhorende ontwerpstatuten.
Raadsbesluit van 23 juni 2014
De aangepaste ontwerpstatuten van de EVA-VZW Tentoonstellingshuis Hellemans worden goedgekeurd.
Ministerieel Besluit van 1 oktober 2014
Het raadsbesluit van 23 juni 2014 met de goedgekeurde ontwerpstatuten van de EVA-VZW Tentoonstellingshuis Hellemans wordt goedgekeurd.
De raad keurt de aanpassingen van artikel 23§2 en van artikel 36 in de statuten van de EVA-VZW Tentoonstellingshuis Hellemans goed.
ingetrokken tijdens gemeenteraad 18 december 2017
2017_GR_00143 - algemeen bestuur - EVA-vzw 't Forum - intrekking
De gemeentelijke VZW’s moesten verplicht in overeenstemming gebracht worden met de bepalingen van het Gemeentedecreet. Hiervoor dienen hun statuten aangepast te worden aan de gewenste vorm van verzelfstandiging.
De oorspronkelijke ontwerpstatuten van de EVA-VZW ’t Forum werden na goedkeuring op de gemeenteraad van 16 december 2013 bezorgd aan de toezichthoudende overheid, het Agentschap voor Binnenlands Bestuur (ABB). In april 2014 laat ABB ons weten dat zij de ontwerpstatuten niet goedkeurt en dat enkele aanpassingen noodzakelijk zijn. Het omstandig motiveringsverslag waarom het gemeentebestuur kiest voor de vorm van een EVA-VZW wordt niet in vraag gesteld.
Basis van de niet-goedkeuring is een technisch misverstand over de verrekening van het aandeel van de gemeente als lid van de bestuursorganen. Hiertoe werden drie artikelen deels aangepast namelijk artikelen 7§1, 18 en 23§2 en de aanpassing werd goedgekeurd door de gemeenteraad van 23 juni 2014 en op 1 oktober 2014 door ABB.
De raad van bestuur van de VZW ’t Forum van 18 december 2014 vraagt aanpassingen van de statuten. De aanpassingen worden tussen aanhalingstekens vermeld.
Artikel 7§1 wordt aangepast en aangevuld:
(…) Categorie B. Niet-gemeenteraadsleden.“Minimaal 11 leden” (i.p.v. 9) met name meerderjarige bewoners van de wijk Buizegem en anderen betrokken bij de wijk Buizegem.
De wijk Buizegem wordt begrensd door de Mechelsesteenweg, “de Hovestraat” en de Boniverlei en grenst in het zuiden aan Kontich.
Artikel 15 wordt aangevuld:
Op deze vergadering worden onder meer de werkingsverslagen en de rekeningen, evenals de begroting “en/of de begrotingswijziging”, de werkingsvooruitzichten, en de beleidsnota’s ter goedkeuring voorgelegd. (…)
Artikel 16 wordt aangevuld.
(…) De bijeenroeping gebeurt bij gewone brief en eventueel per e-mail door de voorzitter “en/of secretaris” in naam van de raad van bestuur.
Artikel 18 wordt aangevuld.
Het lid gemeente Edegem beschikt altijd over de meerderheid van de stemmen in de algemene vergadering, “dit wil zeggen dat het aantal stemmen van het lid gemeente gelijk is aan het aantal leden B + 1”.
Artikel 23§2 en §3 worden aangepast.
§3. “OCMW voorzitter” wordt geschrapt in paragraaf 3.
Artikel 26§1 wordt aangepast.
De zin over de secretaris wordt geschrapt.
Artikel 29 wordt aangepast.
De raad van bestuur vergadert minstens “twee” (ipv drie) maal per jaar.
Artikel 33 wordt aangepast.
De paragraaf over de mogelijkheid van een klankbordgroep wordt geschrapt.
Artikel 36 wordt aangepast.
(…) De jaarrekeningen worden ten minste vijf weken vóór de algemene vergadering, die ten laatste in “juni” (i.p.v. maart) plaats vindt, ter kennis gebracht aan de leden, (…)
Artikel 37 wordt aangepast.
De boekhouding wordt ”semestrieel” per jaar (en niet trimestrieel) aan de raad van bestuur voorgelegd.
Raadsbesluit van 16 december 2013
De omvorming van de bestaande VZW ’t Forum naar een privaatrechtelijk extern verzelfstandigd agentschap in VZW-vorm, de EVA-VZW, wordt goedgekeurd samen met de bijhorende ontwerpstatuten.
Raadsbesluit van 23 juni 2014
De aangepaste ontwerpstatuten van de EVA-VZW ’t Forum worden goedgekeurd.
Ministerieel Besluit van 1 oktober 2014
Het raadsbesluit van 23 juni 2014 met de goedgekeurde ontwerpstatuten van de EVA-VZW ’t Forum wordt goedgekeurd.
De raad keurt de aanpassingen van de statuten van de EVA-VZW ’t Forum goed.
Het verslag van de commissie wordt op vraag voorgelezen.
Dit agendapunt wordt samen behandeld met agendapunt 8.
Raadslid Stefan De Winter zegt dat de oprichting van mantelzorgcafés een goed initiatief is maar het geld dat hiervoor nodig is, wordt helaas gezocht bij Edegemnaren. De gemeente steunt ook projecten en goede doelen buiten de gemeentegrenzen en hij had liever gezien dat er één van die uitgaveposten werd gekozen om te besparen, zodat deeigen inwoners steeds op de eerste plaats komen.
Raadslid Pascale Vandevorst-Swolfs vindt dit een heel goed initiatief. Zij zegt het wel jammer te vinden dat dit gebeurt op de kap van sociale tewerkstellingsinitiatieven.
Raadslid Sien Pillot is blij met de ondersteuning voor mantelzorgers. Die verdienen ze. De, weliswaar lagere, toelage voor de instellingen voor mensen met een beperking blijft bestaan. Weinig gemeenten ondersteunen deze voorzieningen maar het bestuur van Edegem wil deze wel blijven steunen. Dat is positief.
In Antwerpen worden er in het najaar 2015 mantelzorgcafés opgericht. Hiervoor wordt gewerkt met een toelage aan de initiatiefnemers. Mantelzorgers zijn meestal mensen tussen 50 en 65 jaar die de zorg voor hun ouder of partner opnemen in de thuissituatie. Ze nemen veel en soms zware zorgtaken op zich en lopen het gevaar geïsoleerd te geraken en ook om overbelast te geraken. Door de beperkte tijd voor sociaal contact of ontspanning vinden ze soms ook niet de weg naar professionele hulp die hen kan ondersteunen. Mantelzorgcafés kunnen een gezellig ontmoetingsmoment betekenen waar ze zich even kunnen ontspannen, hun zorgen delen met lotgenoten en informatie krijgen over allerlei thema's.
In Edegem wordt al langere tijd gevraagd naar het uitbetalen van premies aan mantelzorgers. Dergelijke premie die gemiddeld 50 EUR per maand zou moeten bedragen, wat blijkt uit een vroegere rondvraag, is financieel moeilijk haalbaar voor Edegem. Nochtans is Edegem de inzet van alle mantelzorgers zeer genegen omdat zij door hun inzet het mee mogelijk maken dat mensen langer thuis in hun eigen omgeving kunnen blijven wonen.
Het oprichten van mantelzorgcafés kan in Edegem een eigen vorm krijgen. Er bestaat een vormingsaanbod van “Ons zorgnetwerk”. De kostprijs per sessie is 125 euro. Als we het tweemaandelijks zouden laten doorgaan hebben we het over 750 euro per jaar. Mogelijk zijn er nog verplaatsingskosten en eventuele drukkosten. Het vormingsaanbod zal uiteraard mee kunnen opgenomen worden in de bekendmaking van de activiteitenagenda van het dienstencentrum.
De raad keurt de oprichting van mantelzorgcafés in het OCMW dienstencentrum goed.
De raad keurt goed dat het dienstencentrum van het OCMW de praktische organisatie op zich neemt.
Dit agendapunt werd samen met punt 7 besproken.
De gemeentelijke sociale toelagen die Edegem momenteel aanbiedt, zijn in 2014:
Sociaal pedagogische toelage voor mindervalide minderjarigen die in een instelling worden verpleegd
(uitgekeerd aan ouders)
Sociaal pedagogische toelage voor mindervalide minderjarigen die thuis verpleegd worden
(uitgekeerd aan ouders)
Toelage TV distributie
Toelage aan instellingen voor gehandicapten
(uitgekeerd aan instelling –beschermde werkplaatsen – die mindervaliden tewerkstellen)
Omwille van de uitbreiding van behoeften van doelgroepen wordt er gekozen om geen toelage af te schaffen maar om één toelage beperkt te verlagen zodat hierdoor een klein budget kan vrij gemaakt worden voor ondersteuning van een extra doelgroep.
De toelage aan instellingen voor gehandicapten waar Edegemnaren tewerkgesteld zijn zal hiervoor verminderd worden van 37 EUR per persoon per maand naar 30 EUR per persoon per maand.
De raad keurt goed dat de jaarlijkse toelage aan instellingen voor gehandicapten wordt verminderd van 37 EUR naar 30 EUR per persoon per maand vanaf 1 januari 2016.
Agendapunten 9, 10 en 11 worden samen behandeld.
Het verslag van de commissie wordt op vraag voorgelezen.
Schepen Goedele Van der Spiegel deelt mee dat voor wie wenst er een korte nota beschikbaar is met de samenvatting van het ingevoerde DIFTAR principe. Verder wil zij graag antwoorden op de vragen die gesteld werden tijdens de raadscommissie.
Wat de ledigingskost betreft, geeft zij aan dat het bestuur mee kan gaan met het voorstel om het tarief aan te passen voor containers van 120 l en 240 l. Ten tweede is er geen minimumgewicht voor de containers. Ten derde is een delegatie naar het college wel degelijk mogelijk en uit oude besluiten is tevens gebleken dat dit ook in het verleden is gebeurd. Verder worden een aantal technische aanpassingen zoals gevraagd meegenomen.
Voorzitter Philippe Muyters vat samen dat er wordt voorgesteld om artikel 4 aan te passen naar 0,25 EUR voor de ledigingskost van een container van 240 l.
Raadslid Wim Verrelst zegt veel uitleg en grote principes gehoord te hebben over de nieuwe restafvalregeling. Wie ondertussen dit bestuur kent, weet dat je daarbij goed op je hoede moet zijn, zegt hij. Hij haalt hierbij het ecopark als voorbeeld aan. CD&V Edegem is uiteraard niet tegen het principe “de vervuiler betaalt”, maar dan moeten de boodschap en de besluiten correct zijn. Op verschillende vlakken is dat hier niet het geval, vinden zij. Zij kunnen dan ook onmogelijk akkoord gaan met het nieuwe diftarsysteem. Ten eerste, diftar is geen systeem met containers met chip, zoals beweerd. Nee, dat is maar één vorm van diftar. De grijze zakken die er nu zijn, zijn wel degelijk ook een geldig diftarsysteem. Wie veel zakken buitenzet, betaalt meer. Wie er weinig buiten zet, weinig. Kleine zakken zijn in Edegem bovendien in verhouding niet duurder dan de grotere. Men kan dus perfect op maat de juiste zakken buitenzetten. Hij vraagt zich af of men denkt dat mensen die nu hun grijze zak buiten zetten als hij nog niet vol is, in de toekomst hun container pas om de maand gaan buitenzetten. Het huidige systeem afschaffen omdat het “oneerlijk” zou zijn, vindt hij dan ook niet juist. Ten tweede de doelstelling en middelen. Mikken op 25% minder restafval is een ambitieus doel. Hij stelt zich de vraag of diftar met container en chip daarvoor de grootste hefboom is. Want tegelijk gaat men nog maar om de 14 dagen ophalen. De dienstverlening halveert dus. Er wordt ook een forse tariefverhoging doorgevoerd met maar liefst 70%. Dat zijn 3 maatregelen waarmee men de mensen hun gedrag wil doen veranderen. Twee van de drie maatregelen zijn zeker een verminderde dienstverlening, zegt hij. De eerlijke boodschap is dat die 2 maatregelen, en niet deze diftar, voor een verlaging van restafval zullen zorgen. Ten derde is het een gemiste kans en mankeert totaalvisie vindt hij. Men tracht restafval te verminderen. De verwachting is dat het vooral richting GFT gaat, maar er is geen of amper beleid voor dat GFT. Nochtans was dat in december vorig jaar in een nota van IGEAN wel voorbereid, met GFT-containers. Als je ziet dat het opgehaalde GFT+ jaar na jaar daalt, als de 600 ton restafval die men hoopt te vermijden, voornamelijk GFT+ zal zijn, als de GFT-zakken een groter probleem zijn voor vogels dan de grijze zakken en als IGEAN aantoont dat je met GFT-containers veel meer GFT ophaalt dan met zakken... vraagt hij zich af waarom men blijft vasthangen aan de dure, scheurende GFT-zakken. Hij zegt hierop dat de reden hiervan is dat de pot van 234 000 EUR die de voorgangers daarvoor bij IGEAN hadden opzij gezet, volledig gaat opgebruikt worden voor dit restafvalverhaal. Ten vierde hebben zij vragen over de vele uitzonderingen. Het schepencollege vanuit de gemeenteraad delegeren om mensen om “professionele en medische redenen” aparte tarieven toe te kennen. Hij vraagt zich af of dit wel ok is. Hij vindt het een grote grijze zone. In het besluit staan er daarover geen criteria, noch tarieven. Wat betreft het beleid op maat voor de appartementsbewoners, hierover zegt hij dat wat zij tot nu toe gehoord hebben, hen absoluut niet gerust stelt. De eerste gesprekken met de appartementen moeten nog beginnen.
Zij gaan wel akkoord met agendapunt 9, de investering in 6 ondergrondse wijkcontainers met diftar. Maar dat is dus wel degelijk een volume-systeem zoals de grijze zakken, en geen gewichtsysteem zoals de containers met chip. De termijndoelstelling van het bestuur is om dat systeem verder uit te breiden. Daarmee levert het bestuur dus zelf het bewijs dat een volume-diftar wel eerlijk kan zijn, en wel conform Vlaams beleid! De buurgemeente, onze twee dichtste buren waar veel straten mee gedeeld worden, zijn Antwerpen en Mortsel. Zij voeren geen gewichtsdiftar in. Mortsel heeft wel grote containers voor GFT zonder diftar, wat het bestuur dus niet gaat doen. Kontich houdt aan haar GFT-containers met diftar, en voert geen restafval-diftar in. Alleen Hove gaat hetzelfde doen als Edegem. Hij vraagt of iedereen nog kan volgen. Met deze nieuwe regeling is er dus helemaal geen sprake van uniformiteit in de zuidrand. Integendeel, hij vindt dat het nog nooit zo verschillend zal zijn. Tot slot de financiën. Zogezegd is het nieuwe systeem jaarlijks 300 000 EUR goedkoper voor de gemeente. Maar 73 000 EUR besparing komt door een goedkopere ophaling. De ophaling wordt gehalveerd en bespaart maar een kwart, gewoon omdat de nieuwe methode veel meer werk vraagt. 90 000 EUR komt door de 25% minder restafval die het bestuur denkt uit te sparen. Maar de extra tonnen GFT+ die dat oplevert, zien zij nergens in de rekening opduiken. 230 000 EUR zijn gewoon een belastingsverhoging. Hij vindt dit een ordinaire verhoging en geen verschuiving, want geen enkele van de andere gemeentebelastingen gaat tegelijk omlaag. En daarvoor voert het bestuur een systeem in dat jaarlijks 114 000 EUR aan administratie gaat kosten, zegt hij. Met daarbovenop nog een eenmalige kost van 248 000 EUR voor aankoop de containers. Hij vraagt zich af op hoeveel jaar deze afgeschreven zullen worden. Als laatste nog 28 000 of 50 000 EUR voor het weegsysteem op de huisvuilwagens. Ook die extra kosten zit niet in de rekening. Kort samengevat: zij hebben ondertussen al van alles gezien, maar dit is tot nu toe waarschijnlijk de mooist verpakte belastingsverhoging van deze legislatuur vindt hij.
Raadslid Stefan De Winter vindt dat de invoering van diftar waarbij men betaalt per gewicht en de oprichting van afvalstraten waarbij men betaalt per dropping, twee zaken zijn die moeilijk te rijmen zijn. Volgens hem zal naarmate de bevolking aan het diftarsysteem went, pas de echte kostprijs ondervinden. Hij ziet dit liever niet in Edegem ingevoerd worden.
Raadslid Sien Pillot zegt dat na jaren van talmen rond afvalbeleid waarbij de kilo’s afval die werden opgehaald bleven stijgen, dit bestuur nu met een ambitieus plan komt. Zij vindt dat dit geen nieuwe belasting is, maar de kostprijs van de grijze huisvuilzak vervangt. Het principe van de vervuiler betaalt waarbij de reële kost van je verbruik wordt mee gerekend is een eerlijke en duurzame retributie voegt zij toe. Een goede sorteerder, recycleerder, composteerder, … wordt in Edegem voortaan beloond. Deze andere vormen om met afval om te gaan, worden meegenomen in de sensibiliseringsacties en initiatieven die de gemeente de komende jaren in de kijker zet. Het is belangrijk dat er ook gedacht is aan deze flankerende maatregelen en de invoering van enkele sociale correcties voor bijvoorbeeld onthaalgezinnen. De aankoop van ondergrondse afvalcontainers is er ook zo één. Het getuigt van goed bestuur om na te denken over de gevolgen van deze maatregel in buurten waar veel appartementen zijn of weinig plaats is om per gezin een container een plaats te geven. Er zijn nu voldoende gemeenten die bewijzen dat het anders kan. Groen is blij dat Edegem er binnenkort ook toe behoort.
Raadslid René Janssens vindt het nuttig en nodig en vindt dit goed.
Schepen Goedele Van Der Spiegelwil nog kort reageren. Edegem is absoluut niet de uitzondering, er zijn al heel wat gemeenten die het doorvoeren buiten IGEAN gemeenten, 2/3 stapt mee in, daarom niet allemaal in januari 2016. Dat net Mortsel niet meedoet, klopt. Zij vindt het pertinent oneerlijk dat het GFT verhaal hier wordt naar voor gebracht. Vorige legislatuur heeft men gekozen om niet in te stappen in het subsidiedossier, momenteel is er geen kans om hier op in te stappen. Men wil nu de kans op gewone diftar niet missen. Het is niet eerlijk om hier de huidige ploeg nu op aan te spreken. Zij blijft achter diftar voor restafval staan. Daarnaast is het belangrijk om het aantal kg naar beneden te krijgen. Daarom is het cruciaal om burgers te belonen als hun aantal kg naar beneden gaat. Zij verwijst naar het ecopark. Ook dit bestuur staat voor bijsturen waar het nodig is. Men zou blij moeten zijn dat het bestuur niet halstarrig aan iets blijft vasthouden als het niet goed is.
Raadslid Wim Verrelst zegt dat een wel-niet discussie over GFT geen zin heeft. Wat betreft betaling per kg, wijst hij er opnieuw op dat het systeem waar van gedroomd wordt verder weg gaat van het nu ingevoerde systeem. Wat het ecopark betreft, draait dit om het containerpark. Dit gaat over de framing dat de maatregelen werden ingegeven door verplichting van hogeruit, wat niet correct is.
Op 1 januari 2016 verandert de wijze van huisvuilophaling. Massadiftar met containers wordt ingevoerd. Voor enkele sites zou dit problematisch kunnen zijn en willen we de bewoners een alternatief aanbieden.
Een beperkt aantal wijken zal met grote waarschijnlijkheid problemen kennen bij de stockage van hun diftarcontainer. Deze wijken bestaan uit grote appartementsblokken die klein behuisd zijn en/of geen garage hebben.
De geselecteerde sites zijn:
- De Wieken (3 ondergrondse containers)
- Ernest Staesstraat -Tony Bergmannstraat (1 ondergrondse container)
- Sint-Goriksplein (2 ondergrondse containers)
Voor de lediging van deze ondergrondse containers zal er een beheersoverdracht gebeuren aan IGEAN. Deze overdracht wordt later geagendeerd.
Artikel 26 - § 1 a) van de wet van 15 juni 2006 betreffende de overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten:
De overheidsopdrachten mogen worden geplaatst bij onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking indien de goed te keuren uitgave niet hoger is dan 85 000 EUR, exclusief BTW.
De raad keurt het lastenboek en de raming van 72 500 EUR exclusief BTW (87 725 EUR inclusief BTW) goed voor de aankoop en plaatsing van 6 ondergrondse containers met volumediftar (40L) en een elektronisch registratiesysteem (inclusief badges) en besluit tot onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking over te gaan.
Dit agendapunt werd samen met punt 9 en 11 besproken.
Voorzitter Philippe Muyters legt de wijziging van artikel 4 naar 0,25 EUR eerst ter stemming voor, voor het hele besluit gestemd wordt. Bij deze eerste stemming onthouden CD&V en Vlaams Belang zich, alle anderen stemmen voor.
Bij de invoering van diftar huis aan huis voor afvalophaling op 1 januari 2016 dienen de retributies te worden vastgelegd. Deze retributie bestaat uit drie parameters namelijk, een maandelijks gebruiksrecht van de containers, de ledigingskost per aanbieding en de verwerkingskost per kg.
Het Vlaams uitvoeringsplan Milieuverantwoord Beheer van Huishoudelijke afvalstoffen 2008-2015 vormt het beleid rond de selectieve inzameling en verwerking van huishoudelijk afval. Het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materialenkringlopen en afvalstoffen (Vlarema) bepaalt dat de gemeenten het principe 'de vervuiler betaalt' moeten toepassen en legt een minimumtarief van 0,20 euro/kg voor restafval op. De gemeenten zijn verantwoordelijk voor de inzameling en de verwerking van de afvalstoffen geproduceerd door hun inwoners. In Edegem is de huis-aan-huis ophaling van het restafval momenteel georganiseerd met betalende huisvuilzakken met gemeentelogo. Deze manier van ophaling legt de grootste kost bij de gemeente en niet of alleszins te weinig bij de effectieve vervuiler. Een systeem volgens diftar met weging is het meest eerlijke systeem en werkt conform het principe 'de vervuiler betaalt'. De invoering van diftar verschuift de kost naar de effectieve vervuiler (wie weinig vervuilt, betaalt weinig - wie erg vervuilt, betaalt veel) en maakt het voor de gemeenschap een pak minder kostelijk.
De retributie voor de huis-aan-huisophaling voor restafval met het diftarsysteem bestaat uit drie parameters:
1. maandelijks gebruiksrecht van de containers: volgens het volume van de container;
2. ledigingskost per aanbieding: volgens het volume van de container;
3. verwerkingskost per kg: volgens de aangeboden hoeveelheid afval;
Het gebruiksrecht zorgt ervoor dat elk aansluitpunt bijdraagt in een deel van de vaste kosten van de dienstverlening.
De ledigingskost per aanbieding wordt laag gehouden om te vermijden dat de inwoners het afval te lang bijhouden.
De verwerkingskost per kg zorgt ervoor dat de inwoners op een bewuste manier met hun afval omgaan. Het zwaartepunt van de retributie ligt dan ook op de hoeveelheid aangeboden afval wat een correcte invoering betekent van het principe de vervuiler betaalt.
Het voorstel tot retributie is uitgewerkt door IGEAN milieu & veiligheid. Het is de bedoeling om in alle gemeente van het samenwerkingsverband eenzelfde retributie voor diftar te gaan toepassen om afvaltoerisme in de regio te vermijden. De administratie kan daardoor vereenvoudigd worden en de tarieven zullen als eerlijker ervaren worden. De uitvoering is getoetst aan bestaande diftarprojecten elders, aan de richtlijnen opgesteld door OVAM en de geldende wetgeving het Vlarema.
De retributies zullen geïnd worden met een voorschottensysteem: een provisie, waarvan de gebruikte dienstverlening zal afgehouden worden. De provisie wordt betaald op een rekening van het gemeentebestuur. Wanneer de provisie onder een bepaald bedrag komt zal er een betalingsuitnodiging worden gestuurd om de provisie terug aan te vullen. Zo blijft de huisvuilophaling nog een tijdje verzekerd tot het minimumbedrag bereikt wordt.
Over de invoering van Diftar zal duidelijk gecommuniceerd worden zowel naar de interne organisatie als naar alle externen (zie bijlage: communicatieplan) en dit op maat van Edegem. Zowel IGEAN, als de milieu- en communicatiedienst zullen hierin een cruciale rol spelen.
Belgisch Staatsblad van 19 december 2003
Op deze datum zijn de oprichtingsakte en de statuten van de opdrachthoudende vereniging IGEAN milieu & veiligheid CV gepubliceerd.
Ministerieel besluit van 1 april 2004
De oprichting en de statuten van de opdrachtgevende vereniging IGEAN milieu & veiligheid worden goedgekeurd.
Raadsbesluit van 25 september 2003
Dit besluit bepaalt dat bepaalde opdrachten en taken in beheersoverdracht kunnen uitgevoerd door IGEAN.
Decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (materialendecreet)
Dit decreet vormt de basis voor het afval en materialenbeleid in Vlaanderen.
Artikelen 5.1.1 en 5.1.2 en bijlage 5.1.4 van het besluit van de Vlaamse regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materialenkringlopen en afvalstoffen (Vlarema)
De gemeente dient het principe 'de vervuiler betaalt' te hanteren. Aan het beheer van het huishoudelijke afval moet door de burger bijgedragen worden op basis van de kostprijs van de dienstverlening naargelang de soort, de hoeveelheid afval per gewicht en per afvalrecipiënt. De minima en maxima bedragen voor huisvuilophaling worden vastgelegd. Volgens bijlage 5.1.4 is 0,3 euro/kg is het maximum voor restafval en wordt een huisvuilzak van 60 liter gelijkgesteld aan 7,5 kg.
Besluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2004 (subsidiebesluit afval en materialenkringlopen)
De aankoop van afvalcontainers voor de selectieve inzameling van huisvuil zijn enkel subsidieerbaar op voorwaarde dat deze inzameling gekoppeld is aan een diftarsysteem.
Collegebesluit van 9 december 2013
Het college keurt de selectieve inzameling van huisvuil op basis van weging met behulp van containers met chip goed.
Raadbesluit van 22 juni 2015
De uitbreiding van de beheersoverdracht aan IGEAN milieu & veiligheid is goedgekeurd voor de aankoop van weeg- en registratiesystemen voor de eigen ophaalwagens en voor het databeheer en de nazorg van het diftarproject.
Met ingang van 1 januari 2016 legt de gemeenteraad de retributies vast voor de inzameling en verwerking van restafval huis-aan-huis via het diftarsysteem met een 2 wekelijkse frequentie van ophaling.
De retributie is hoofdelijk verschuldigd door volgende personen of instanties die deel uitmaken van een aansluitpunt:
Het huisvuil wordt aangeboden in containers die in opdracht van de gemeente door IGEAN milieu en veiligheid ter beschikking worden gesteld. De containers zijn eigendom van de gemeente Edegem en bevatten een ingebouwde elektronische gegevensdrager waardoor de identiteit van de gebruiker gekend is. De containers behoren toe aan de fysische locatie (gebouw, infrastructuur of domein) van het aansluitpunt.
Het gebruik van een huisvuilcontainer is verplicht voor alle gezinnen in Edegem die ingeschreven zijn in het bevolkingsregister of in het vreemdelingenregister. 120 liter is het standaardvolume, maar aansluitpunten kunnen ook kiezen voor een container van 40 of 240 liter. Voor appartementsgebouwen is het tevens mogelijk twee containers van 40 liter per adres aan te vragen. Slechts in uitzonderlijke omstandigheden en enkel op aanvraag en na goedkeuring van het college van burgemeester en schepenen kan gebruik gemaakt worden van een 1.100 liter container.
Het college van burgemeester en schepenen kan ook andere inzamelmethodes goedkeuren, een combinatie van meerdere containers toelaten en overgangsmaatregelen uitvaardigen om praktische redenen.
Retributies
De retributies voor het huisvuil zijn:
|
|
40 l |
120 l |
240 l |
1.100 l |
|
gebruiksrecht per maand |
€ 0,25 |
€ 0,75 |
€ 1,25 |
€ 6,00 |
|
ledigingskost |
€ 0,10 |
€ 0,25 |
€ 0,25 |
€ 2,50 |
|
Verwerking (per kg) |
€ 0,20 |
€ 0,20 |
€ 0,20 |
€ 0,20 |
Voor tweede verblijven bedraagt de retributie voor verwerking 0,27 euro/kg in plaats van 0,20 euro/kg.
Voor wijken die met ondergrondse containers zullen werken met een volume diftar gelijkgesteld aan 40 liter bedragen de retributies: 0,25 euro gebruiksrecht per maand en 1,00 euro per keer dat er gestort wordt.
De aanrekening van het gebruiksrecht gebeurt maandelijks. Bij een wisseling van volume in de loop van de maand, zal het maandelijkse bedrag voor het initiële volume aangerekend worden tot het einde van die maand. De volgende maand zal het maandbedrag van het nieuwe volume aangerekend worden.
Voorschot
De retributie wordt betaald met voorschotten. In opdracht van de gemeente wordt er een uitnodiging tot betaling van een voorschot verstuurd. Elk betaald voorschot blijft verbonden aan het betrokken aansluitpunt dat beroep wenst te doen op de dienstverlening. Telkens een aansluitpunt beroep doet op de selectieve inzameling en verwerking van huisvuil, wordt het daarmee samenhangend bedrag van de retributies van het voorschot afgehouden.
Drempelbedrag
Wanneer het voorschot daalt onder het drempelbedrag ontvangt het aansluitpunt een nieuwe uitnodiging tot betaling van een voorschot. Dit voorschot kan afwijken van het initiële voorschot en wordt berekend op het geraamde gebruik van de dienstverlening voor het volgende jaar. Het geraamde verbruik is gebaseerd op het reële verbruik van het aansluitpunt van de afgelopen periode die minstens uit 3 maanden bestaat. Indien de historiek korter is dan 3 maanden, dan is het bedrag van de nieuwe betalingsuitnodiging het initiële voorschot.
Minimum bedrag
Als het voorschot onder het minimum bedrag daalt, zal er geen dienstverlening meer zijn totdat er opnieuw een voldoende voorschot betaald werd.
De voorschotbedragen zijn:
|
40 l |
120 l |
240 l |
1.100 l |
|
|
€ 40,00 |
€ 70,00 |
€ 100,00 |
€ 400,00 |
De drempelbedragen en minimumbedragen zijn:
|
40 l |
120 l |
240 l |
1.100 l |
|
|
drempelbedrag |
€ 6,00 |
€12,00 |
€ 20,00 |
€ 100,00 |
|
minimumbedrag |
€ 1,50 |
€3,00 |
€ 5,00 |
€ 25,00 |
Tarief omruiling container / plaatsen slot
De retributie voor het plaatsen of wisselen van volume na de opstart van diftar met weging of na 30 kalenderdagen na de inhuizing van een nieuw aansluitpunt, bedraagt 15 euro.
De retributie voor het leveren en plaatsen van een kantelslot bedraagt 20 euro.
Deze retributies worden van het voorschot afgehouden onmiddellijk na de uitvoering van deze opdracht.
Eindafrekening
Bij het beëindigen van de dienstverlening ontvangt het aansluitpunt een eindafrekening en wordt het eventueel overblijvend saldo van het voorschot terugbetaald.
Voor evenementen kunnen tijdelijk 1.100 l containers aangevraagd worden voor huisvuil. Dit voor een minimum periode van 1 dag en een maximum periode van 1 maand. De containers worden op de gevraagde datum door de gemeentelijke diensten geplaatst en na lediging terug opgehaald. Deze dienstverlening is gratis. De lediging met weging gebeurt tijdens de ophaalronde van de huis-aan-huisinzameling. De retributie, nl. de ledigingskost (per ophaling) en verwerkingskost (per kg) zoals vastgelegd in artikel 1 zijn van toepassing. Na de huurperiode wordt er een factuur opgemaakt aan de organisator van het evenement.
De gemeenteraad delegeert aan het college van burgemeester en schepenen de mogelijkheid om sociale correcties uit te voeren op de gestelde tarieven aan personen of gezinnen die geen alternatief hebben voor een deel van de restfractie omwille van professionele of medische redenen.
Wie het afval niet kan of wil bijhouden tot de volgende huisvuilinzameling kan gebruik maken van de zogenaamde piekzak. Het volume van deze piekzak is 60 liter. Deze dient steeds samen met de diftarcontainer buitengezet te worden. Piekzakken die niet bij een diftarcontainer staan worden geweigerd. De retributie van deze piekzak bedraagt 3 euro per stuk.
Bij niet minnelijke regeling zal de inning bij burgerlijke rechtsvordering gebeuren.
Een afschrift van dit besluit wordt bezorgd aan de toezichthoudende overheid (OVAM) en aan IGEAN milieu & veiligheid, die instaat voor de verdere uitvoering gelet op de beheersoverdracht aan IGEAN milieu en veiligheid.
Dit agendapunt werd samen met punt 9 en 10 besproken.
Nu wordt nog met gewone huisvuilzakken gewerkt voor ophaling van het restafval. Vanaf 1 januari 2016 start de gemeente Edegem, net als enkele andere gemeenten in de omgeving, met een diftarsysteem voor de ophaling van het restafval. Hierdoor hanteert men voortaan 100% het principe 'de vervuiler betaalt' omdat men aanrekent conform het gewicht.
Om deze weging en de facturatie van de goedgekeurde retributies correct te kunnen uitvoeren dienen we een registratie- en weegsysteem aan te kopen, moet er een databeheer opgestart worden en is een nazorg van het project nodig. De gemeente schakelt hiervoor IGEAN in die over de know how beschikt om deze opdracht tot een goed einde te brengen.
Het diftarsysteem laat ook toe een afvalbeleid op maat te maken afhankelijk van de doelgroep.
Met het Vlaamse uitvoeringsplan Milieuverantwoord Beheer van Huishoudelijke afvalstoffen 2008-2015 is het beleid vastgesteld rond de selectieve inzameling en de verwerking van het huisvuil. De gemeente Edegem organiseert al vele jaren selectieve inzameling met huisvuilzakken. Het Vlarema bepaalt dat de gemeente het principe 'de vervuiler betaalt' moeten hanteren en dat de doorgedreven uitvoering van dit principe enkel mogelijk is als er voor de inzameling volgens diftar met weging wordt gewerkt. Het Vlaamse gewest stelt via OVAM voor de aankoop ervan subsidies ter beschikking.
Om te werken met massa diftar heeft men volgende zaken nodig:
1. een duurzame container;
2. een chip die de hoeveelheden afval registreert en meet wie dit afval aanbiedt;
3. een systeem op de 2 vuilniswagen om de hoeveelheden te meten (weeg- en registratiesysteem);
4. een vlotte datacommunicatie;
5. een onderhoudscontract voor elk systeem.
IGEAN fungeert als opdrachthoudende vereniging voor de invoering van diftar in de regio en heeft volgende zaken al uitgewerkt:
1. subsidies aangevraagd en verkregen voor de aankoop van een diftarsysteem;
2. aankoop en gunning van de containers met chip;
3. aankoop en gunning voor het leveren van een indentificatie, weeg- en registratiesysteem voor diftarinzameling;
4. aankoop en gunning voor het leveren en het beheer van het registratiesysteem voor de containers;
5. gunning voor het databeheer zoals de dagdagelijkse opvolging van het diftarproject, het beheer van de containers met chips, het inlezen van de ophaalgegevens, het verwerken van de betalingen, het versturen van de betalingsuitnodigingen, het rapporteren, het beantwoorden van vragen van inwoners, het opvolgen van klachten, het voorzien van een gratis infolijn waar inwoners terecht kunnen met vragen over het diftarproject, het voorzien van ondersteuning voor de software, enz ... .
De kostprijs per aansluitpunt bedraagt 12,50 euro.
Gezien het lidmaatschap van de gemeente Edegem is het logisch dat er een volledige beheersoverdracht wordt gedaan.
Belgisch Staatsblad van 19 december 2003
Op deze datum zijn de oprichtingsakte en de statuten van de opdrachthoudende vereniging IGEAN milieu en veiligheid CV gepubliceerd.
Ministerieel besluit van 1 april 2004
De oprichting en de statuten van de opdrachtgevende vereniging IGEAN milieu en veiligheid worden goedgekeurd.
Raadsbesluit van 25 september 2003
Dit besluit bepaalt dat bepaalde opdrachten en taken in beheersoverdracht kunnen worden uitgevoerd met IGEAN.
Decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (materialendecreet)
Dit decreet vormt de basis voor het afval en materialenbeleid in Vlaanderen.
Artikel 5.1.1 van het besluit van de Vlaamse regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materialenkringlopen en afvalstoffen (Vlarema)
De gemeente dient het principe 'de vervuiler betaalt' te hanteren.
Besluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2004 (subsidiebesluit afval en materialenkringlopen)
De aankoop van afvalcontainers voor de selectieve inzameling van huisvuil zijn enkel subsidieerbaar op voorwaarde dat deze inzameling gekoppeld is aan diftar.
Besluit van de Raad van Bestuur van IGEAN van 7 september 2011
De opdracht voor het leveren en het beheer van het registratiesysteem voor diftarproject is gegund aan de firma Plastiek Omnium NV, Ninove.
Besluit van de Raad van bestuur van IGEAN van 4 december 2013 en 4 juni 2014
Er wordt een subsidiedossier voor de aankoop van huisvuilcontainers met chip ingediend bij OVAM. Het niet gesubsidieerde gedeelte wordt gefinancierd met het divident van ISVAG.
Besluit van de Raad van bestuur van IGEAN van 3 september 2014
Volgende opdracht is gegund aan de firma AE Van de Vliet bvba, Industriedijk 14, 2300 Turnhout:
en dit voor een bedrag van 18.500 euro per systeem;
Het totaal bedraagt 23.400 euro exclusief BTW of 28.374,50 euro inclusief BTW.
Collegebesluit van 9 december 2013
Het college gaat principieel akkoord met de selectieve inzameling van huisvuil door weging met behulp van containers voorzien van een chip.
Raadbesluit van 22 juni 2015
De retributies voor de selectieve inzameling van huisvuil huis-aan-huis met diftar vanaf 1 januari 2016 zijn goedgekeurd.
De raad keurt de uitbreiding goed van de beheersoverdracht van de gemeente Edegem aan IGEAN milieu & veiligheid, zoals opgenomen in het raadsbesluit van 25 september 2003 met de volgende opdrachten:
1. de aankoop van 2 weeg- en registratiesystemen voor de selectieve inzameling van huisvuil met diftar;
2. het databeheer en de nazorg van het diftarproject.
Twee uittreksels van deze beslissing worden bezorgd aan IGEAN milieu & veiligheid, Doornaardstraat 60 te 2160 Wommelgem.
Het verslag van de commissie wordt op vraag voorgelezen.
Schepen Brigitte Vermeulen-Goris zegt dat het document is aangepast naar aanleiding van de opmerkingen in de commissie. In het nieuwe besluit is er opgenomen dat het over verkoop gaat en niet 'terbeschikkingstelling.' Tevens is er in het nieuwe besluit duidelijker gemaakt dat het louter een eerste marktbevraging betreft en geen officiële procedure tot aanduiding van een kandidaat-koper. Tijdens de commissie bleek dat hier nog heel wat onduidellijkheid over bestond. De contouren van het terrein zijn meegegeven. Er werden nog geen criteria in huidige marktbevraging opgenomen.
Raadslid Klaas Meesters laat weten dat CD&Vhet idee om co-housing op de site van het Berkenhof te stimuleren, genegen zijn. Maar wel onder enkele duidelijke randvoorwaarden. Namelijk als eerste was deze grond samen met de Heldenstraat voorzien om de gemeentehallen te betalen. Het project zal dus een marktconforme prijs moeten opleveren. Ten tweede zijn de Heldenstraat en de site van Berkenhof 1 site en beïnvloeden zij elkaar wederzijds, wat mogelijk is. Het is dus zeer belangrijk dat het bestuur aangeeft wat daar de randvoorwaarden zijn opdat de sites optimaal op elkaar aansluiten. Ten derde het is aan de overheid om de krijtlijnen van het project te bepalen. Het bestuur kan of moet dit uiteraard in samenspraak met de buurt doen maar het is niet de bedoeling om een ontwikkelaar zelf zijn bouwmogelijkheden te laten uittekenen. En als laatste, co-housing is maar interessant in een beleid rond betaalbaar wonen als er een tussenpartij kan worden uitgeschakeld. Dus concreet vraagt hij om in de afweging mee te nemen dat niet projectontwikkelaars maar groepen met potentiele bewoners inschrijven. Zij stemmen dus voor maar zullen steeds deze punten onder de aandacht houden.
Raadslid Sien Pillot zegt dat om betaalbaar wonen te realiseren in de gemeente een bestuur weinig mogelijkheden heeft. Dit bestuur probeert de site gelegen aan de Kontichstraat alsnog een socialer karakter te geven en door de vorm van co-housing betaalbaarder te houden. Het bestuur benut hierbij 1 van de weinige kansen die er zijn. Met deze marktbevraging hoeft men dan ook niet te wachten op de verhuis van de diensten maar kunnen nu al de eerste stappen gezet worden.
Raadslid René Janssens wil nog eens herhalen dat het louter om een marktbevraging gaat en geeft aan dat er verschillende creatieve bureaus op de markt zijn die kunnen helpen in het uitwerken van de krijtlijnen.
Schepen Brigitte Vermeulen-Goris neemt de opmerkingen zeker mee. Zij voegt nog toe dat alle input welkom is want er zijn nog niet zo heel veel plaatsen waar dit momenteel bestaat.
Burgemeester Koen Metsu zegt dat het voor zich staat dat zij net zoals andere projecten ook hier de burgers zullen betrekken na de marktbevraging. De grond gaat men ook niet verkopen aan een ontwikkelaar maar net aan een groep co-housers, die zelf als bouwheer zullen optreden.
Het gemeentebestuur nam 'alternatief en betaalbaar wonen' op in het 'Woonbeleidsplan 2012-2020'.
Het Strategisch Meerjarenplan 2014-2019 omschrijft hiertoe als acties het stimuleren van co-housing en samenhuizen (G-10-10) enerzijds en het onderzoeken van alternatieve eigendomsverwerving (G-10-70), andere dan verkoop, anderzijds.
Het gemeentebestuur bracht de realisatie van een co-housing project naar voren op de site van Berkenhof.
De gemeente verstaat onder ‘co-housing’ een groepswoonproject met private eenheden gecombineerd met gemeenschappelijke functies. Het project vormt ruimtelijk en architecturaal één geheel en biedt een verhoogde kans op sociale interactie. Het staat de kandidaat-geïnteresseerden vrij om een eigen visie te vormen en een invulling te geven over deze collectieve binnen- en buitenruimtes.
Het Strategisch Meerjarenplan omschrijft ook de verkoop van een gedeelte van de site Heldenstraat-Berkenhof (Actie K-11-10-10) omdat deze site op termijn geen strategische functie meer zal hebben binnen het gemeentelijk beleid.
De gemeente Edegem stelt de site ter beschikking voor een gemeenschappelijk woonproject. De gemeente biedt geen kant- en klaar project aan, maar wil het terrein overdragen aan een geschikte kandidaat bouw- en woongroep die het co-housingproject zelf op een duurzame manier kan uitdenken, realiseren, bewonen en beheren. De groep moet erop gericht zijn het project zelf te bewonen, te beheren en mag geenszins speculatieve doelstellingen voor ogen hebben.
Dit co-housingproject heeft zijn eigen, concrete objectieven. Daarom is het wenselijk deze objectieven te vertalen in een marktbevraging, zodat alle mogelijke belanghebbenden in dit project een zo volledig mogelijk beeld kunnen krijgen over de mogelijkheden van een co-housing project.
Projectzone
Rekening houdend met de bodemsanering van de site Heldenstraat (Dienst Uitvoering) en de onteigeningsprocedure van het tussenliggende perceel, is de site ‘Berkenhof’ het meest aangewezen voor de realisatie van het woonproject. Deze site bestaat uit twee zones:
Deze zones werden samengevoegd tot één site van ca. 4750m² omwille van de toegangelijkheid van de site.
Hierbij dient rekening gehouden te worden met volgende punten:
De marktbevraging heeft tot doel:
De op deze manier ingewonnen informatie moet toelaten een dossier voor te bereiden voor een (financieel) realistisch project met een bijzondere meerwaarde voor alle partijen.
Door een marktbevraging te organiseren in een vroege fase van de besluitvorming, kan de gemeente op basis van de resulaten van de bevraging het project optimaliseren en beter geïnformeerde beslissingen nemen omtrent de uitvoering van het co-housing project.
Er is geen standaardformule of wettelijk kader voor het organiseren van marktbevragingen.
De marktverkenning omvat:
Richtlijn 2014/24/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en tot intrekking van Richtlijn 2004/18/EG.
Deze bepaling erkent de geldigheid van de praktijk waarbij de aanbestedende overheden de evolutie van de producten en technieken op de markt volgen.
Artikel 8, § 2, eerste lid, van het Richtlijn 2014/24/EG.
Dit artikel omschrijft dat de marktverkenning moet plaatsvinden vóór het uitschrijven van de gunningsprocedure en mag ook niet leiden tot enige vorm van vooronderhandelingen met bepaalde ondernemingen en dat de marktverkenning niet tot een verhindering of vertekening van de mededinging mag leiden.
Koninklijk Besluit van 15 juli 2011.
Dit besluit bepaalt de voorwaarden en grenzen van een marktbevraging door een openbaar bestuur.
Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 15 juli 2011.
Dit artikel omschrijft dat de aanbestedende overheid vóór het aanvatten van een gunningsprocedure de markt mag verkennen met het oog op het opstellen van de opdrachtdocumenten en -specificaties, op voorwaarde dat die marktverkenning niet tot een verhindering of een vertekening van de mededinging leidt.
Omzendbrief BB 2010/02. - Vervreemding van onroerende goederen door de provincies, gemeenten, O.C.M.W.'s en besturen van de erkende erediensten. - Procedure
Deze omzendbrief wijst de provincies en de lokale besturen op de procedure die ze moeten volgen als ze een gedeelte van hun onroerend patrimonium willen vervreemden. In deze omzendbrief wordt ook vermeld dat dat elke onroerende vervreemding door een lokaal bestuur de regel is.
Raadsbesluit van 29 april 2013 over het Woonbeleidsplan 2012-2020.
Dit besluit keurt het Woonbeleidsplan 2012-2020 goed met daarin de operationale doelstelling 1.1. :'De gemeente maakt alternatieve woonvormen realiseerbaar'.
De raad keurt de oproep goed tot marktbevraging voor het co-housing project op de site Berkenhof, Kontichstraat 46.
De gemeente Edegem beoogt het sluiten van een raamovereenkomst met twee expert-landmeter voor het opstellen van:
Het gemeentebestuur streeft om organisatorische redenen naar de aanstelling van twee landmeter-experts die beurtelings en/of naargelang de expertise en timing kunnen worden ingezet.
De voordelen van het werken met een raamovereenkomst zijn:
Wet van 11 mei 2003 tot bescherming van de titel en het beroep van landmeter-expert
Deze wet omschrijft de bescherming van het beroep van landmeter-expert.
Wet van 15 juni 2006 betreffende de overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten, en latere wijzigingen.
Deze wet omschrijft de procedure voor overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten.
Wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten.
Deze wet regelt en omschrijft de motivatie, de informatie en rechtsmiddelen voor overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten.
Decreet van 10 december 2010 houdende aanstelling van erkende landmeters door provincies, gemeenten en OCMW’s voor het opmaken van schattingsverslagen in het kader van onroerende verrichtingen die worden gesteld door de provincies, gemeenten en OCMW’s.
Dit decreet omschrijft de procedure voor de aanstelling van landmeters door een overheid voor de opmaak van schattingsverslagen.
Koninklijk besluit van 15 december 2005 tot vaststelling van de voorschriften inzake de plichtenleer van de landmeter-expert
Dit besluit omschrijft de plichtenleer van de landmeter-expert.
Koninklijk besluit van 15 juli 2011 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen.
Dit besluit regelt de plaatsing van overheidsopdrachten in de klassieke sectoren.
Koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten en van de concessies voor openbare werken, en latere wijzigingen.
Dit besluit regelt en beschrijft de uitvoering van overheidsopdrachten en concessies voor openbare werken.
Het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming (ARAB), Welzijnswet en Codex over het welzijn op het werk.
Dit reglement omschrijft de arbeidsbescherming, de Welzijnswet en de Codex over welzijn op het werk.
De raad keurt de lastvoorwaarden en de gunningswijze voor het aanstellen van 2 landmeter-experts goed.
In het verleden stelden zich problemen rond de toewijzing van sociale huurwoningen voor lokale binding en mantelzorg. Het is daarom aangewezen een reglement op te stellen om deze problematiek te reglementeren.
Nadat we het goedgekeurde toewijzingsreglement hebben verstuurd aan de toezichthoudende overheid, ontvingen we op 2 maart 2015 het antwoord (zie bijlage) dat het reglement voorwaardelijk werd goedgekeurd. Opdat het reglement definitief zal worden goedgekeurd, dient het reglement aangepast te worden als volgt:
Door de opmaak van een lokaal toewijzingsreglement wil de gemeente Edegem de mensen die hier wonen de kans geven om in Edegem te blijven wonen. Mensen die de laatste 3 jaar in Edegem hebben gewoond, hebben vaak al een sociaal netwerk uitgebouwd en een band gekregen met de gemeente. Bovendien is het belangrijk dat mensen zolang mogelijk in hun eigen woning kunnen blijven. Mantelzorg komt aan deze verzuchting tegemoet.
In het toewijzingsreglement worden volgende categorieën gedefinieerd:
Lokale binding
Gezinnen die minstens de laatste 5 jaar, 3 jaar in de gemeente wonen en gezinnen die ooit minstens 3 jaar in de gemeente hebben gewoond.
Mantelzorg
Mantelzorgers, zowel Edegemnaars als niet-Edegemnaars, die hulpbehoevende Edegemenaars verzorgen en Edegemnaars die mantelzorg ontvangen'
Decreet van 15 juli 1997 houdende de Vlaamse Wooncode.
Bepaalt de kwaliteitsnormen van woningen, de doelstellingen en organisatie van het woonbeleid, de werking van sociale woonorganisaties, de instrumenten van het woonbeleid en de verhuring van woningen in de sociale sector.
Besluit van de Vlaamse Regering van 1 januari 2008, artikels 26 tot en met 29, gewijzigd op 4 oktober 2013.
Regelt de verhuringen van woningen in de sociale sector en artikels 26 tot en met 29 staan gemeenten toe een eigen toewijzingsbeleid te voeren.
Besluit van de Vlaamse Regering van 12 oktober 2007 ter uitvoering van titel VII van de Vlaamse Wooncode.
Bepaalt de reglementering van het sociale huurstelstel.
Omzendbrief van 27 februari 2011 van Minister Van den Bossche.
Regelt de opmaak van een lokaal toewijzingsreglement voor ouderen.
Collegebesluit van 6 januari 2014.
Legt de versnelde procedure tot opmaak van een lokaal toewijzingsreglement voor ouderen vast.
Raadsbesluit van 27 januari 2014.
Goedkeuring gemeenteraad lokaal toewijzingsregelement voor ouderen.
De gemeenteraad keurt het toewijzingsreglement voor sociale woningen met lokale binding en voorrang voor mantelzorgers als volgt goed:
"Gemeentelijk toewijzingsreglement sociale huurwoningen
Onderhavig toewijzingsreglement is van toepassing op het patrimonium dat gelegen is op het grondgebied van de gemeente Edegem en toebehoort aan de sociale huisvestingsmaatschappijen die er werkzaam zijn.
Afwijking van het standaardluik toewijzingsreglement sociale huurwoningen
Lokale binding, in cascade:
Mantelzorgers dienen één van de volgende documenten af te leveren:
- een attest, afgeleverd door een door de Vlaamse Gemeenschap erkende zorgkas, dat aantoont dat de persoon met een verminderd zelfzorgvermogen erkend is als zorgbehoevende in het kader van de Vlaamse zorgverzekering.
- een verklaring ingevuld door de sociale dienst van het OCMW of een dienst maatschappelijk werk van het ziekenfonds."
Het reglement zal ter goedkeuring worden voorgelegd aan het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed en vervolgens worden geïntegreerd in het interne huurreglement van de sociale huisvestingsmaatschappijen die in de gemeente werkzaam zijn.
Het gemeentelijk toewijzingsreglement treedt in werking op de eerste dag volgend op de ontvangstmelding van de goedkeuring van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed.
De gemeenteraad keurde in de zitting van 24 maart 2014 het belastingsreglement ter bestrijding van leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten tot en met 31 december 2019 goed.
De gemeentelijke administratie dient ieder kalenderjaar een gemeentelijke inventaris op te stellen van de leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten op haar grondgebied en dient deze lijst door te geven aan het departement Ruimte Vlaanderen.
In het huidige belastingsreglement ontbreken een aantal procedure-elementen en is de werkwijze van de heffing niet optimaal geregeld. Daarom is het wenselijk om het reglement aan te passen.
Het reglement wordt aangepast aan de reglementering die Ruimte Vlaanderen hanteert voor de leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.
Het huidige belastingsreglement beschrijft niet:
Wijze van opname en beroepsprocedures
De beschrijving van de wijze van opname in de gemeentelijke inventaris via een beschrijvend verslag en een administratieve akte is echter een voorwaarde om een gemeentelijke inventaris aan te leggen en om op de geïnventariseerde gebouwen een belasting te kunnen heffen.
De belastingsplichtigen moeten ook geïnformeerd worden over de beroepsprocedures en hoe zij de schrapping uit de gemeentelijke inventaris kunnen aanvragen.
Heffing
Heffing op basis van straatgevellengte
Een andere motivatie tot aanpassing van het reglement is de wijze waarop de heffing wordt berekend. Deze wordt berekend via de straatgevellengte van het gebouw en het aantal bouwlagen.
De exacte straatgevellengte is echter moeilijk te kennen indien een opmetingsplan van de huidige toestand ontbreekt dat door een landmeter-expert is opgesteld en door de eigenaar(s) mee is ondertekend.
Ruimte Vlaanderen doet bij vaststellingen van leegstand en verwaarlozing ook geen opmetingen van de straatgevellengte of van de totale lengte van de gebouwen.
Ontbreken van een opmetingsplan
De grafische voorstelling van het gebouw op een kadasterplan (ook bij Orbit en Cadgisviewer MinFin) geeft slechts een vermoeden van de gevellengte. Bovendien geven verschillende metingen via het kadasterplan geen éénduidig resulaat. Het Kadaster heeft ook geen juridische waarde. Het spreekt voor zich dat een eigenaar bezwaar kan indienen tegen de heffing op basis van de straatgevellengte.
Een door de eigenaar ondertekend opmetingsplan is het enige document dat 'een zekere' waarde van straatgevellengte kan geven.
Om betwistingen over de 'onbekwaamheid' in opmetingen en het verkrijgen van toegang tot het perceel door te eigenaar voor opmeting te vermijden, is een andere berekeningsmethode voor de heffing aangewezen.
Verhouding straatgevellengte tot de totale gevellengte en tot de totaaloppervlakte
Een andere struikel-element is de verhouding van de belastbare straatgevellengte tot de totale straatgevellengte, en zelfs tot de totale oppervlakte van het gebouw.
Deze methode is ook niet ideaal voor grote percelen waarvan slechts een zeer klein gedeelte van het erop aanwezige gebouw verwaarloosd is.
Heffing via het kadastraal inkomen (KI)
Daarom is het opportuun om de belasting te heffen via het kadastraal inkomen. Deze berekeningsgrondslag wordt gebruikt door Ruimte Vlaanderen.
Het kadstraal inkomen vormt de basis voor de inning van de onroerende voorheffing en voor de bepaling van het onroerend inkomen dat wordt belast in de personenbelasting. Dit bedrag is gekend en goedgekeurd door de eigenaar waardoor hij hierop geen bezwaar kan indienen.
Deze methode is echter opnieuw niet ideaal voor percelen die één groot perceel vormen en waarvan slechts een zeer klein gedeelte van het erop aanwezige gebouw verwaarloosd is.
Daarom is het in deze situaties aangewezen om eventueel met een minimumbedrag te belasten.
Toepassing
Ruimte Vlaanderen past 4 tarieven toe op telkens een deel van het kadastraal inkomen voor de berekening van de heffing:
| Toepasselijke schijf van het KI (in euro) | Heffingspercentage |
| 0 - 12 350 | 150% |
| 12.351 - 37 150 | 125% |
| 37.151 - 74 350 | 100% |
| meer dan 74 350 | 75% |
De heffing bedraagt nooit minder dan 3 700 euro.
Voor de heffing van niet-landbouwbedrijven komt het bedrag van de heffing bovendien minstens overeen met een tarief van 2,47 euro/m² oppervlakte van het grondvlak van het terrein, namelijk een kadastrale oppervlakte die vastgelegd is door het Kadaster.
Het gebruik van deze methode heeft trouwens hogere heffingsbedragen tot gevolg. Daarom is het eventueel wenselijk een maximum percentage van de heffing van het Vlaamse Gewest als basisbedrag voor de belasting te gebruiken.
Omdat deze belasting als doel heeft de houders van het zakelijk recht ertoe aan te moedigen om de leegstand en/of de verwaarlozing van het gebouw zo spoedig mogelijk op te lossen en niet om zoveel mogelijk inkomsten te genereren, is het percentage van 60% te verantwoorden, net als het behoud van de verhoging met 25% per bijkomende nieuwe termijn van twaalf maanden dat de bedrijfsruimte leeg staat of verwaarloosd is.
Een nieuw ontwerp van het belastingsreglement is in bijlage opgenomen.
Decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsgebouwen.
Dit decreet regelt de bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaalozing van bedrijfsgebouwen.
Decreet van 15 juli 2005, artikels 42 en 43, § 2, 15°.
De gemeenteraad regelt alles wat van gemeentelijk belang is en is bevoegd voor het vaststellen van gemeentebelastingen en retributies.
Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Dit decreet regelt de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de gemeentebelasting.
Besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 1997 tot uitvoering van het decreet van 19 april 1997 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsgebouwen.
Dit besluit regelt de inning van de heffing.
Raadsbesluit van 16 december 2013.
Dit besluit regelt de bestrijding van leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten tot en met 31 december 2019.
Raadsbesluit van 24 maart 2014
Het belastingsreglement op bestrijding van leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten wordt goedgekeurd door de gemeenteraad.
Heffingstermijn
Voor een termijn van 5 jaar, die start op 1 januari 2014 en eindigt op 31 december 2019, wordt jaarlijks een belasting geheven op leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten op het grondgebied van de gemeente.
Toepassingsgebied.
§1. Terminologie
A. Bedrijfsruimte:
De verzameling van alle percelen waarop zich minstens één bedrijfsgebouw bevindt, als één geheel te beschouwen en die toebehoren aan dezelfde eigenaar. Deze verzameling heeft minstens een oppervlakte van 5 aren.
Uitgesloten is het perceel waarop zich een bedrijfsgebouw bevindt waarin de woning van de eigenaar een niet-afsplitsbaar onderdeel uitmaakt en dat nog effectief wordt benut als verblijfplaats.
Een woning wordt als afsplitsbaar beschouwd ten opzichte van het bedrijfsgebouw indien zij na het slopen van het bedrijfsgebouw als een afzonderlijke, volwaardige woning kan worden beschouwd die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
B. Bedrijfsgebouw:
Elk gebouw of gedeelte van een gebouw waarin een economische activiteit heeft plaatsgevonden of plaatsvindt.
C. Economische activiteit:
Iedere industriële, ambachtelijke, handels-, diensten-, landbouw-of tuinbouw-, opslag-of administratieve activiteit. Deze activiteit is bepalend door welke de laatste hoofdactiviteit is of was, en voor nieuwe bedrijfsruimten, welke de bestemming is of was die aan het bouwen in de stedenbouwkundige vergunning werd gegeven.
D. Geheel of gedeeltelijke leegstaande bedrijfsruimte:
Vanaf het ogenblik dat een bedrijfsruimte voor meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte van de bedrijfsgebouwen niet effectief wordt benut gedurende een termijn van minstens 12 opeenvolgende maanden. Het gebruik van de ruimte dient rationeel te zien.
E. Gehele of gedeeltelijke verwaarlozing:
Een bedrijfsruimte wordt als verwaarloosd beschouwd wanneer zij uitgesproken gebreken van algemene of beperkte omvang vertoont aan buitenmuren, schoorstenen, dakbedekking, dakgebinte, buitenschrijnwerk, buitentimmerwerk, kroonlijst, dakgoten, trappen of liften.
Er is sprake van beperkte verwaarlozing als het gebrek betrekking heeft op de helft of minder dan de helft van de oppervlakte, de lengte of de breedte, met andere woorden, als de verwaarlozing plaatselijk, niet uitgebreid, lokaliseerbaar is.
Er is sprake van algemene verwaarlozing als het gebrek zich voordoet over meer dan de helft van de oppervlakte, de lengte of de breedte.
Een dergelijke ruimte wordt in de gemeentelijke lijst opgenomen als de bedrijfsruimte minimaal twee beperkte gebreken of één algemeen gebrek vertoont.
Gebreken van welke omvang ook die de stabiliteit of de veiligheid in het gedrang brengen, leiden steeds tot opname in de gemeentelijke lijst. Hetzelfde geldt voor bedrijfsruimten die met vochtproblemen kampen.
F. Gemeentelijke inventaris en administratie:
Het instrument dat alle leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten bevat die aan de belasting kunnen worden onderworpen. Dit instrument wordt door de administratie beheerd. De administratie is de gemeentelijke administratieve eenheid die door het gemeentebestuur wordt belast met het beheer van de gemeentelijke inventaris.
G. Zakelijk gerechtigde/eigenaar:
De houder van een van de volgende zakelijke rechten met betrekking tot een bedrijfsruimte:
- de volle eigendom
- het recht van opstal of van erfpacht
- het vruchtgebruik
H. Beveiligde zending
Eén van de hiernavolgende betekeningsbewijzen:
- een aangetekend schrijven
- een afgifte tegen ontvangstbewijs
- elke door de Vlaamse Regering toegelaten betekeningswijze waarop de datum van kennisgeving met zekerheid wordt vastgesteld.
§2. Belastbaar feit
De belasting op leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten wordt geheven op de bedrijfsruimten die voorkomen in de gemeentelijke inventaris, zoals bedoeld in artikel 2 § 1.F. gemeentelijke inventaris.
De belasting is voor het eerst verschuldigd op 1 januari van het aanslagjaar volgend op de eerste periode van 12 maanden na de vaststelling van de toestand van leegstand en verwaarlozing.
Gemeentelijke inventaris
§1. Bevoegdheid:
Onverminderd de toepassing van 89bis van het Wetboek van strafvordering en overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen, hebben de ambtenaren van de administratie toegang tot de bedrijfsruimte om alle voor de inventarisatie noodzakelijke opsporingen en vaststellingen te verrichten.
§2. Gemeentelijke inventaris:
De administratie houdt een gemeentelijke inventaris van leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten bij.
§3. Inventarisatie van leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten:
A. De inventarisatiedatum:
a) de opname in de gemeentelijke inventaris gebeurt op datum van de administratieve akte van leegstand voor leegstaande bedrijfsruimten, en op datum van de administratieve akte tot vaststelling van de verwaarlozing voor verwaarloosde bedrijfsruimten.
b) nieuwe, doch leegstaande bebouwde onroerende goederen worden pas in de gemeentelijke inventaris geregistreerd na het verstrijken van een termijn van 2 jaar na de eerste betekening van het kadastraal inkomen zoals bepaald in artikel 495 WIB, onverminderd de bepalingen van artikel 497 tot en met 503 WIB.
c) Bedrijfsruimten waarvan meer dan 50% van de totale vloeroppervlakte van de bedrijfsgebouwen leegstaat door de stopzetting van de economische activiteit overeenkomstig te voorwaarden en regels, bedoeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van één of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan, worden pas in de gemeentelijke inventaris geregistreerd na het verstrijken van een termijn van 5 jaar. Deze termijn gaat in vanaf de volledige stopzetting, bedoeld in artikel 4, 1°, van het Decreet van 19 april 1995.
B. Wijze van opname in de gemeentelijke inventaris:
a) Een leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimte wordt opgenomen in de gemeentelijke inventaris aan de hand van een genummerde administratieve akte, waarbij een fotodossier en een beschrijvend verslag, met vermelding van de elementen die de leegstand of verwaarlozing staven, gevoegd worden.
De ambtenaren van de administratie zijn bevoegd om leegstand en/of verwaarlozing van een bedrijfsruimte op te sporen en in een administratieve akte vast te stellen.
b) Het vermoeden van leegstand kan mede gebeuren op basis van één of meer van onderstaande indicaties:
C. In de gemeentelijke inventaris worden echter niet opgenomen:
a) Bedrijfsruimten waarop een onteigeningsbeslissing rust, of waar een procedure tot onteigening is ingezet, of waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning meer wordt afgeleverd omdat een onteigeningsplan wordt voorbereid.
b) Bedrijfsruimten die in het kader van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van de monumenten en stads- en dorpsgezichten beschermd zijn als monument of stads- en dorpsgezicht of die bij ministerieel besluit zijn opgenomen in een ontwerp van lijst tot bescherming in het kader van dit decreet.
c) Een kadastraal perceel waarop zich een bedrijfsgebouw bevindt waarin de woning van de eigenaar(s) een niet-afsplitsbaar onderdeel uitmaakt van het gebouw én nog effectief wordt benut als verblijfsplaats. Een woning wordt als afsplitsbaar beschouwd ten opzichte van de bedrijfszone indien zij na sloping van het bedrijfsgebouw als een afzonderlijke volwaardige woning kan worden beschouwd die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
D. Kennisgeving en beroepsprocedure:
a) De zakelijk gerechtigde wordt per beveiligde zending in kennis gesteld van de beslissing tot opname in de gemeentelijke inventaris. De kennisgeving omvat zowel de administratieve akte als het beschrijvend verslag.
b) Binnen een termijn van 30 dagen, ingaand de dag na deze van de betekening van het aangetekend schrijven, zoals vermeld hiervoor, kan een zakelijk gerechtigde bij het college van burgemeester en schepenen beroep aantekenen tegen deze beslissing tot opname in de gemeentelijke inventaris.
Het beroep wordt per beveiligde zending betekend.
Het beroepsschrift moet gedagtekend zijn en moet minimaal volgende gegevens bevatten:
Als het beroepsschrift ingediend wordt door de persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde; voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.
De indiener voegt bij het verzoekschrift de overtuigingsstukken die hij nodig acht.
c) Zolang de indieningstermijn van 30 dagen niet is verstreken, kan een vervangend beroepschrift ingediend worden, waarbij het eerdere beroepschrift als ingetrokken zal worden beschouwd.
d) Elk inkomend beroepsschrift wordt in de gemeentelijke inventaris geregistreerd en aan de indiener wordt er volledig- en ontvankelijkheidsbewijs verstuurd. Dit gebeurt door de beroepsinstantie (het college of één of meerdere personeelsleden aan wie het college deze bevoegdheid heeft gedelegeerd.
e) Het beroep is alleen onontvankelijk:
Als het beroepsschrift onontvankelijk is, deelt de beroepsinstantie dit mee aan de indiener met de vermelding dat de procedure als afgehandeld wordt beschouwd.
f) De beroepsinstantie onderzoekt de gegrondheid van de ontvankelijke beroepschriften op stukken als de feiten vatbaar zijn voor directe, eenvoudige vaststelling of met een feitenonderzoek, dat uitgevoerd wordt door de met de opsporing van leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten belaste ambtenaar.
Het beroep wordt geacht ongegrond te zijn als de toegang tot de bedrijfsruimte wordt geweigerd of verhinderd voor het feitenonderzoek.
g) Het college doet uitspraak over het beroep en betekent zijn beslissing aan de indiener ervan binnen een termijn van 90 dagen, ingaand de dag na deze van de betekening van het beroepsschrift. De uitspraak wordt per beveiligende zending betekend.
Als het college het beroep gegrond acht, of nalaat binnen de termijn van 90 dagen kennis te geven van zijn beslissing, kunnen de eerder gedane vaststellingen geen aanleiding geven tot een nieuwe beslissing tot opname in de gemeentelijke inventaris.
h) Indien de beslissing tot opname in de gemeentelijke inventaris niet tijdig wordt betwist, of het beroep van de zakelijk gerechtigde onontvankelijk of ongegrond is, neemt de administratie de bedrijfsruimte in de gemeentelijke inventaris op vanaf de datum van de vaststelling van de leegstand en/of de verwaarlozing.
E. Schrapping uit de gemeentelijke inventaris
Een geregistreerde bedrijfsruimte wordt uit de gemeentelijke inventaris geschrapt ten gevolge van de beëindiging van de gehele of een gedeeltelijke leegstand en/of verwaarlozing, een onteigeningsbeslissing, of een opname bij ministerieel besluit in een ontwerp van lijst tot bescherming in het kader van het decreet van 3 maart 1976 ter bescherming als monument of stads- en dorpsgezicht.
a) een leegstaande bedrijfsruimte wordt uit de gemeentelijke inventaris geschrapt eens een zakelijk gerechtigde bewijst dat meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte aangewend wordt voor een economische activiteit, zoals bedoeld in artikel 2§1.C., en dit gedurende een termijn van ten minsten 6 opeenvolgende maanden
Een (handels)huurovereenkomst kan echter nooit als bewijs gelden voor de beëindiging van de leegstand van een bedrijfsruimte, aangezien deze geen enkele aanwijzing geeft omtrent de effectieve benutting van een bedrijfsruimte.
De datum van schrapping is de eerste dag van de aanwending.
b) Een verwaarloosde bedrijfsruimte wordt uit de gemeentelijke inventaris geschrapt na opmaak van een gunstig controleverslag.
De datum van schrapping is de dag van de opmaak van het gunstig controleverslag.
c) Voor de schrapping uit de gemeentelijke inventaris richt de zakelijk gerechtigde een gemotiveerd verzoek aan de administratie, op de wijze, vermeld in artikel 3 § 3.D.b. van dit reglement (zelfde procedure als voor een beroepsschrift).
d) De administratie onderzoekt of er redenen zijn tot schrapping en neemt een beslissing binnen een termijn van twee maanden na de ontvangst van het verzoek.
De bepalingen vermeldt in artikel 3 § 3.D.f. van dit reglement, zijn voor het onderzoek van toepassing. De administratie brengt de verzoeker op de hoogte van haar beslissing met een beveiligde zending.
Berekeningsgrondslag.
§1. De belasting is ondeelbaar voor het hele aanslagjaar verschuldigd.
§2. De berekeningsgrondslag is de heffing van het Vlaamse Gewest in toepassing van het decreet van 19 april 1995. De heffing wordt berekend op basis van het geïndexeerd kadastraal inkomen (KI) zoals gekend op 1 januari van het aanslagjaar. Het wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van het indexcijfer van de consumptieprijzen. Het indexcijfer van 1 januari 1995 geldt als basisindexcijfer.
Niet alleen het KI van het perceel dat de leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimte uitmaakt zelf wordt meegeteld, maar eveneens het KI van alle opstanden op het perceel.
Voor de niet-landbouwbedrijven wordt daar bijkomend het KI bijgeteld van alle aangrenzende percelen die één geheel vormen met de leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimte, als ze van dezelfde eigenaar zijn.
Voor de berekening van de heffing worden 4 tarieven toegepast op telkens een deel van het kadastraal inkomen :
Toepasselijke schijf van het KI (in euro) Heffingspercentage
0 – 12.350 150 %
12.351 – 37.150 125 %
37.151 – 74.350 100 %
meer dan 74.350 75%
De heffing bedraagt nooit minder dan 3 700 EUR.
Voor de niet-landbouwbedrijven komt het bedrag van de heffing bovendien minstens overeen met een tarief van 2,47 EUR/m² oppervlakte van het grondvlak van het terrein, zijnde de kadastrale oppervlakte zoals vastgelegd door de diensten van het kadaster.
Tarieven.
Het basisbedrag van de belasting bedraagt 60% van de heffing van het Vlaamse Gewest.
De minimumaanslag per bedrijfsruimte bedraagt 3 700 euro.
De belasting verhoogt met 25 % per bijkomende nieuwe termijn van 12 maanden dat de bedrijfsruimte leeg staat of verwaarloosd is.
Belastingplichtige.
§1. Als belastingplichtige wordt beschouwd de zakelijk gerechtigde, zoals bedoeld in artikel 2 §1.G. Indien er een recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik bestaat, is de belasting verschuldigd door diegene die op het ogenblik van de opname in de gemeentelijke inventaris houder is van dat recht.
§2. Zolang de bedrijfsruimte niet is geschrapt uit de gemeentelijke inventaris, is de zakelijk gerechtigde, bedoeld in §1, op het ogenblik dat een nieuwe termijn van 12 maanden verstrijkt de belastingplichtige van de nieuwe belasting.
§3. Als één van de zakelijke rechten, zoals bedoeld in artikel 2 § 1.G., in onverdeeldheid toebehoort aan meer dan één persoon, geldt de onverdeeldheid als belastingplichtige. De leden van de onverdeeldheid zijn gehouden tot betaling van het verschuldigde bedrag naar rato van hun deel in de onverdeeldheid.
§4. Degene die een zakelijk recht, zoals bedoeld in artikel 2 § 2 F., overdraagt, moet de verkrijger ervan uiterlijk op het ogenblik van de overdracht van het zakelijk recht wordt gevestigd. De instrumenterend ambtenaar dient de verkrijger van het zakelijk recht er voorafgaandelijk in kennis van te stellen dat het goed is opgenomen in de inventaris.
§5. Degene die het zakelijk recht overdraagt, is tevens verplicht om binnen de maand na het verlijden van de notariële akte, per aangetekend schrijven aan de administratie een kopie van de notariële akte over te maken. Deze kopie bevat minstens de volgende gegevens:
- naam en adres van de verkrijger van het zakelijk recht en zijn eigendomsaandeel.
- datum van akte, naam en standplaats van de notaris.
- nauwkeurige aanduiding van de overgedragen woning of van het overgedragen gebouw.
De instrumenterend ambtenaar kan ook de gemeentelijke administratie in kennis stellen van de overdracht en dit binnen de maand na het verlijden van de authentieke overdrachtsakte met vermelding van de datum ervan, de identiteitsgegevens van de eigenaar en zijn eigendomsaandeel.
Bij ontstentenis van deze kennisgeving wordt de overdrager van een zakelijk recht, zoals bedoeld in artikel 2 § 2. F., als belastingplichtige beschouwd voor de eerst volgende belasting die na de overdracht van het zakelijk recht wordt gevestigd.
Vrijstellingen.
Er kan een vrijstelling van de belasting worden verleend aan natuurlijke personen of rechtspersonen die een zakelijk recht, bedoeld in artikel 2 §1.G., uitoefenen over volgende bedrijfsruimten, die in de gemeentelijke inventaris zijn opgenomen:
§1. De bedrijfsruimte die eigendom is van de natuurlijke persoon waarvan de handelingsbekwaamheid werd beperkt door een gerechtelijke beslissing.
§2. De bedrijfsruimte die getroffen is door een ramp.
Deze vrijstelling geldt principieel gedurende 3 jaar vanaf de datum van de ramp. Het college kan deze termijn verlengen zolang het ingediende dossier niet is afgehandeld.
§3. De bedrijfsruimte die in de loop van het jaar voorafgaand aan het aanslagjaar, van eigenaar is veranderd.
Deze vrijstelling geldt gedurende 2 jaar vanaf de datum van de notariële akte van overdracht van eigendom.
Deze vrijstelling geldt niet voor overdrachten aan:
§4.
Deze vrijstelling geldt gedurende 2 jaar vanaf de datum van de stedenbouwkundige vergunning.
§5. De bedrijfsruimte waarvan het effectief gebruik onmogelijk is omwille van een verzegeling door een strafrechtelijk onderzoek of omwille van een expertise door een gerechtelijke procedure, vanaf het begin van de onmogelijkheid tot effectief gebruik tot 2 jaar na het einde van de onmogelijkheid.
Enkel de vrijstellingen, voorzien in dit artikel, zijn van toepassing. Vrijstelling van de heffing van het Vlaams Gewest betekent niet automatisch ook vrijstelling van deze belasting.
Deze vrijstellingen kunnen gecumuleerd worden, zodat de totale vrijstelling van de belasting beperkt blijft tot drie aanslagjaren.
§6. Het bedrijfsgebouw dat geheel of gedeeltelijk leegstaat ingevolge bedrijfseconomische omstandigheden, maar in goede staat wordt gehouden zodat het onmiddellijk in gebruik kan genomen worden. Deze vrijstelling geldt voor een periode van 1 jaar.
§7. De bedrijfsruimte waarvoor een aanvaarde vernieuwing geldt, overeenkomstig artikel 34 van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsgebouwen, laatst gewijzigd bij decreet van 22 juni 2012. Deze vrijstelling geldt voor een periode van 2 jaar.
§8. De bedrijfsruimte dat het voorwerp uitmaakt van een brownfieldconvenant, definitief gesloten overeenkomstig hoofdstuk III van het decreet van 30 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten, voor zover de eigenaar actor is bij het brownfieldconvenant. Deze vrijstelling geldt tot aan de beëindiging van het Brownfieldconvenant, overeenkomstig artikel 10, § 3, van het decreet van 30 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten. Op het einde van deze periode moet de verwaarlozing en/of de leegstand zijn beëindigd.
§9. De bedrijfsruimte dat het voorwerp uitmaakt van een door de OVAM conform verklaard bodemsaneringsproject overeenkomstig titel III, hoofdstuk V, van het decreet van 27 oktober 2006 betreffende de bodemsanering en de bodembescherming. Deze vrijstelling geldt vanaf de datum van de aanvraag van de opschorting tot aan de datum van de eindverklaring van de OVAM overeenkomstig artikel 68 van het decreet van 27 oktober 2006 betreffende de bodemsanering en de bodembescherming, evenwel met een maximumtermijn van 5 jaar vanaf de conform verklaring van het bodemsaneringsproject. Op het einde van deze periode moet de verwaarlozing en/of de leegstand zijn beëindigd.
Overgangsmaatregelen.
De bedrijfsruimten die overeenkomstig het Decreet opgenomen zijn in de inventaris van het Vlaamse gewest op het ogenblik van de invoering van dit reglement, worden beschouwd als zijnde opgenomen in de gemeentelijke inventaris, zoals bedoeld in artikel 2 § 1.G.
Invordering van de belasting.
De belasting wordt ingevoerd overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
De belasting wordt ingevorderd door een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college.
Betaling van de belasting.
De belasting moet betaald worden binnen de 2 maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Bezwaren- en beroepsprocedures.
De belastingplichtige of zijn vertegenwoordiger kan tegen een aanslag of een belastingverhoging een bezwaar indienen bij het college. De vestiging en de invordering van de belasting, evenals als van de geschillen terzake, gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure en latere wijzigingen.
Het bezwaar moet ondertekend en gemotiveerd zijn en op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van 3 maanden te rekenen vanaf de 3de werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet. Het moet per aangetekende brief worden ingediend.
Binnen de vijftien kalenderdagen na de indiening van het bewaarschrift wordt een ontvangstmelding gestuurd naar de belastingplichtige en, in voorkomend geval, naar zijn vertegenwoordiger.
Tegen de beslissing van het college of bij gebrek aan een beslissing binnen een termijn van zes maanden te rekenen vanaf de datum van ontvangst van het bezwaarschrift (negen maanden als de betwiste aanslag ambtshalve werd gevestigd kan beroep worden ingediend bij de rechtbank van eerste aanleg van Antwerpen.
Andere algemene bepalingen.
Zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008, met latere aanvullingen en wijzigingen, zijn de bepalingen van titel VII, hoofdstukken 6 tot en met 9 bis, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen en de artikelen 126 tot en met 175 van het uitvoeringsbesluit van dat wetboek van toepassing, voor zover zij niet specifiek de belastingen op de inkomsten treffen.
De voorgaande raadsbesluiten in verband met het belastingreglement op bestrijding van leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten worden opgeheven.
Dit belastingreglement wordt voor akte name aan de toezichthoudende overheid aangemaakt.
Het verslag van de commissie wordt op vraag voorgelezen.
Raadslid Klaas Meesters geeft aan dat het hun inziens niet meer dan billijk is dat wie de voordelen van een bestemmingswijziging geniet, ook mee betaalt aan de opmaak van het bestemmingsplan. Hij voegt er aan toe dat dat wat hier voorligt niet evident is. Hij richt zich hierbij tot de voorzitter van de gemeenteraad en merkt op dat zijn voorganger op ruimtelijke ordening nog parlementaire vragen over dit onderwerp heeft moeten beantwoorden. Uit die antwoorden blijkt dat minstens de schijn wordt gewekt dat het algemeen belang ter zijde wordt geschoven. Zij willen het bestuur niet veroordelen op zijn intenties en gaan er vanuit dat zij samen met hen het algemeen belang steeds voor ogen houden. Daarom geven zij nu al mee dat over het project Fortis-Extraction grote bezorgdheid leeft. Zij vragen zich af wat de impact is van het project op de buren van zowel het Rubenspark als de Graaf de Granvellelaan. (Welke bouwhoogte? Welke woondichtheid wordt er gepland?) De bezorgdheden kunnen afgezet worden tegenover Fouroaks, het enige voorstel dat het college voor 2013 heeft goedgekeurd. In dat voorstel werd een substantieel deel recreatie gehouden. Die verhouding tussen openheid en dichtheid moet behouden blijven. Een standpunt waarvoor binnen het college toch draagvlak moet zijn, gelet op de protestacties die gevoerd werden tegen het realiseren van de woonbestemming in Buizegem. Hetgeen wat zij hier voorstellen is slechts om de bestaande verhouding tussen open en bebouwd van het BPA te respecteren. Daarnaast zouden zij nog de suggestie willen doen om de potentie van deze site te benutten. Dit is de enige plaats waar Hof ter Linden aan de Prins Boudewijnlaan raakt. Tijdens de commissie werd ook al aangegeven dat de Prins Boudewijnlaan de poort op de Zuidrand is. Hij stelt dan ook voor om gebruik te maken van dit project om een poort op die 90ha van Hof ter Linden en het Fort te voorzien. Zij stemmen dus voor dit besluit en hopen dat de bezorgdheden van de buurt die zij delen mee worden genomen.
Raadslid Sien Pillot zegt dat met de opmaak van dit RUP definitief vaarwel gezegd wordt aan het megalomane project waarvoor ooit handjes werden geschud. Zij zijn tevreden dat de gesprekken met de projectontwikkelaar vlot verlopen en er vanuit het bestuur al een belangrijk kader vast gelegd werd. Zij hoopt dat men op goede weg is nu.
Schepen Peter Verstraeten legt uit dat wat er nu voorligt louter de samenwerkingsovereenkomst met ontwikklaar over de kosten naar aanleiding van de herontwikkeling is. Het bestuur blijft in de cockpit voor de opmaak van het RUP en hij voegt nog toe dat er ook veel betrokkenheid van burgers zal zijn tijdens dit proces. Hij laat nog weten dat dit ook zal bekeken worden tijdens de gecoro-vergadering volgende week. De volgende stappen liggen voor in volgende gemeenteraden.
Raadslid Klaas Meesters laat weten dat hij zeker aanwezig zal zijn op de gecoro-vergadering waar dit dossier besproken wordt.
De site 'Fortis-Extraction' aan de Prins Boudewijnlaan wordt ontwikkeld als woonprojectzone. De huidige bestemmingen 'recreatiegrond' en 'KMO' moeten hiervoor worden herzien. De opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan is essentieel.
De overeenkomst tussen projectontwikkelaar Condominium en gemeente Edegem regelt ieders bijdrage voor de opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan en de projectregie om tot de ontwikkeling van de voormalige site Fortis-Extraction, Prins Boudewijnlaan 265 en naastliggend perceel te komen.
De opmaak van een RUP vraagt inzet, tijd en middelen. Zowel de gemeente als de projectontwikkelaar hebben er baat bij dat het RUP er komt. Een overeenkomst regelt de afspraken tussen de gemeente en de projectontwikkelaar voor de opmaak van het RUP Parkrand en de projectregie.
De gemeente neemt de projectregie op zich, en dit vanuit haar taak om de ontwikkeling van strategische projecten van derden te begeleiden naar een kwaliteitsvol en uitvoeringsgericht stedenbouwkundig plan en project.
De gemeente maakt het RUP volledig op en begeleidt de opmaak van het RUP met het oog op het algemeen belang.
De overeenkomst bevat de verbintenissen tussen de partijen in verband met de uitvoeringsmodaliteiten en financiering.
Beide partijen verplichten zich ertoe de nodige inspanningen te leveren met het oog op het te behalen resultaat: een kwaliteitsvol RUP in het kader van het algemeen belang en in overeenstemming met de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. De overeenkomst is een inspanningsverbintenis en geen resultaatsverbintenis. De goedkeuring van het RUP blijft immers een discretionaire bevoegdheid van de gemeenteraad.
De overeenkomst regelt de opmaak van het RUP, de projectregie en de overlegstructuur, de projectkosten, de betalingsmodaliteiten, de indicatieve timing, de intellectuele eigendom, de aanvang, de duur en de wijziging van de overeenkomst. De overeenkomst legt vast wat te doen in geval van geschillen en levert de garantie dat bij eventuele overdracht de afspraken blijven gelden.
Raadbesluit van 21 maart 2007
De lastvoorwaarden voor de ‘raamovereenkomst voor het aanstellen van een ontwerper voor de begeleiding en uitwerking van het gemeentelijk ruimtelijk beleid voor de periode 2007-2012 worden goedgekeurd en er wordt beslist om de opdracht te gunnen via algemene offerteaanvraag.
Collegebesluit van 9 juli 2007
Omgeving cvba, gevestigd te 2600 Berchem, Uitbreidingstraat 390, wordt aangesteld als ontwerper voor de begeleiding en uitwerking van het ruimtelijk beleid voor de periode 2007-2012.
Collegebesluit van 27 december 2011
Het deelcontract 'RUP Parkrand' wordt goedgekeurd voor een bedrag van 43.408,75 EUR (incl. BTW).
De raad keurt de overeenkomst goed betreffende de bijdrage voor de opmaak van een ruimtelijk uitvoeringsplan en de projectregie voor het project 'Fortis-Extraction' (Prins Boudewijnlaan 265 en naastliggend perceel).
Agendapunten 17, 18, 19 en 20 worden samen behandeld.
Schepen Goedele Van Der Spiegel geeft een korte toelichting bij elke punt, dossier – bouwdossier, lastvoorwaarden en reden waarom dit voorligt. De bedoeling is om te kunnen starten met het project Hof Ter Linden. Als alles goed loopt, is er in oktober een gunning en kan er in het najaar uitgevoerd worden. In januari 2017 kan dan de brasserie en het restaurant opengaan. Het gaat hier enkel over 2 koetshuizen waar de brasserie en het restaurant in zullen worden gehuisvest. Daarnaast is het ook noodzakelijk om aan de verhardingen verbeteringen door te voeren én de nutsleidingen aan te leggen.
Raadslid Marc van Leemput zegt dat zij uiteraard in deze punten meegaan. Zij blijven wel met een paar vragen zitten. De setting en huidige bezoekers doen uitschijnen dat het concept eerder focust op de hogere klassen. Zij hopen dat er oog voor is voor de prijssetting, gebruik lokale producten,... Zij wensen minstens ook een laagdrempelige bedoeling en vragen dan ook om dit te controleren of bepalen dat dit publiekelijk genoeg zal zijn en blijven.
Raadslid Sien Pillot voegt toe dat na jaren van plannen, onderhandelen, overleg het nu tijd is voor de eerste werken aan het patrimonium en de omgeving hiervan. De eerste werken zijn er geweest voor een eerste wandelweg. Dat nu de toegankelijkheid voor het domein en de koetshuizen aan de beurt is, is een goede zaak voor iedereen en tevens voor de buren van Immaculata. Het geeft de kans verder te dromen over die eerste pannenkoek in een laagdrempelige brasserie.
Schepen Goedele Van Der Spiegel legt uit dat de budgetoverschrijding op de commissie werd toegelicht en verduidelijkt opnieuw dat het vandaag nog maar ramingdossiers betreft die verder zullen afgestemd worden. Dit wordt zeker in het oog gehouden. Wat de laagdrempeligheid betreft, dit is ook het stokpaardje van haarzelf, waar zij dan ook voor gaat. Zij verwijst hierbij ook naar Jo Hageman zijn openingsspeech. Dit geeft aan dat de laagdrempeligheid ook door hen gedragen wordt. De ervaring met de brasserie op het plein heeft geleerd dat bijvoorbeeld goedkeuring van een menukaart geen garanties biedt. Er wordt nu bekeken met een jurist hoe dit kan afgedwongen worden. Wat auto's op het domein betreft, vraagt zij om dit steeds te melden, want het bestuur tracht kort op de bal te spelen.
Burgemeester Koen Metsu legt uit dat de build up fase een eerste kennismaking is. De mobiele keuken wordt weldra geïnstalleerd. Er zijn concrete afspraken gemaakt dat het restaurant een zekere standing zal hebben, wat Edegem zeker kan verdragen. Dit zou in het rechter koetshuis zijn met de signatuur van Yannick Van Aeken. Wat betreft het linker koetshuis waarin de brasserie zou komen, dit wordt meer laagdrempelig. Er zijn momenteel reeds informele afspraken over de prijssetting rond 20 euro maximaal. Momenteel in build up wordt er vooral vanuit hun eigen ervaringen vertrokken. De bedoeling is om 1 januari 2017 alles te kunnen openen. Op de streekproducten willen zij inderdaad inzetten. Hier zal ook streng op toegekeken worden.
De inkom, het binnenplein, het hekwerk en de balustrades van de brug en de vijver van Hof Ter Linden zijn beschermd als monument en zijn in slechte staat. Via de Vlaamse overheid - Onroerend Erfgoed is een subsidie van 80% voor de restauratie mogelijk. Een aavraag tot premie werd eind 2014 ingediend. Hopelijk wordt de premie dit najaar toegekend.
De uit te voeren opdracht omvat de werken, leveringen en prestaties nodig voor omgevingswerken aan het Hof Ter Linden. De werken omvatten: de restauratie van de binnenpleinen met hekwerk en balustrades, aanleg van nutsleidingen en omgeving.
Ministrieel Besluit van 21 mei 2014
Het restauratiepremiedossier voor de koetshuizen in Hof ter Linden wordt goedgekeurd.
Raadsbesluit van 21 december 2011
De koop/verkoopbelofte van het kasteeldomein, opgesplitst in een belofte voor de verpachte delen en één voor de niet-verpachte delen wordt goedgekeurd.
Aankoopakte van 1 maart 2012
Sinds 1 maart 2012 zijn gemeente Edegem, Kempens Landschap vzw en het ondersteunend centrum voor Natuur en Bos eigenaar van Hof Ter Linden.
Raadsbesluit van 18 november 2013
De gemeenteraad bekrachtigt het mandaat aan Kempens Landschap vzw om als aanbestedende overheid op te treden voor gemeente Edegem om het lastenboek op te maken voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen te Edegem.
Collegebesluit van 28 oktober 2013
Het college van burgemeester en schepenen is principieel akkoord met het lastenboek voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen te Edegem. Er wordt voorgesteld Kempens Landschap vzw te mandateren om op te treden voor gemeente Edegem als aanbestedende overheid en dit mandaat te laten bekrachtigen in de eerstvolgende gemeenteraad.
Collegebesluit van 6 januari 2014
Er wordt akte genomen van het selectieverslag en het gunningsverslag voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen en kasteel van Hof Ter Linden. De opdracht werd gegund aan Erfgoed & Visie Edith Vermeiren architect uit Malle.
Collegebesluit van 28 april 2014
Het restauratiepremiedossier met bijhorende kostenraming voor de beide koetshuizen in Hof Ter Linden wordt goedgekeurd.
De raad keurt de lastvoorwaarden voor de restauratie van de beschermde verhardingen in Hof Ter Linden, zoals opgesteld door architectenbureau Erfgoed & Visie, goed.
De gemeenteraad keurt de totale raming van 1 061 146,93 EUR incl. BTW goed. Het gemeentelijk aandeel bedraagt 196 891,93 EUR incl. BTW. Het overige bedrag wordt teruggevorderd via subsidies of via OC-ANB.
De opdracht zal gegund worden via openbare aanbesteding, waarbij gemeente Edegem optreedt als aanbestedende overheid.
Dit agendapunt werd samen met punt 17, 19 en 20 besproken.
De koetshuizen en het kasteel Hof Ter Linden zijn beschermd als monument en zijn in slechte staat. Via de Vlaamse Overheid – Onroerend Erfgoed werd een subsidie van 80% of 1 384 674,32 EUR voor de restauratie van de beide koetshuizen toegekend.
De uit te voeren opdracht omvat de werken, leveringen en prestaties nodig voor de restauratie van de koetshuizen in Hof Ter Linden, gelegen te Drie Eikenstraat 1 tot en met 5. De werken omvatten de restauratie van de beide koesthuizen, meer specifiek bestaande uit afbraakwerken, ruwbouwwerken, dak- en saneringswerken, het afbreken van oppervlakken, de restauratie van het schrijnwerk, het voorzien van technieken en het uitvoeren van schilderwerken.
Raadsbesluit van 21 december 2011
De koop/verkoopbelofte van het kasteeldomein, opgesplitst in een belofte voor de verpachte delen en één voor de niet-verpachte delen wordt goedgekeurd.
Aankoopakte van 1 maart 2012
Sinds 1 maart 2012 zijn gemeente Edegem, Kempens Landschap vzw en het ondersteunend centrum voor Natuur en Bos eigenaar van Hof Ter Linden.
Ministrieel Besluit van 21 mei 2014
Een premie van 1 384 674,32 EUR wordt toegekend aan het gemeentebestuur van Edegem voor het uitvoeren van restauratiewerken aan de koetshuizen.
Collegebesluit van 28 oktober 2013
Het college van burgemeester en schepenen is principieel akkoord met het lastenboek voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen te Edegem. Er wordt voorgesteld Kempens Landschap vzw te mandateren om op te treden voor gemeente Edegem als aanbestedende overheid en dit mandaat te laten bekrachtigen in de eerstvolgende gemeenteraad.
Raadsbesluit van 18 november 2013
De gemeenteraad bekrachtigt het mandaat aan Kempens Landschap vzw om als aanbestedende overheid op te treden voor gemeente Edegem om het lastenboek op te maken voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen te Edegem.
Collegebesluit van 6 januari 2014
Er wordt akte genomen van het selectieverslag en het gunningsverslag voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen en kasteel van Hof Ter Linden. De opdracht werd gegund aan Erfgoed & Visie Edith Vermeiren architect uit Malle.
De gemeenteraad keurt de lastvoorwaarden voor de restauratie van de beide koetshuizen in Hof Ter Linden, zoals opgesteld door architectenbureau Erfgoed & Visie, goed .
De gemeenteraad keurt de totale raming van 2 266 061,99 EUR incl. BTW goed. Het gemeentelijk aandeel bedraagt 671 511,43 EUR. Het overige bedrag wordt teruggevorderd via subsidies of via OC-ANB.
De opdracht zal gegund worden via openbare aanbesteding waarbij gemeente Edegem optreedt als aanbestedende overheid.
Dit agendapunt werd samen met punt 17, 18 en 20 besproken.
De restauratie van de koetshuizen vangt dit najaar aan. De nutsleidingen van het kasteel en de koetshuizen moeten worden vernieuwd of nieuw worden voorzien.
De uit te voeren werken omvatten de aanleg van de nutsleidingen, komende vanuit de Patronaatstraat/Terlindenlaan
EANDIS
Het betreft een netuitbreiding middenspanning, een netuitbreiding aardgas lagedruk en het plaatsen van een distributiecabine. Ook de aansluiting van hoog vermogen, laag vermogen en gas laag vermogen worden voorzien. Dit alles vanuit de Patronaatstraat.
Waterlink
Er wordt een nieuwe waterleiding gelegd vanuit de Terlindenlaan.
Rio-link
Er wordt een nieuwe riolering aangelegd vanuit de Terlindenlaan tot aan de poort van Hof Ter Linden, waar een pompstation voorzien wordt. Het herstel van de wegenis zit vervat in het dossier 'restauratie beschermde verhardingen'.
Telenet
Telenet plaatst de nutsleidingen gratis, op voorwaarde dat zijn gebruik kunnen maken van een open sleuf.
Proximus
Geen offerte ontvangen.
Artikel 38 van de wet van 15 juni 2006 betreffende overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten
In geval van een samengevoegde opdracht voor rekening van verschillende aanbestedende overheden en in voorkomend geval van privaatrechtelijke personen, duiden de betrokken personen de overheid of entiteit aan die in hun naam in de hoedanigheid van aanbestedende overheid zal optreden. De voorwaarden van de opdracht kunnen voorzien in een afzonderlijke betaling voor elk van die personen.
Ministrieel Besluit van 21 mei 2014
Het restauratiepremiedossier voor de koetshuizen in Hof ter Linden wordt goedgekeurd.
Raadsbesluit van 21 december 2011
De koop/verkoopbelofte van het kasteeldomein, opgesplitst in een belofte voor de verpachte delen en één voor de niet-verpachte delen wordt goedgekeurd.
Aankoopakte van 1 maart 2012
Sinds 1 maart 2012 zijn gemeente Edegem, Kempens Landschap vzw en het ondersteunend centrum voor Natuur en Bos eigenaar van Hof Ter Linden.
Raadsbesluit van 18 november 2013
De gemeenteraad bekrachtigt het mandaat aan Kempens Landschap vzw om als aanbestedende overheid op te treden voor gemeente Edegem om het lastenboek op te maken voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen te Edegem.
Collegebesluit van 28 oktober 2013
Het college van burgemeester en schepenen is principieel akkoord met het lastenboek voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen te Edegem. Er wordt voorgesteld Kempens Landschap vzw te mandateren om op te treden voor gemeente Edegem als aanbestedende overheid en dit mandaat te laten bekrachtigen in de eerstvolgende gemeenteraad.
Collegebesluit van 6 januari 2014
Er wordt akte genomen van het selectieverslag en het gunningsverslag voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen en kasteel van Hof Ter Linden. De opdracht werd gegund aan Erfgoed & Visie Edith Vermeiren architect uit Malle.
Collegebesluit van 28 april 2014
Het restauratiepremiedossier met bijhorende kostenraming voor de beide koetshuizen in Hof Ter Linden wordt goedgekeurd.
De gemeenteraad keurt de offerte van EANDIS goed voor een bedrag van 73 859,09 EUR incl. BTW.
De gemeenteraad keurt de offerte van Water-link goed voor een bedrag van 14 411,15 EUR incl. BTW.
De gemeenteraad keurt de offerte van Rio-link goed voor een bedrag van 95 400 EUR incl. BTW.
Dit agendapunt werd samen met punt 17, 18, en 19 besproken.
De inkom, het binnenplein, het hekwerk en de balustrades van de brug en de vijver van Hof Ter Linden zijn beschermd als monument en zijn in slechte staat. Via de Vlaamse overheid - Onroerend Erfgoed is een subsidie van 80% voor de restauratie mogelijk. Een aanvraag tot premie werd eind 2014 ingediend. Hopelijk wordt de premie dit najaar toegekend.
De uit te voeren opdracht omvat de werken, leveringen en prestaties nodig voor de restauratie van de koetshuizen horende bij het Hof Ter Linden. De werken omvatten:
- coördinatie met de nutsmaatschappijen;
- aanleg ondergrondse leidingen vanuit de meterruimte t.h.v. het oostelijke koetshuis tot aan de beide koetshuizen en het kasteel;
- CV ketels in de stookplaats;
- verdeelborden/werfborden.
Artikel 38 van de wet van 15 juni 2006 betreffende overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten
In geval van een samengevoegde opdracht voor rekening van verschillende aanbestedende overheden en in voorkomend geval van privaatrechtelijke personen, duiden de betrokken personen de overheid of entiteit aan die in hun naam in de hoedanigheid van aanbestedende overheid zal optreden. De voorwaarden van de opdracht kunnen voorzien in een afzonderlijke betaling voor elk van die personen.
Ministrieel Besluit van 21 mei 2014
Het restauratiepremiedossier voor de koetshuizen in Hof ter Linden wordt goedgekeurd.
Raadsbesluit van 21 december 2011
De koop/verkoopbelofte van het kasteeldomein, opgesplitst in een belofte voor de verpachte delen en één voor de niet-verpachte delen wordt goedgekeurd.
Aankoopakte van 1 maart 2012
Sinds 1 maart 2012 zijn gemeente Edegem, Kempens Landschap vzw en het ondersteunend centrum voor Natuur en Bos eigenaar van Hof Ter Linden.
Raadsbesluit van 18 november 2013
De gemeenteraad bekrachtigt het mandaat aan Kempens Landschap vzw om als aanbestedende overheid op te treden voor gemeente Edegem om het lastenboek op te maken voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen te Edegem.
Collegebesluit van 28 oktober 2013
Het college van burgemeester en schepenen is principieel akkoord met het lastenboek voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen te Edegem. Er wordt voorgesteld Kempens Landschap vzw te mandateren om op te treden voor gemeente Edegem als aanbestedende overheid en dit mandaat te laten bekrachtigen in de eerstvolgende gemeenteraad.
Collegebesluit van 6 januari 2014
Er wordt akte genomen van het selectieverslag en het gunningsverslag voor aanstelling van een ontwerper voor het opstellen van het ontwerp en het opvolgen van de werken voor de algemene revalorisatie van de als monument beschermde koetshuizen en kasteel van Hof Ter Linden. De opdracht werd gegund aan Erfgoed & Visie Edith Vermeiren architect uit Malle.
Collegebesluit van 28 april 2014
Het restauratiepremiedossier met bijhorende kostenraming voor de beide koetshuizen in Hof Ter Linden wordt goedgekeurd.
De raad keurt de lastvoorwaarden voor de aanleg van de nutsleidingen van aan de meter in het oostelijk koetshuis tot aan de beide koetshuizen en het kasteel in Hof Ter Linden, zoals opgesteld door architectenbureau Erfgoed & Visie, goed.
De raad keurt de raming van 433 882,93 EUR incl. BTW zoals opgesteld door het studiebureau speciale technieken DWE bvba, goed. Het gemeentelijk aandeel bedraagt 289 255,28 EUR incl. BTW. Het overige bedrag wordt teruggevorderd via OC-ANB.
De opdracht zal gegund worden via een openbare aanbesteding, waarbij gemeente Edegem optreedt als aanbestedende overheid.
Het verslag van de commissie wordt op vraag voorgelezen.
Schepen Goedele Van Der Spiegel wil nog even terugkomen op de vraag tijdens de commissie van raadslid Klaas Meesters om zoveel punten op prijs te plaatsen en dit in één bestek met percelen te voorzien. Ze herhaalt dat dit een zeer bewuste keuze is om multidisciplinaire bureaus aan te trekken en geeft bijkomend duiding over het grote prijsverschil tussen het minimum en maximum geraamd budget voor deze ondersteuning. Deze cijfers zullen nog bezorgd worden. Ze legt per perceel de bedragen uit en voegt toe dat indien bureaus op meerdere percelen intekenen, deze lager zullen intekenen.
Raadslid Wim Verrelst zegt dat er in dit potpourri-bestek voor de all-round projectbegeleider dat zij geacht worden goed te keuren, indirect een aantal beslissingen ingesluisd worden waar zij het niet mee eens zijn. Vooreerst is er de parking voor Hof Ter Linden. Hier komen zij bij een ander agendapunt nog op terug. Het volgende is het regiohuis. Hij legt hun bezwaren uit: Ten eerste blijkt "het regiohuis" alleen maar een symbolische naam. Er is immers geen enkel engagement van andere gemeenten of de provincie om mee te participeren, integendeel. Ten tweede is de financiële redenering moeilijk te volgen. Vorig jaar werden nog de parkwachters ontslagen uit besparingsoverwegingen, en nu zou men een nieuwe contactfunctie invoeren. Zij vragen zich af hoe dat een efficiënt verhaal wordt, als je weet dat de meeste fortbezoekers buiten de gewone werkuren komen. Ten derde is de locatie in hartje fort onmogelijk te verzoenen met de poortfunctie die het bestuur wil. Bovendien ga je – zeker als het idee catering en feestjes is – meer drukte en gemotoriseerd verkeer aantrekken naar de kern van het fort, en botst dit met de openingstijden. Dit is allemaal tegen de logica van de fortvisie. Ten vierde er is trouwens nog geen deftig masterplan voor het fort. Dat gaat pas volgen na deze ontwikkeling. Met andere woorden: de kar wordt voor het paard gespannen, vinden zij. En ten vijfde de manier om de locatie te selecteren. Dat de oorspronkelijke optie van dit geelgroene bestuur, aan het Kerkplein, verlaten is, is een goede zaak vinden zij. Het klopte natuurlijk niet voor de bioklas. Maar in de analyse zijn er nu een aantal alternatieven niet deftig bekeken. En IBO/hangar 24 is als alternatief weggecijferd, enkel en alleen omdat men later ooit de bioklas wil vergroten naar iets dat voor die plaats te groot zou zijn. Maar dat ambitieuzere later iets, dat gaat dus nu ook niet op de goede plaats liggen, zoals eerder besproken. Hij voegt nog wel toe voor alle duidelijkheid, dat in het concept van de nieuwe bioklas heel veel goede dingen zitten: een natuurleerpad, 1 klas binnen en 2 lesruimten in open lucht, multifunctionaliteit, gebruik van hangar 23 voor evenementen, enz. Niet echt veel verrassende dingen voor wie het al wat langer volgt, maar daarom niet slecht. En ook voor alle duidelijkheid: een nieuw bioklas is dringend nodig. Dat betwist niemand. Maar dat is geen reden om bepaalde cruciale beslissingen daarover op een halfslinkse manier erdoor te jagen via een overvolle agenda van de gemeenteraad. Hij begrijpt zoiets echt niet van een partij als Groen. De bioklas zoals ze nu ingepland wordt, wordt een duur verhaal omdat prestigieuze ambities de doorslag hebben gegeven. Er was een goedkoper en degelijk alternatief. Hij voegt toe dat als men ziet hoe elders op zaken wordt beknibbeld, het eigenlijk een schande is hoe hier geld wordt vergooid. Dit bestuur heeft volgens hen een aantal heilige huisjes. Voor elke partij is er één prestigeproject waaraan niemand meer mag komen. Groen heeft haar Regiohuis, NVA haar VTC, en de OCMW-voorzitster haar OCMW.
Raadslid Sien Pillot zegt dat doordat de projectfiche en de toelichting van de verschillende percelen misschien wat ongelukkig in de bijlage zit, dit niet wil zeggen dat dit project op de achtergrond wordt gehouden. De toekomst van de bioklas werd door het voorbije bestuur telkens op de lange baan geschoven zonder plan. De toekomst van de bioklas was voor Groen altijd een erg belangrijk dossier, zoals raadslid Klaas Meesters ook al aangaf. We werken er nu met veel enthousiasme aan met het bestuur. Een bioklas houdt meer in dan een lokaaltje voor milieueducatie voor kinderen. Het kan veel meer zijn dan dat! En ja wij zijn een ambitieus bestuur met goed doordachte plannen. Met dit bestek en de ondersteuning die we deze avond goedkeuren slagen we een weg in om ook met dit dossier vooruit te gaan.
Raadslid Gerd Tahon zegt dat met het project van het regiohuis de bioklas voorop staat. Zij treedt de voorgestelde locatie bij. Midden in de natuur is de natuurbeleving het best. Er is nu de opportuniteit om er meer uit te halen. Samen met de upgrade van de bioklas onderschrijven zij de prioriteit om hier iets van te maken, zoals bijvoorbeeld de opschaling van horeca. Op deze manier is er een synergie van activiteiten. Wel geeft zij aan dat er op toe moet gekeken worden dat men binnen het budget blijft.
Schepen Goedele Van Der Spiegel laat weten dat we zeker niet alleen staan in dit dossier. Agentschap Ondernemen steunt dit. De contactfunctie kan ook via een minibar. Dat er geen masterplan is, klopt niet. Want masterplan Hof ter Linden – Fort 5 bestaat wel degelijk, net zoals een bosbeheersplan met potentiele oefening rond de bioklas. De locatie wordt binnenkort definitief goedgekeurd. Het masterplan dat nog moet worden opgemaakt, behelst de integratie van de bioklas in haar omgeving om tot een mooi geheel te komen. Wat betreft de alternatieven die niet zijn meegenomen uit de giga-startnota, kan zij toevoegen dat ook hier komen 2 grote locaties naar voor komen. H23 en H24, waarbij beide locaties gelijkwaardig blijken en H24 door het vorige bestuur politiek werd verkozen. Huidig bestuur heeft zelf een analyse gemaakt en gekozen voor H23. Er is wel degelijk een oefening gemaakt. Het besluit is dat een synergie veel minder werd gezien met H24. Er wordt al 16 jaar over de bioklas gepraat. Zij is dan ook zeer blij dat dit nu eindelijk op de gemeenteraad komt en gerealiseerd zal worden.
Schepen Koen Michiels zegt dat op de eerste besprekingen van het bestuursakkoord het regiohuis al op tafel lag. Dit is een gezamenlijk dossier, ook de bib werd gezamenlijk op de agenda geplaatst. Dit is een plek die dringend moet aangepakt worden.
Raadslid Wim Verrelst zegt dat door de toelichting tijdens commissie over waterlink er pas heel laat toelichting was over dit agendapunt. Ook over de betrokkenheid van het Agentschap Ondernemen is niets tijdens de commissie gezegd. Hij zegt dat er vroeger ook reeds over de bioklas werd gesproken. Daarnaast zijn zij niet akkoord dat er destijds een politieke keuze zou zijn gemaakt over de locatie, het was louter een voorzetnota.
Sinds 1 maart 2012 zijn gemeente Edegem, Kempens Landschap vzw en het ondersteunend centrum voor Natuur en Bos eigenaar van Hof Ter Linden. Nu kasteeldomein Hof Ter Linden in publieke handen is, wordt het mogelijk om het kasteeldomein (56 ha) te verbinden met Fort V (32 ha) dat ruim 30 jaar geleden eigendom werd van de gemeente Edegem. Zo ontstaat een publiek park van ongeveer 90 ha, meer dan 10 procent van de oppervlakte van de gemeente.
Gemeentebestuur Edegem, Kempens Landschap vzw en het Agentschap voor Natuur en Bos werkten samen met de klankbordgroep een toekomstvisie uit voor Hof Ter Linden / Fort V. Dit Masterplan werd goedgekeurd in april 2014. Met dit Masterplan leggen we de krijtlijnen voor de toekomst vast.
Om tot concrete realisaties over te gaan van verschillende deelprojecten is nog heel wat studiewerk noodzakelijk. De verschillende deelopdrachten worden gebundeld onder de titel strategisch project Hof ter Linden / Fort V.
De opdracht ondersteuning strategisch project 'Hof Ter Linden / Fort V’ voert het Masterplan uit. Concreet zal de ontwerper ondersteuning geven bij de uitvoering van volgende deelopdrachten (percelen):
De ontwerpers voor de verschillende percelen zullen instaan voor het te leveren studiewerk. De finaliteit van elke opdracht is per perceel bepaald in het bestek. Elk perceel kan afzonderlijk gegund worden.
De raad keurt het bestek en de gunningswijze voor de opdracht 'ondersteuning strategisch project Hof ter Linden /
Fort V.
Het verslag van de commissie wordt op vraag voorgelezen.
Raadslid Klaas Meesters legt uit dat zij met dit amendement voorstellen om deze grond aan te kopen om de tennisclub te vrijwaren maar geen parking te realiseren. Dat het gemeentebestuur een akkoord heeft bereikt over de aankoop van het resterende deel van de sport- en spelzone aan de Patronaatstraat is een goede zaak. Deze aankoop was inderdaad door hen in de vorige bestuursperiode al gepland. Hierdoor kunnen de speelweide van de kleuterschool en de tennisclub Ter Linden voor de toekomst gevrijwaard worden. De eerste stap in dit dossier werd zo'n 15 jaar geleden al gesteld. Toen buurtbewoners een deel van het scoutsterrein wilden opkopen, kwamen de CD&V-mandatarissen tussen en eisten een faire oplossing die er toen ook gekomen is en waardoor de 27e scouts zekerheid kreeg over haar huisvesting op de Fruithof. Waar zij het nu evenwel absoluut niet eens mee zijn, is dat deze situatie nu wordt aangegrepen om de scouts, de kleuterschool en de tennisclub onder druk te zetten om een deel van hun terrein af te staan voor de aanleg van een nieuwe parking. Het is evenwel al te gek om een parking in deze zone te plaatsen. Het conflict tussen spelende en sportende jongeren en de geparkeerde auto's zal het plaatsen van hoge afsluitingen nodig maken. Zo moeten auto's beschermd worden tegen spelende kinderen. Het afnemen van de 4 tennisterreinen en de noodzakelijke afbraak van het clublokaal riskeert de tennisclub een doodsteek te geven. Heel deze benadering geeft aan dat er een schrijnend gebrek is aan visie, vinden zij.
Hij voegt toe dat er voor de keuze van locatie voor de parking vanuit 4 principes wordt vertrokken:
Deze principes zijn nogal vaag, wat is zo kort mogelijk? Wat is in harmonie? Of in hun ogen eerder bizar. Gaat het bijkomende autoverkeer door het centrum naar Hof ter Linden getrokken worden? CD&V stelt er drie uitgangspunten tegenover:
De ongeveer 120 parkeerplaatsen die nodig zijn kunnen we opsplitsen in drie categorieën:
Hij stelt voor om te beginnen met wie de verste parkeerafstand aanvaardt: de wandelaar. Zij moeten enkel via een logische route naar een parking kunnen rijden. Voor hen is de koppeling aan de Prins Boudewijnlaan en de Oude Godstraat zeer belangrijk. Zij pleiten voor het benutten van parkeerplaatsen die er al zijn: het kerkplein, aan OLVE en de parkeerplaatsen aan Immaculata. Daarnaast verwijst hij graag naar zijn tussenkomst van daarnet: op de Prins Boudewijnlaan kan de grond van Fortis Extraction De Smet die rol opnemen. De bezoekers van de brasserie komen voor een gezellige namiddag of avond met familie en vrienden. Ook deze mensen kan je via een aangename wandelroute een grotere afstand laten afleggen. Als dit vergeleken wordt met bijvoorbeeld het Boshuisje in Zoersel, daar is de afstand tussen parking en het boshuisje 400m. Uitgezet op Hof ter Linden betekent dit dat deze doelgroep kan worden toe geleid naar de parking aan Immaculata. De bezoekers van het restaurant komen enkel voor het restaurant in een exclusief kader. De referentie die de ontwikkelaar naar voor schuift is de warande in Brussel. Als daar gekeken wordt hoe ver er geparkeerd wordt, is er meer dan 500m wandelafstand, 300m vogelvlucht. Bij Hof ter Linden komt men zo aan het begin van de dreef en de Terlindenlaan. Zij stellen voor om voor deze doelgroep aan het administratief gebouw van het OCMW de ruimte te benutten om een parking met 40 parkeerplaatsen aan te leggen. Hiervoor zal helaas een 100m van de Terlindenlaan benut moeten worden. De Terlindenlaan staat echter op de lijst van de straten die met Riolink moeten worden aangepakt. Daarvan kan gebruik gemaakt worden om in de aanleg de bezoekers de parking op te leiden. De rest van de Terlindenlaan en de Patronaatstraat kan een erfaanleg gegeven worden. Een aanleg die is aangepast aan de aanliggende functie, met de school, de scouts, de tennis... Uit het discours van raadslid Snyders en hemzelf, blijkt dus dat zij het een goed idee vinden om de grond aan te kopen. Maar wel om de tennisclub te bestendigen en niet om een parking aan te leggen want daar zijn alternatieven mogelijk. Daarom hebben zij een amendement ingediend waarin de akte moet worden aangepast met het doel van het perceel: voor speelterrein voor sport, recreatie en scholen. Zij nodigen uit om te kiezen voor de Edegemse verenigingen, voor een actief Edegem, voor een Edegem dat beleid voert voor zijn inwoners. En niet voor een beleid dat kiest om de verenigingen onder druk te zetten en speelruimte opoffert aan een businessclub.
Burgemeester Koen Metsu zegt dat dit het eerste amendement is tijdens deze legislatuur en wil raadslid Klaas Meesters hier voor bedanken. Hij vult aan dat de vraag wel moeilijk is. Het gaat hierbij over een notariële verkoopakte, waarbij 15 000 vierkante meter voor 344 000 EUR ofwel een 15 EUR per vierkante meter als prijs gehanteerd wordt. Als er verwezen wordt naar een bestemmingswijziging die duurder is, namelijk recreatie aan 35 EUR per vierkante meter lijkt het hem niet slim om dit amendement goed te keuren.
Schepen Goedele van Der Spiegel merkt dat er een aantal alternatieven worden voorgelegd. Zij is blij dat er toch ook alternatieven worden voorgelegd en niet louter wordt geschoten op voorstellen van de meerderheid. De principes voor de parking die al op een eerdere commissie werden toegelicht, zijn het belangrijkste uitgangspunt. Zoals een gehandicaptenparking heel dicht bij het kasteel, een fietsenparking en het feit dat men de woonwijken wil ontlasten. Een parking aan het Olve college, midden in de woonwijk is zeker geen goed idee, dit is al heel belaste wijk. Er werd ook bewust gekozen om de poort voor fort 5 niet aan deze zijde te voorzien. Het bestuur kiest het kerkplein als poort. Dus ja, mensen die enkel voor een wandeling en pannenkoek komen, zullen steeds geprobeerd worden om naar hier geleid te worden. Het voorbeeld van het boshuisje is volgens haar een slecht voorbeeld, want op die plek staat men altijd in de straat naar het boshuisje geparkeerd. Hier zou dat systeem duidelijk niet werken. De parking aan het OCMW is niet optimaal, want er is geen toestemming om een brug over de hofgracht te maken, bovendien zou dit extra verkeer in de Patronaatstraat en de woonwijk genereren. Een plek vooraan is niet ok voor Agentschap Natuur en Bos, alsook voor de waterhuishouding zou dit problemen geven. De grond van de boer is geen optie. Als laatste voegt ze toe dat de park en ride bij de school een win-win geeft want dit is veel veiliger voor de kinderen.
Raadslid Koen Snyders zegt dat zij als fractie voorstander zijn om de gronden te kopen. Daar hebben zij geen probleem mee dus. Het ligt in de logica van de gesprekken van het verleden. De voorgestelde prijs is zeer redelijk in deze situatie, maar het is wel een probleem dat het bestuur de factor van bedreiging gaat gebruiken, het is nu net het bestuur dat in de akte de bestemming parking wil vermelden, terwijl openbaar nut volstaat, dit uitdagende hoeft niet in de akte opgenomen te worden. Hij is het niet eens met de vreemde vermenging van functies, een stuk tennis zal weg moeten, al dan niet met ten dele afbreken van de kantine. De leefbaarheid van de club zal er niet op verbeteren. Hij vindt het vreemd dat dit soort keuzes worden gemaakt. Het in een schoolomgeving opofferen van speelplaats voor parking, ook het scoutsterrein ligt in de weg, vult hij aan. Ook dit moet wijken voor parking voor die mooie wagens, met kinderen die er naast spelen. Dit zal volgens hem leiden tot grote afsluitingen om koning auto te beschermen. Zoals raadslid Klaas Meesters aangeeft kan het zeker anders voegt hij toe, het is perfect mogelijk om op de site van Immaculata een beperkte parking te generen die voldoende nabij is voor het restaurant. Er is voldoende ervaring in de raad om te weten dat dit kan werken. Hij vindt dat het ook anders kan, er zijn alternatieven die kunnen. De terreinen van scouts, school en tennis zijn niet nodig. Zij hopen dat men het debat niet dicht smijt, er nog eens goed over na gedacht wordt en dit amendement een kans gegeven wordt. Hij betwijfelt het argument dat dit de prijs zou beïnvloeden. Het kan volgens hem zeker ook opgelost worden door de omschrijving in de ontwerpakte na "openbaar nut" te stoppen. Dit zou ook een oplossing kunnen zijn.
Raadslid Erik Schiltz laat weten dat het belangrijk is dat er nu eindelijk kan overgegaan worden tot het aankopen en regulariseren van de grond. De school en verenigingen weten nu, na overleg met de gemeente, hoe en waarom daar een parking wordt voorzien. De parking heeft een groot maatschappelijk nut, deze dient niet alleen voor Hof Ter Linden maar zal ook fungeren als randparking voor het centrum.
Raadslid Sien Pillot zegt blij te zijn dat dit bestuur laat zien dat er rond enkele belangrijke dossiers gewerkt wordt en vooruitgang gemaakt wordt. Zoals kan gezien worden op de agenda van deze gemeenteraad. Dossiers zoals ondersteuning voor mantelzorgers, een nieuwe bib, handhaving van de kilo’s huisafval, de toekomst van de bioklas waar jaren mee getalmd werd en de parking waarvan iedereen wist dat ze er ooit zou komen verdienen nu eindelijk beter. Het is geweten dat hier niemand moet wijken. De bestendiging van de tennisclub is bij deze een feit, gammele scoutslokalen van de 27ste behoren binnenkort tot het verleden, parkeergelegenheid voor de school en de buurt gaan er op vooruit. Natuurlijk is dit geen parking voor een businessclub of prestigeproject, het domein is veel meer dan dat. Er is bijkomende parkeerruimte nodig. Men kan de kop niet in het zand steken. De gekozen locatie is zeer weloverwogen en er worden verschillende vliegen mee in één klap geslagen.... Het voorbije jaar zijn er dan ook tal van gesprekken geweest die telkens op een heel constructieve manier gevoerd werden en nog zullen gevoerd worden. Daar zijn zij van overtuigd. Het is fijn om als groene partij in de meerderheid hier mee aan te werken en beslissingen te nemen die Edegem verdient.
Voorzitter Philippe Muyters deelt mee dat het college niet meer wenst te reageren.
Er wordt eerst over het ammendement gestemd en aansluitend over het agendapunt.
Als CD&V fractie stellen wij voor om het besluit als volgt aan te passen:
Artikel 1
"De raad keurt de ontwerpakte goed voor de aankoop van een perceel grond, kadastraal gekend onder 1-ste afdeling, sectie A, perceel 108N met een oppervlakte van 15 042 m², opgesteld door notaris Leconte – Landuyt te 2640 Mortsel, Edegemsestraat 14, voor een bedrag van 233 754 EUR mits toevoeging in de akte dat de het voornoemde perceel enkel mag gebruikt worden voor speelterrein voor sport, recreatie en scholen."
Dit agendapunt werd besproken met het bijhorende amendement.
Het Masterplan Fort 5 – Hof Ter Linden legt de krijtlijnen voor de toekomst vast.
Binnen deze ambitie wensen de drie eigenaars, de gemeente, Kempens Landschap vzw en het ondersteunend centrum voor Natuur en Bos, eigenaars in onverdeeldheid van het domein Hof Ter Linden, de herbestemming en commerciële exploitatie, van het kasteel met beide koetshuizen, aan een privé partner uitbesteden.
Op 9 februari 2015 werd na de marktbevraging, als beste bieder Jo Hageman geselecteerd. In het kasteel komt een B&B en business club. In het rechter koetshuis een restaurant en in het linker koetshuis een brasserie. Met Jo Hageman werd een protocol afgesloten dat zal leiden tot een erfpachtovereenkomst.
De realisatie van een parking voor de bezoekers is cruciaal voor het slagen van het project.
Verschillende locaties voor het realiseren van een bijkomende parking voor het domein Hof Ter Linden werden tegenover elkaar afgewogen. Hierbij werd rekening gehouden met volgende principes:
- de parking is bereikbaar vanuit het dorpscentrum;
- sluipverkeer in de omliggende wijken wordt vermeden;
- de loopafstand tussen het kasteel met koetshuizen en de parking is zo kort mogelijk
- de parking is in harmonie met het beschermde dorpsgezicht
Om de capaciteit van de parking te bepalen werd Antea Belgium NV. aangesteld.
Het perceel gelegen aan de Patronaatstraat, kadastraal gekend onder 1-ste afdeling, sectie A, perceel 108N met een oppervlakte van 15 042 m², eigendom van de erfgenamen De Roest, omvat de huidige tennisterreinen en de tuin achter de school, is hiervoor het meest geschikt.
De aankoopwaarde van het perceel bedraagt volgens de schatting, opgesteld door Geomodus c.v.b.a., Van Vaerenberghstraat 61, 2600 Berchem, in totaal 273 754 EUR.
Aankoopakte van 1 maart 2012
Sinds 1 maart 2012 zijn de gemeente Edegem, Kempens Landschap v.z.w. en het ondersteunend centrum voor Natuur en Bos eigenaars in onverdeeldheid van het domein Hof Ter Linden.
Collegebesluit van 28 oktober 2013
Het college van burgemeester en schepenen is principieel akkoord dat er een formele marktbevraging wordt georganiseerd voor invulling van de beide koetshuizen en het kasteel. In samenspraak met OC-ANB wordt een externe consultant aangesteld voor de begeleiding van de marktbevraging.
Collegebesluit van 25 november 2013
Het college van burgemeester en schepenen keurt het kandidaatstellingsdossier voor het verlenen van een zakelijk recht voor het kasteeldomein Hof Ter Linden goed. De oproep tot kandidaatstelling wordt opgestart.
Artikel 26, §1 van de wet van 15 juni 2006 betreffende de overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten
De overheidsopdracht mag gegund worden na een onderhandelingsprocedure, zonder naleving van de bekendmaking indien de geraamde waarde het bedrag van 85 000 EUR, exclusief BTW niet overschrijdt.
De raad keurt de ontwerpakte goed voor de aankoop van een perceel grond, kadastraal gekend onder 1-ste afdeling, sectie A, perceel 108N met een oppervlakte van 15 042 m², opgesteld door notaris Leconte – Landuyt te 2640 Mortsel, Edegemsestraat 14, voor een bedrag van 233 754 EUR.
De overeenkomst met de v.z.w. Parochiale Werken, voor het gebruik van de zaal Elzenhof met bijhorende lokalen en gebruikt voor culturele activiteiten en gemeenschapsdoeleinden door de gemeente werd voor een periode van 3 jaar gehuurd voor een maandelijkse huurprijs van 1 364 EUR per maand.
Na afloop van deze 3-jarige periode, stopte deze overeenkomst automatisch op 31 december 2014.
Het bibliotheekfiliaal Elsdonk is gelegen in het zelfde gebouw en hoort ook toe aan de v.z.w. Parochiale Werken. Dit bibliotheekfiliaal wordt door de gemeente gehuurd voor één symbolische euro per maand.
Beide partijen, de gemeente en de v.z.w. kunnen de huidige huurovereenkomst van het bibliotheekfiliaal Elsdonk één jaar op voorhand opzeggen. Noch de gemeente, noch de v.z.w. Parochiale Werken heeft momenteel deze overeenkomst opgezegd.
Ondertussen werd bemiddeld over de opzegvoorwaarden van het bibliotheekfiliaal:
In afstemming met de organisatie binnen het VTC project loopt de huurovereenkomst van het bibliotheekfiliaal Elsdonk af op 31 december 2016.
De raad keurt de overeenkomst goed met de v.z.w. Parochiale Werken Dekenij Kontich, afdeling Heilige Familie-Elsdonk, voor de huur van het bibliotheekfiliaal, gelegen Parklaan te Edegem.
De raad keurt de stopzetting goed van het huidige huurcontract van 11 februari 2003, vanaf 1 juli 2015 met de v.z.w. Parochiale Werken Dekenij Kontich, afdeling Heilige Familie-Elsdonk, voor de huur van het bibliotheekfiliaal, gelegen Parklaan te Edegem.
Het verslag van de commissie wordt op vraag voorgelezen.
Raadslid Jan Pszeniczko zegt dat zoals in verleden reeds gezegd zij zullen tegen stemmen. De verdeling van kosten is volgens hen niet correct of consequent.
Het voetbal terrein A, gelegen Sportstadion Vic Coveliers, Jan Verbertlei 26 te Edegem, wordt omgevormd tot een kunstgrasveld. De voorziene opleverdatum is 3 juli 2015.
De K.V.V. Belgica Edegem Sport gebruikt momenteel het grasvoetbalveld A, gelegen in het Sportstadion Vic Coveliers, Jan Verbertlei nr. 26 te Edegem en heeft op 4 augustus 2014 een gebruikscontract met de gemeente aangegaan.
De gemeente besliste in 2013 in te stappen in de derde cluster kunstgrasvelden, georganiseerd door de Vlaamse overheid. In het kader van deze zal het grasvoetbalveld A worden vervangen door een sportterrein in kunstgras.
De aanleg van dit terrein wordt betoelaagd door de Vlaamse overheid. Het onderhoud van het terrein is mee begrepen in de overeenkomst met de Vlaamse overheid. Het onderhoud zal uitgevoerd worden door de aannemer en heeft een looptijd van 10 jaar. Deze elementen maken het noodzakelijk om een nieuwe gebruiksovereenkomst tussen de club en de gemeente af te sluiten.
Decreet van 14 mei 2008
Een inhaalbeweging in de aanleg van sportinfrastructuur wordt via alternatieve financiering voorzien.
Uitvoeringsbesluit van 18 juli 2008, met wijzinging van 12 januari 2009
Kunstgrasvelden worden als te betoelagen sportinfrastructuur voorgesteld.
Besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2013
Principiële goedkeuring van een derde cluster van 40 kunstgrasvelden binnen het Vlaams Sportinfrastructuurplan.
Omzendbrief van de 23 juli 2013 en oproepbrieven van 2 september en 30 september 2013 waarin aan de lokale besturen de kans gegeven wordt voor het realiseren van kunstgrasvelden met betoelaging, zoals decretaal voorzien.
Raadsbesluit van 18 november 2013
De gemeenteraad dient een aanvragend dossier in bij de Vlaamse Regering voor betoelaging van de aanleg van een kunstgrasveld in het Vic Coveliersstadion.
Raadsbesluit van 24 maart 2014
Het ontwerp van de gewijzigde erfpachtakte, tussen de gemeente en KVV Belgica Edegem waarin gesteld wordt dat KVV Belgica Edegem akkoord is met de gewijzigde erfpachtovereenkomst om het sportterrein A, gelegen Vic Coveliersstadion te Edegem, terug in volle eigendom te verwerven, ten einde te voldoen aan de voorwaarde van betoelaging, opgelegd door de Vlaamse Overheid, wordt goedgekeurd.
Raadsbesluit van 23 juni 2014
De onderhandse gebruiksovereenkomst, tussen KVV Belgica Edegem Sport en de gemeente, inzake het gebruik van het sportterrein A, gelegen in het Vic Coveliersstadion en de verbintenis tussen beide partijen betreffende de investeringsbijdrage voor het aanleggen van een kunstgrasveld op het terrein A, wordt goedgekeurd.
Collegebesluit van 10 februari 2014
De onderhandse overeenkomst en de ontwerpakte van de gewijzigde erfpachtovereenkomst, tussen de gemeente en K.V.V. Belgica Edegem Sport, om het terrein A terug in volle eigendom te verwerven, ten einde te voldoen aan de voorwaarden van betoelaging, opgelegd door de Vlaamse Overheid, wordt ter goedkeuring verwezen naar de gemeenteraad.
Collegebesluit van 23 juni 2014
Het gemeentebestuur neemt akte dat de aanleg van een kunstgrasveld in het Vic Coveliersstadion als project binnen het Vlaams sportinfrastructuurplan – derde cluster kunstgrasvelden werd geselecteerd door de Vlaamse Overheid.
De raad keurt de gebruiksovereenkomst goed tussen K.V.V. Belgica Edegem Sport en de gemeente, voor het kunstgrasveld, gelegen op het A terrein, sportstadium Vic Coveliers, Jan Verbertlei nummer 26 te 2650 Edegem.
De ingediende staat van meerwerken van grondwerken Jan Mees te Kasterlee voor de ontgravingen op de begraafplaats.
Bij het verwijderen van zerken uitvoeren van ontgravingen op de begraafplaats, heeft de aannemer enkele meerwerken moeten uitvoeren. Overzicht:
- 7 ontgravingen met kelder, i.p.v. 6, zoals voorzien;
- 23 hoogstammige bomen verwijderd, i.p.v. 12;
- verwijderen van 2 sterk verzakte betonpaden;
- 240 m3 opvullingsgrond geleverd en geplaatst, i.p.v. 30 m3. Onder de zerken kwamen verrassend veel verzakkingen aan het licht en de oude funderingen van de zerken lieten diepe kuilen na, waardoor veel extra grond nodig was.
Artikel 66§1 en artikel 95§1 van het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten en van de concessies voor openbare werken
Bepaalt de betalingsmodaliteiten na uitvoering van de overheidsopdracht.
Raadsbesluit van 23 februari 2015
Goedkeuring van de lastvoorwaarden, de gunningsprocedure en de raming van 17 739 EUR, inclusief BTW.
Collegebesluit van 16 maart 2015
Gunning van de opdracht aan grondwerken Jan Mees te Kasterlee aan de prijs van 15 004 EUR, inclusief BTW.
De raad keurt het verrekeningsaanhangsel goed van aannemer Jan Mees voor de uitgevoerde meerwerken bij de ontgravingen op de gemeentelijke begraafplaats voor een bedrag van 4 578 EUR, inclusief BTW.
Het verslag van de commissie wordt op vraag voorgelezen.
Raadslid Klaas Meesters wil even opmerken dat zij zullen tegenstemmen in lijn met vorige besluiten rond VTC. Zij zijn het nog steeds niet eens met de locatie in dit dossier.
Op dit moment maakt architect Marc Koehler een ontwerp op voor het vrijetijdscentrum op de site hoek Terelststraat / Strijdersstraat. Deze site is vandaag gesitueerd in het RUP Terelst – deel noord (definitief vastgesteld op 5 december 2012). De bestemming is zone voor openbaar nut en gemeenschapsvoorzieningen.
Om het ontwerp te kunnen realiseren is een wijziging van het RUP noodzakelijk. Met de vergunningsverlenende overheid werd daarom overeen gekomen een projectgericht RUP op te maken. Dit projectgericht RUP regelt de stedenbouwkundige voorschriften die de bouw van het vrijetijdscentrum mogelijk maken. Aan het RUP Terelst - deel noord worden verder geen wijzigingen aangebracht.
De raad keurt het bestek en de gunningswijze voor de opmaak van het ruimtelijk uitvoeringsplan 'Vrijetijdscentrum' goed.
In de zitting van de gemeenteraad van 27 april 2015 werden wijzigingen goedgekeurd aan:
Doel was te komen tot een efficiënte en gemotiveerde dienst. In dit kader werd een duidelijke visie op loonschalen en bevorderingsmogelijkheden uitgewerkt.
Van zodra de bevorderingsexamens georganiseerd moesten worden, werden voor alle betrokken medewerkers de bevorderingsvoorwaarden nagegaan.
Een heel aantal medewerkers voldeden niet aan de algemene voorwaarde van art. 123 van de RPR gemeentepersoneel (idem bij OCMW) dat stelt dat voor de bevordering enkel de volgende medewerkers in aanmerking komen:
In concreto betekent dit dat er medewerkers zijn die een contract onbepaalde duur hebben zonder een aanwervingsexamen dat volledig voldoet aan titel II, hoofdstukken II en III maar door bv. een sollicitatieprocedure of door omzetting van een gesco-contract.
Zij zouden dus niet kunnen deelnemen aan het bevorderingsexamen. Maar omdat het doel net was de medewerkers te motiveren en geëngageerd te houden en hen een loopbaanperspectief te bieden, moet hiervoor een oplossing gezocht worden.
Volgens de Dienst Toezicht Personeel van ABB is dit een moeilijk oplosbaar probleem maar kan het opgelost worden mits een aantal richtlijnen expliciet gevolgd worden.
Eigenlijk moeten de betrokken medewerkers allemaal een "regularisatieprocedure" ondergaan: een aanwervingsexamen georganiseerd conform de decretale richtlijnen en met o.a. externe publicatie, externe juryleden,... Zij die batig gerangschikt worden in de einduitslag, moeten opnieuw aangesteld worden (zo zegt art. 123 RPR, een plaats op de werfreserve is niet voldoende).
Het eerste probleem dat moet opgelost worden is de vermelding van het aantal functies dat moet worden openverklaard. Immers nu schrijft artikel 25 van de RPR voor dat de aanstellende overheid bij de vacantverklaring beslist of er een werfreserve wordt aangelegd of niet. Het is echter niet de bedoeling dat aangekondigd wordt dat alle functies binnen dienst uitvoering worden openverklaard.
Volgens de Dienst Toezicht Personeel van ABB kan artikel 25 RPR aangevuld worden als volgt:
De aanstellende overheid beslist bij de vacantverklaring van een betrekking of voor toekomstige functies of een werfreserve wordt aangelegd en bepaalt de geldigheidsduur ervan.
Dit wordt gebruikt in situaties dat een moeilijke of lange selectieprocedure wordt verwacht. Bv. bij knelpuntberoepen: men weet dat persoon x volgend jaar met pensioen gaat en men wil anticiperen maar men kan nu nog niet openverklaren want die persoon heeft zijn pensioen nog niet aangevraagd waardoor er nog geen vacante functie is.
Voordeel is dat in de advertentie geen aantal functies moet worden vermeld: het gaat over een examen voor toekomstige functies van ongeschoold arbeider binnen de diensten van dienst uitvoering.
Na aanpassing van artikel 25 kan het aanwervingsexamen georganiseerd worden.
Het examen is niet-vergelijkend.
Eigenlijk moeten alle geslaagde kandidaten bevraagd worden of ze de functie willen invullen. Indien er meerdere kandidaten zijn, wordt iemand gekozen op basis van een vergelijking van titels en verdiensten. Maar bij lagere functies is dit risicovol want ze hebben meestal geen sterk gedetailleerd uitgeschreven CV. Volgens Dienst Toezicht Personeel van ABB is daarom best om gewoon de rangorde van het examn te nemen voor de invulling van de functies.
De medewerkers worden heraangesteld in de nieuwe functie middels een aanstellingsbesluit én hun huidige overeenkomst wordt in onderling akkoort beëindigd en ze krijgen een nieuwe (identieke) overeenkomst. De gehele groep kan op die manier ineens gereguraliseerd worden.
Hierdoor komen deze medewerkers in aanmerking voor bevordering en interne mobiliteit conform art. 69 §2 en art. 75 §2 BVR RPR-G (art. 63 §1 en art. 69 §1 BVR RPR-O).
De medewerkers die in de rangorde voor de eerste kandidaat staan, kunnen op de hierboven manier geregulariseerd worden. De rest moet wachten. Bij een vacante functie moet de externe kandidaat bevraagd worden. Ongeacht of hij verzaakt dan wel aanvaardt, kan de volgende groep interne medewerkers geregulariseerd worden.
Artikel 270 Gemeentedecreet
§1. Over de volgende aangelegenheden kunnen de gemeentelijke overheden alleen beslissen als ze vooraf zijn voorgelegd aan het advies van de raad voor maatschappelijk welzijn:
1° het vaststellen of wijzigen van de rechtspositieregeling van het personeel, voorzover de desbetreffende beslissingen een weerslag kunnen hebben op de budgetten en het beheer van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn;
2° het oprichten van nieuwe diensten of instellingen met een sociale doelstelling en de uitbreiding van het bestaande.
De raad voor maatschappelijk welzijn brengt het advies, vermeld in het eerste lid, uit binnen een termijn van dertig dagen na de ontvangst van de ontwerpbeslissing. Bij gebrek aan kennisgeving van het advies aan de gemeente binnen de voorgeschreven termijn kan aan het adviesvereiste worden voorbijgegaan.
De raad keurt de aanpassing van artikel 25 van de rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel goed waardoor de vacantverklaring van een werfreserve voor toekomstige functies wordt mogelijk gemaakt.
Raadslid Bart Breugelmans vindt het hele gegeven rond het vragenhalfuurtje vreemd. Dit dwingt CD&V in een spagaathouding. De vragen van de burger staan zeer uitgebreid in het verslag al blijft moeilijk dat raadsleden mogen "horen" "zien" en daarna "zwijgen". Zij vinden dit spijtig. Wat betreft de hele discussie over mondelinge vragen en verslag van raadscommissie, hierbij vraagt hij of het niet mogelijk is om dit in het verslag toe te voegen. Het gegeven dat dit spaak loopt op technische redenen, vinden zij niet kunnen. Het feit dat er terug één gemeenschappelijke commissie is, was een voorstel van CD&V in 2013, zegt hij. Toen werd dit niet weerhouden, nu wel. Daarnaast is ook de interpellatie opnieuw ingevoerd. Dit vinden zij mooi meegenomen. Het geeft het idee dat men op de goede weg is. Toch vinden zij dat het beter zou kunnen en zij zullen zich daarom onthouden.
Burgemeester Koen Metsu zegt dat alles inderdaad heel uitvoerig besproken werd tijdens de commissie. Hij wil even terugkomen op het idee van 1 commissie. Dit idee van 1 commissie komt van het bestuur zelf, want voorheen bestonden er zelfs 3 à 4 commissies. Echter indien er zoals nu een drukke agenda is, is men overgestapt naar 2 gezamenlijke commissies. Verder voegt hij toe dat het huishoudelijk reglement kaderde in het eindwerk van Inge De Schepper en hij vraagt hiervoor een klein applaus.
Raadslid Wim Verrelst merkt op dat hij het een enorm gemis vindt dat het reglement tijdens de commissie steeds besproken wordt in afwezigheid van de voorzitter.
Voorzitter Philippe Muyters zegt hierop dat hij blij is om te moeten vaststellen dat hij gemist wordt.
Het gemeentedecreet bepaalt welke aangelegenheden de raad in het huishoudelijk reglement minimum dient te regelen. Ook andere onderwerpen aangaande de werking kunnen hierin opgenomen worden.
Na evaluatie is gebleken dat er voor de praktische werking de nodige aanpassingen dienden gedaan te worden.
Zeker nu onze gemeente meer digitaal is gaan werken met het E!besluit programma.
Artikel 40 van het gemeentedecreet
Dit artikel bepaalt de verplichting van een huishoudelijk reglement voor de gemeenteraad.
Raadsbesluit van 18 februari 2013
Het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad voor de legislatuur 2013-2018 wordt goedgekeurd.
De raad keurt het nieuwe huishoudelijke reglement voor de gemeenteraad goed en het oude reglement wort opgeheven.
De gemeente ontving een uitnodiging voor de jaarvergadering op 29 juni 2015 van de intercommunale Farys TMVW.
Artikel 42, $1 van het gemeentedecreet
De gemeenteraad is bevoegd voor alle onderwerpen van gemeentelijk belang.
Raadsbesluit van 23 maart 2015
Met ingang van 1 april 2015 treedt de gemeente Edegem toe tot de divisie aanvullende diensten van Farys, volgens de modaliteiten vastgelegd in de statuten van de Farys en volgens het toetredingsdossier.
De raad keurt de afgevaardiging van de gemeente Edegem in de intercommunale Farys TMVW van de hierna vermelde raadsleden en/of schepenen aangeduid voor de legislatuur 2013-2018 in de algemene vergadering goed:
De raad hecht goedkeuring aan de herbevestiging van de afvaardiging van raadslid René Janssens als lid voor het directiecomité voor aanvullende diensten van de intercommunale Farys TMVW voor de legislatuur 2013-2018.
De raad keurt de agenda van de jaarvergadering goed, die er als volgt uitziet:
De raad mandateert de volmachtdrager van de gemeente in de algemene vergadering en deze wordt opgedragen het stemgedrag af te stemmen op de beslissingen van de gemeenteraad.
De gemeente ontving een uitnodiging voor de jaarvergadering op 29 juni 2015 van de intercommunale Farys TMVS.
Artikel 42, $1 van het gemeentedecreet
De gemeenteraad is bevoegd voor alle onderwerpen van gemeentelijk belang.
Raadsbesluit van 23 maart 2015
Met ingang van 1 april 2015 treedt de gemeente Edegem toe tot de divisie aanvullende diensten van Farys, volgens de modaliteiten vastgelegd in de statuten van de Farys en volgens het toetredingsdossier.
De raad keurt de agenda van de bijzondere algemene vergadering goed, die er als volgt uitziet:
De raad mandateert de volmachtdrager van de gemeente in de algemene vergadering en deze wordt opgedragen het stemgedrag af te stemmen op de beslissingen van de gemeenteraad.
Raadslid Gerd Tahon geeft een korte toelichting over agendapunt 31 en 32 samen. In de bijzondere algemene vergadering van 25 juni van Water-link staat een statutenwijziging op de agenda die alles te maken heeft met de invoering van de vennootschapsbelasting voor de intercommunales vanaf 2015 waardoor de reserves vanaf uitkering belast worden aan 34 %. Er is het voorstel tot uitkering van de opgebouwde reserves als dividend aan de vennoten en om het geheel te gebruiken voor een kapitaalsverhoging naar 190,2 miljoen EUR. De nominale waarde van het aandeel verhoogt dan naar 1 585 EUR. Op de algemene vergadering van 25 juni ligt er het voorstel tot uitkering van een dividend ten bedrage van 20,9 miljoen EUR met spreidingsplan over 5 jaarlijkse schijven voor. Om dit te laten doorgaan moet er aan voorwaarden voldaan zijn nl 1. de beslissing van de rulingcommissie aan wie de geplande transactie is voorgelegd moet positief zijn 2. alle deelnemende vennoten moeten unaniem akkoord gaan om het verkregen dividend ook daadwerkelijk opnieuw in te brengen in het kapitaal. En dan is er nog de mogelijke reparatiewet waarin de regering een uitzondering zou maken voor de invoering van de vennootschapsbelasting voor intercommunales die waterdistributie verzorgen. In dat geval zou er dan geen ruling meer nodig zijn. Gevolg is dat de jaarrekening zal worden goedgekeurd onder voorwaarden.
Op 26 maart ontving onze gemeente een uitnodiging voor de algemene vergadering van 25 juni 2015.
Artikel 44 van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, gewijzigd bij decreet van 18 januari 2013
Regelt de samenstelling van de vertegenwoordigers, de vaststelling van hun mandaat en de bepalingen volgens welke er kan vergaderd worden.
De raad keurt de agenda van de algemene vergadering goed, die er als volgt uitziet:
De volmachtdrager van de gemeente, raadslid Sien Pillot als effectief lid en schepen Birre Timmermans als plaatsvervangend lid in de algemene vergadering, worden gemandateerd het stemgedrag af te stemmen op de beslissingen van de gemeenteraad.
Dit agendapunt wordt samen behandeld met agendapunt 31.
Op 26 maart 2015 ontving onze gemeente een uitnodiging voor de buitengewone algemene vergadering van 25 juni 2015.
Er wordt uitzonderlijk 144 686 063 EUR als uitzonderlijk dividend uitgekeerd. Deze 144 686 063 EUR aan reserves en resultaat 2014 integreert in het maatschappelijk kapitaal waardoor het kapitaal verhoogt van 45 513 937,54 EUR naar 190 200 00,00 EUR.
Hierdoor zijn er voor de gemeente Edegem geen kosten aan verbonden.
Verder is er naar aanleiding van het voorgaande een statutenwijziging waarbij artikel 6 van de statuten wordt gewijzigd.
De bestaande tekst van artikel 6 wordt integraal vervangen als volgt:
“De A-aandelen, toegewezen aan de deelgenoten aan de watervoorzieningsactiviteit, vertegenwoordigen het vaste gedeelte van het kapitaal.
Het vaste gedeelte van het maatschappelijk kapitaal is bepaald op 190 200 000 EUR en wordt vertegenwoordigd door 120 000 A-aandelen met een gelijke nominale waarde van 1 585 EUR per aandeel.
Artikel 44 van het decreet van 6 juli 2001 houdende de intergemeentelijke samenwerking, gewijzigd bij decreet van 18 januari 2013
Regelt de samenstelling van de vertegenwoordigers, de vaststelling van hun mandaat en de bepalingen volgens welke er kan vergaderd worden.
De raad keurt de agenda van de algemene vergadering goed, die er als volgt uitziet:
De volmachtdrager van de gemeente, raadslid Sien Pillot als effectief lid en schepen Birre Timmermans als plaatsvervangend lid in de algemene vergadering, worden gemandateerd het stemgedrag af te stemmen op de beslissingen van de gemeenteraad.
Raadslid Jan Pszeniczko wil graag dat er even nagekeken kan worden hoe men het snoeien van bomen kan aanpakken. De hoge takken belemmeren de toegankelijkheid voor renovatiewerken aan huizen.
Raadslid Bart Breugelmans wil graag weten waarom er na jaren deelname aan 'Belgerinkel naar de Winkel' uitgestapt wordt. Hij wil hierover graag meer uitleg.
Raadslid Wim Verrelst heeft een vraag over het speelterrein aan 't Forum. Er werd een sticker gekleefd die het speelreglement herziet. Hij wil weten of dit van het bestuur komt.